Donderdag 28/05/2020

Opinie

Lezers reageren: "Eigenaardig om euthanasie een therapie te noemen"

Het psychiatrisch ziekenhuis UPC Sint-Kamillus in Bierbeek. Verzorgingsinstellingen van de Broeders van Liefde zoals deze laten nu euthanasie voor niet-terminale patiënten toe.Beeld tim dirven

Regelmatig leest u hier een selectie lezersbrieven. Vandaag: lezers reageren op het besluit van de Broeders van Liefde om euthanasie toe te staan.

Een tekst voor de papiermand bestemd

Op pagina 8 van de 'visietekst' van de Organisatie van de Broeders van Liefde (OBVL) over euthanasie staat te lezen: "De reden hiervoor is dat we enerzijds de therapeutische vrijheid van de arts willen respecteren, maar anderzijds ook met de grootst mogelijke behoedzaamheid willen omgaan met…"

En verder op pagina 9: "Niettemin behoudt de arts zijn of haar therapeutische vrijheid."

Het gebruik van de term 'therapeutische vrijheid' impliceert dat OBVL euthanasie beschouwt als therapeutisch en medisch handelen, hoewel euthanasie een eigenaardige 'therapie' is.

Fernand Keuleneer.Beeld foto: Jef Boes @ Intitials LA - assistent: Lisa Goethals

Ten eerste is het dan eigenaardig dat een 'therapie' er pas zou mogen komen op vraag van de patiënt. Gewoonlijk lijkt het me de arts te zijn die een therapie voorschrijft, of minstens aanbeveelt.

Ten tweede is het uitsluitend de arts die de geneeskunde beoefent en die samen met de patiënt de medische toestand en het medisch handelen beoordeelt. Derden kunnen daarin niet tussenkomen. Als een derde dat toch doet en zich tussen arts en patiënt opstelt, komt hij op of gaat hij over de rand van de onwettige uitoefening van de geneeskunde, en kan er dus sprake zijn van een strafrechtelijk sanctioneerbaar misdrijf.

Conclusie is dat de 'visietekst' interne tegenstrijdigheden bevat, waarvan het resultaat is dat er maar twee zinnen belangrijk en relevant zijn, namelijk die zinnen die stellen dat euthanasie binnen de therapeutische vrijheid van de arts valt. Al de rest is retoriek en mag de papiermand in. Of het wordt onwettige uitoefening van de geneeskunde.

Als intellectuele prestatie van één van de grootste zorgorganisaties in dit land kan dat tellen.

Uiteraard is euthanasie géén therapeutische handeling, en géén medische handeling, ook al wordt ze door een arts uitgevoerd. Het ligt niet in de natuur van de geneeskunde om intentioneel te doden, ook al is de dood uiteindelijk onafwendbaar. Daarom kunnen en mogen instellingen juridisch hun zeg behouden als het om de uitvoering van euthanasie gaat.

Spreken over 'therapeutische vrijheid' in verband met euthanasie is dus nonsens. Wie dat wel doet moet verder zwijgen en kan enkel aan de arts refereren.

Een dergelijke tekst publiceren is gênant.

Fernand Keuleneer, Advocaat

De 'bocht’ van de Broeders van Liefde

Het bestuur van de instellingen van de Broeders van Liefde hebben een grondige denkoefening gehouden over euthanasie in hun psychiatrische instellingen. Tot voor kort was euthanasie in hun instellingen verboden. Daar komt nu verandering in.

Bij zo'n oefening komt heel wat kijken. Vragen als: 'Wat is waardig leven?' of 'Welk mensbeeld wordt gehanteerd bij het toedienen van euthanasie?' kennen geen eenvoudig antwoord. De complexiteit van het thema vraagt dan ook om de nodige reflectie en nuance.

De vraag naar euthanasie moet zeker ernstig genomen worden. De uitzichtloosheid is een voedingsbodem voor het doodsverlangen, dat ook in bijbelverhalen niet vreemd is: 'Laat uw dienaar in vrede gaan' is een smeekbede om het leven dat geleefd wordt te mogen beëindigen. 

Wel moeten we zeer zorgvuldig omgaan met dergelijke vragen. Er wordt een proces in gang gezet dat resulteert in een onomkeerbaar ingrijpen in het leven van mensen. En dit niet alleen in het leven van de vrager, maar in het leven van al wie zich met hem of haar verbonden weten. In welke mate worden zij betrokken in het proces, dat vaak verengd wordt tot een arts-patiënt-gegeven? Het denken over euthanasie vraagt een grote zorg voor de kwetsuren die gepaard gaan met dergelijke situaties.

Hoever kunnen we als samenleving gaan in het verruimen van de mogelijkheid van euthanasie? Het bestuur van de Belgische instellingen van de Broeders van Liefde waren zich bewust van deze complexiteit. Ze passen zich niet zomaar aan aan de huidige mentaliteit of aan wat de wet zegt. Die euthanasiewet is oorspronkelijk geschreven voor fysisch lijden dat zich in een terminale fase bevond. In slechts één paragraaf wordt ook psychisch lijden behandeld dat zich niet in een terminale fase bevindt. 

Dit was voor het bestuur van de instellingen duidelijk onvoldoende. Het vorige standpunt botste op grenzen. Als de vraag kwam en euthanasie onvermijdelijk leek, werden ze gedwongen om de mensen extern door te verwijzen en de hulp en zorg uit handen te geven op een cruciaal moment. In de nota die nu is verschenen, pleiten ze voor een zorgvuldigheid in het behandelen van de euthanasievragen, zowel inhoudelijk als procedureel. De voorwaarden die in de wet staan, zijn verfijnd en geconcretiseerd. 

Het zou dan ook een merkwaardige beweging zijn om maanden op weg te gaan met mensen met een doodsverlangen om dan op het einde de stap niet mee te zetten. Het is onder andere die idee, samen met de veranderende houding ten aanzien van euthanasie in de maatschappij, dat de instellingen van de Broeders van Liefde deze 'bocht' hebben genomen.

Ze zijn niet over een nacht ijs gegaan, hebben de voorwaarden goed overwogen en genuanceerd en gaan in hun zorg voor mensen tot het einde mee. Ook het openbreken van de individuele arts-patiënt-relatie, door het betrekken van familie en het hele zorgteam, en de evaluatiecommissie getuigen van het valoriseren van de euthanasievraag én van een zorg voor het geheel van nabestaanden. We kunnen alleen maar hopen dat bij dergelijk delicaat thema de zorgvuldigheid van de reflectie over de waardigheid van de mens op meerdere vlakken wordt meegenomen.

Lea Verstricht, theoloog en vormingswerker voor pastores

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234