Vrijdag 03/04/2020

Opinie

Met honger naar bed: wat mijn zoon van zes en ik doormaakten in een Amerikaans detentiecentrum

Een vrouw in het detentiecentrum waar de anonieme auteur twee maanden lang verbleef met haar zoontje, in Artesia, New Mexico. Beeld AP

De auteur wenst anoniem te blijven omdat zij en haar familie in de Verenigde Staten en El Salvador door benden worden bedreigd.

In 2014 kwam ik uit El Salvador naar de VS, op zoek naar veiligheid voor mijn zoontje en mezelf. In plaats daarvan werden we opgesloten in een detentiecentrum voor gezinnen. Het is een ervaring die ik niemand toewens.

Ik moest mijn land ontvluchten omdat mijn familie en ik gevaar liepen. Toen ik een tiener was, waren mijn vader en ik getuige van een moord door plaatselijke bendeleden. In 2005 werd mijn vader vermoord omdat hij tegen de daders had getuigd. Ik werd ook bedreigd, tot de zaak geklasseerd werd en ze mij met rust lieten. Maar jaren later kreeg ik opnieuw bedreigingen. Ik besloot dat ik met mijn zoontje en mijn zus van 16 jaar naar de Verenigde Staten moest vluchten, waar ze ons niet gemakkelijk zouden vinden. Als we in El Salvador waren gebleven, hadden ze ons allemaal vermoord.

Vervallen eten

Aan de grens werden we opgepakt en twee maanden opgesloten in een detentiecentrum in Artesia, New Mexico, dat door een privébedrijf werd uitgebaat. De omstandigheden waren er verschrikkelijk. Het eten was vaak vervallen, de melk was zuur, we kregen geen tussendoortjes voor de kinderen. Als we eten spaarden voor de kinderen, werd het ons afgenomen uit angst voor ratten in de slaapzalen. Kinderen gingen hongerig naar bed. Buiten de maaltijden konden we alleen water krijgen door het aan de bewakers te vragen. Soms brachten ze niets. Het water dat we wel kregen, maakte ons ziek.

Het was geen plaats voor mensen, laat staat voor gezinnen met kleine kinderen. Als kinderen ziek werden, duurde het dagen voor er een dokter kwam. Toen de moeder van een meisje met astma de bewakers zei dat haar kind medische hulp nodig had, kreeg ze te horen dat ze daar maar aan had moeten denken voor ze naar de Verenigde Staten kwam. Een andere moeder vroeg een dokter voor haar zoon, maar die kwam nooit. Ze werd gedeporteerd en het kind stierf enkele maanden later.

We mochten de kinderen niet mee in bed nemen, zelfs niet de kleintjes die hun moeder nodig hadden om zich veilig te voelen. Deportaties gebeurden meestal in het holst van de nacht, met zaklampen die ons wakker maakten. Tot we het allemaal samen eisten, kregen we geen juridische bijstand om ons over onze rechten te informeren of ons door het asielproces te helpen. Veel vrouwen werden gedeporteerd zonder een rechter te zien, omdat ze onder druk uitzettingspapieren hadden getekend.

Spelletjes

De weerslag op onze kinderen was onmiskenbaar. De kleinsten begrepen niet waarom ze werden opgesloten. Hun spelletjes gingen altijd over de gevaarlijke reis die ze hadden gemaakt om naar hier te komen, met personages als de ‘coyotes’ (mensensmokkelaars), ‘la migra’ (de grenspolitie) en immigratierechters. Het detentiecentrum werd hun hele wereld. De kinderen die oud genoeg waren om te begrijpen wat er gebeurde, konden het moeilijk verwerken. Ik heb verhalen gehoord over tieners die zichzelf van het leven trachtten te beroven.

Mijn zoon, die nu tien jaar is, praat zelden over zijn ervaring, zodat ik niet weet hoe diep ze hem heeft aangetast. Maar sinds zijn vader door de immigratiedienst is opgepakt, begint hij zich dingen te herinneren – en te piekeren. Hij vraagt voortdurend of zijn vader nu wordt behandeld zoals wij dat werden. Ik weet niet wat ik moet antwoorden, want ik herinner me wat wij hebben doorgemaakt.

Mijn zus heeft ook onder de detentie geleden. Ze geraakte in een diepe depressie en heeft nog altijd constant psychiatrische hulp nodig. Andere kinderen die ik van het centrum ken, zijn duidelijk getraumatiseerd, bang van de politie en altijd bezorgd dat ze terug zullen moeten. Ze weten nog wat het was: een gevangenis.

Gevangenisstraf

Na de golf van verontwaardiging over de scheiding van gezinnen onder zijn ‘nultolerantiebeleid’, wil president Trump gezinnen voor onbeperkte duur in immigratiecentra opsluiten. Dat is geen oplossing, het is een gevangenisstraf. De regering moet stoppen met het vervolgen van ouders die doen wat alle ouders doen: hun kinderen beschermen en voor hen zorgen. Mensen die gevaarlijke situaties ontvluchten, moeten de kans krijgen om in de VS veiligheid te vinden.

Mijn asielaanvraag is nog in behandeling. Maar asiel zal mijn angst niet wegnemen. Mijn moeder is nog in El Salvador en ik zal nooit terug kunnen. Nu zijn we gelukkig ergens waar mijn zoon veilig is en goed wordt verzorgd. Maar ik zal nooit die twee maanden vergeten toen dat niet zo was.

© The New York Times

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234