Vrijdag 06/12/2019

Meningen

Laten we onze kinderen terug doen lezen, laten we voorlezen

Sihame El Kaouakibi Beeld BELGA

Sihame El Kaouakibi is Vlaams Parlementslid namens Open VLD

Dat taal emancipeert, weten we hier in België en Vlaanderen allemaal. De geschiedenis leert ons dat een taal die verdrukt wordt, onderdrukte mensen kweekt. De gedeelde geschiedenis leert ons ook dat wie taal aanbiedt als een schild, de mensen vrijmaakt. Wie zich een taal eigen maakt, kan ook voor zichzelf spreken, wie voor zichzelf kan spreken wordt uiteindelijk ook gehoord. Het zijn die principes die mee aan de wieg hebben gestaan van België en later ook bij die van Vlaanderen.

In mijn eigen levensloop heeft taal altijd een bijzondere rol gespeeld, het heeft me de passie van het onderwijzen gegeven, de daarop volgende ervaring in het veld heeft me doen inzien dat taal als stuwmiddel een grenzeloos potentieel heeft. ‘Onderwijzen, educatie, emancipatie,...’ We vergeten het al te vaak maar lezen en voorlezen is zowat de meest intieme vorm van onderwijzen die er bestaat, het draagt een context over, het maakt taal levendig en kleurrijk en geeft de leefwereld van een kind de magische kick-start die het nodig heeft. Kinderen leren dat ze niet alleen kunnen lezen, schrijven en spreken, ze leren ook dat ze kunnen denken, dat ze kunnen vragen, maar vooral, dat hun gedachten waardevol zijn.

Dankzij mijn mentor Marleen van Ouytsel, die mij in mijn tijd aanzette om toch die onderwijsdroom waar te maken, heb ik op de Zomerschool mogen proeven van wat het betekent om die taalkatalysator te mogen zijn. Als je kinderen ziet binnenkomen die onzeker zijn, die gepest worden, die zich eigenlijk niet anders kunnen uitdrukken dan met die vragende ogen, die schreeuwen dat ze wel willen maar dat het niet lukt, dan bloedt je hart. Het zijn dan van die initiatieven zoals de Zomerschool, Meters & Peters, voorleesouders, de boekenkaravaan en vele anderen, die met deze kinderen aan de slag gaan. Het zijn vrijwilligers, burgers, moedige empathische mensen die zelf ondernemen en de taak op zich nemen daar waar het beleid achterop hinkt of te hardvochtig filtert. Het zijn de mensen zélf die de onbedoelde schade van het beleid opvangen. Het is ‘the right to challenge’ die ontstaat uit empathie, uit de wil om te emanciperen.

Het gelijke taalkansen beleid faalt in haar effecten, ondanks onze historische fascinatie met taal blijven we taalachterstand eenzijdig, bijna blind dogmatisch behandelen. Taalachterstand zou als noodzakelijke oorzaak hebben dat men de taal thuis niet spreekt of dat men als nieuwkomer niet de correcte leerwil of leeromgeving heeft. Deze benadering en visie neemt elke emancipatorisch effect weg, men wordt achtergesteld omdat men er vanuit gaat dat tijd, focus en afzondering de oplossing zal bieden. Door samen gezet te worden met anderen die de taal niet machtig zijn, voelt men zich niet alleen ànders, men wordt het ook. Het is het voorlezen, het één-op-één contact, het overbrengen van taal met gevoel voor de eigenheid van de ander, dat kinderen meeneemt in een wereld waar ze kunnen bouwen, waar ze aan de slag kunnen gaan met de weinige taalkundige bouwstenen die ze hebben én zo samen met de ander de isolatie muur kunnen afbreken en de eigenwaarde terug opbouwen.

Taalachterstand is géén zwakte, het is niet iets dat een absolute beperking uitmaakt. Al het onderzoek wijst er op dat kinderen hier het product zijn van een cascade aan externe onderdrukkende factoren. De woordenschat bij driejarigen van hoger opgeleide ouders is dubbel zo groot als de woordenschat bij deze kinderen van armere, lager opgeleide ouders. Het gebrek aan woordenschat zorgt voor een lagere nuance graad, een lager abstractie vermogen, een lager expressie gehalte, meer onzekerheid , meer storend gedrag, meer afgeleid zijn en minder betekenisvolle interactie.

Dit veelvoud aan gevolgen zorgt er voor dat tegen de leeftijd van vijftien jaar de meeste van deze taalkansarme kinderen hun kans op een hoger diploma zien gehalveerd worden. Als we kijken naar het onderzoek zien we dat de kosteloosheid van het onderwijs, de leerplicht, de studietoelagen en zélfs de taalbadklassen amper bijdragen tot het oplossen van die kansenongelijkheid.

Dit omwille van het feit dat de meerderheid van factoren ook exogeen is, ze vallen buiten het werkingseffect van de school als instituut.

Het beleid grijpt de facto eigenlijk niet in in die ongelijke ontwikkeling die zich afspeelt tussen de drie en vijftien jaar, de periode waarna meestal de schade jammer genoeg permanent blijft.

Het zijn de voorleesprojecten die in die bres springen, zij gaan de strijd aan met de stress, het gebrek aan stilte, de overmaat aan onzekerheid, de afwezigheid van de ouderlijke stem die voorleest in de taal van de buitenwereld. Zij nemen de rol op zich om de rugzak te vullen met de spreekwoordelijke culturele bagage, met het interactieve speelgoed en de ondersteunende contacten.

Het zijn deze projecten en deze mensen die ik een warm hart toe draag, zij zetten zich in om de sleutels te zijn in die momenten waarin een kind al jarenlang voor een gesloten deur staat, zij zorgen ervoor dat een kind terug een kind kan zijn, zij zorgen ervoor dat kinderen hun stem terug vinden.

Laten we terug dat emanciperende België en Vlaanderen zijn. Laten we onze kinderen terug doen lezen, laten we voorlezen. Laten we terug de tijd nemen om samen te zitten en elkaar mee te nemen in verhalen. Laten we de verhalenvertellers ondersteunen.

Het is nu Voorleesweek. Neem eens de tijd om te lezen, zet je in en deel je kennis, ergens zit een iemand dat uw blik op de wereld kan gebruiken.

Info: https://www.voorlezen.be

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234