Donderdag 20/02/2020

OpiniePhilippe Van Parijs

Make Belgians proud again! Met een diepgaand debat over de toekomst van de staatsinstellingen

Beeld BELGA

Philippe Van Parijs is filosoof aan de UCLouvain en de KU Leuven.

Vorig jaar bezocht ik een dorpsschool in India, op zo’n 100 kilometer ten noorden van Hyderabad. Er werd me gevraagd uit welk land ik kwam. Ik verwachtte de reactie: ‘Where is that?’, maar kreeg te horen: ‘Oh yes. Flanders, Wallonia, Brussels and the German-speaking Community’. Ze waren zelfs op de hoogte van de gewaarborgde vertegenwoordiging van de Nederlandstaligen in Brussel. Verklaring: een lange sectie in hun Social Studies-handboek vergelijkt, onder de titel ‘Belgium and Sri Lanka’, een verstandige en een naïeve manier om een democratie te organiseren in etnisch versnipperde landen. Conclusie: als Belgen minder geneigd zijn elkaar te vermoorden dan Sri Lankanen, is dat niet dankzij de zachtheid van hun hormonen, maar dankzij de wijsheid van hun instellingen.

Proud to be Belgian? Op dat moment wel een beetje. Vandaag iets minder, nu we weer vastzitten in eindeloze onderhandelingen voor de vorming van een federale regering. Hoe komen we daaruit? Moet de regering ruimte bieden aan de grootste partij van het land? Dat hangt af van de voorwaarden die ze stelt en van de houding die ze aanneemt. Als de regeringsdeelname van die partij een – onvermijdelijk rommelig – akkoord vergt over een nieuwe staatshervorming, als ze er niet naar streeft het land zo goed mogelijk te besturen maar zo goed mogelijk te bewijzen dat het onbestuurbaar is, moet het antwoord nee zijn. In dat geval hoeven de aarzelende partijen geen scrupules te hebben om in een regering te stappen die in hun gewest geen meerderheid heeft. Dan is dat zelfs hun morele plicht.

Als de meningsverschillen evenwel niet over de instellingen gaan maar over het te voeren beleid, en als de wil aanwezig is om tijdens deze legislatuur het belang van het hele land te dienen, dan kan het antwoord ja zijn. Ook mensen die zeggen en zelfs denken dat ze het over niets eens zijn, zijn het in werkelijkheid eens over miljoenen zaken waarover niets gezegd hoeft te worden. Toch zijn er onverzoenbare beloften, waarmee de te alliëren partijen campagne hebben gevoerd. Die kunnen ze niet te snel loslaten omdat ze het vertrouwen van hun kiezers willen blijven verdienen, en omdat ze niet het slachtoffer willen worden van een meedogenloze concurrentie met partijen die comfortabel in de oppositie kunnen blijven. Natuurlijk zullen de uiteindelijke toegevingen onvermijdelijk betekenen dat volgens elke partij het beleid slechter is dan wanneer ze alleen had kunnen beslissen. Maar compromissen die zorgen dat een groter deel van de bevolking achter de regering staat, zijn niet per se oneervol. Ze getuigen juist vaak van ware moed.

Kiezers samenbrengen

In geen van beide hypotheses mag een regeerakkoord zonder staatshervorming een diepgaand debat over de toekomst van de staatsinstellingen blokkeren in een land dat daar hard aan toe is: het moet dat debat juist losmaken. Dat de nieuwe regering zo’n debat faciliteert, mag zowel de N-VA terecht verwachten als ze een coalitiepartner wordt, als de partijen die het risico nemen in een regering zonder N-VA te stappen.

Het voorstel van de N-VA voor een binair confederalisme zal deel van zo’n debat moeten zijn. Het wordt nu voorgesteld als een alternatief voor de splitsing van het land, niet als een manier om die te versnellen, en bovendien als een model waaruit alle delen van het land voordeel zullen halen. Maar degenen die dat confederalisme verdedigen, moeten beter op bezwaren kunnen antwoorden dan tijdens het debat van Re-Bel in december vorig jaar: gelijk respect voor de volkeren van onze drie gewesten, het faillissement van Wallonië als gevolg van de defederalisering van de publieke schuld, een verscherping van de confrontatie tussen de twee gemeenschappen.

België tot een confederatie transformeren is gelukkig niet het enige voorstel om onze instellingen te saneren. Ik heb er zelf een aantal geformuleerd in Belgium. Een utopie voor onze tijd (Polis, 2018, nu ook gratis beschikbaar op www.rethinkingbelgium.eu). Maar veel andere wachten slechts tot de tijd rijp is om serieus aan bod te komen. 

Naast de vorming van een federale regering die aan de slag kan, is er nood aan een groot initiatief dat kiezers van alle partijen samenbrengt. Belangrijk is dat dit initiatief niet door politici wordt gegijzeld. Hun begrijpelijke tactische zorgen zouden van een open gedachtewisseling al snel een gespannen onderhandeling maken. Nog belangrijker is dat dit initiatief van bij de start Nederlandstaligen en Franstaligen betrekt om samen voorstellen uit te dokteren en te bespreken. Alleen zo mag men hopen tot voorstellen te komen die overal aanvaardbaar kunnen zijn.

Dat is een zware taak. Maar ze is van groot belang voor de toekomst van ons kleine stukje van de planeet – en niet alleen om als voorbeeld te kunnen blijven dienen in Indiase handboeken. Make Belgians proud again? Yes, we can. En als de politici daar niet in slagen, moet de burgergemeenschap in actie komen. Wie doet mee?

Philippe Van ParijsBeeld Photo News
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234