Vrijdag 03/04/2020
Beeld DM

ColumnHilde Van Mieghem

Kontjes als jonge meisjes hebben ze! Daar breken hun venten ’s nachts hun tanden op, mochten ze die nog hebben

Hilde Van Mieghem heeft het druk, maar neemt tijd voor een gloedvolle blik achter de schermen van haar leven.

Drie seizoenen maak ik hier in Italië mee. Eerst was er de bonte kleurenpracht van de herfst toen ik begin november arriveerde. En hoewel het nog officieel winter is tot 21 maart, breekt ook de lente hier al door. Er zijn zelfs dagen waarop het kwik spelenderwijs tot 20 graden stijgt op de thermometer die aan de gevel hangt. Dan lijkt het alsof de zomer ook een kijkje komt nemen. Alsof ze alle vier – herfst, winter, lente en zomer – nieuwsgierig zijn naar de vrouw met het hondje in het huis op de heuvel.

Ik begroet ze alle vier uitbundig, en nu al helemaal, wetende dat het in mijn thuisland stormt. Gisteren kreeg ik een berichtje van mijn buurvrouw: ‘Hilde, je keukenraam staat open en het klapt voortdurend open en toe, het is hier aan het stormen, is er iemand in huis die het kan sluiten?’ Die is er.

En terwijl thuis mijn klepperende keukenraam gesloten wordt, kijk ik, liggend in het gras, met een triomfantelijke grijns naar onbekende plantjes en bloemetjes die uit de grond schieten. De knoppen al half­open waardoor lelieblanke, rode, gele en oranje blaadjes komen koekeloeren.

Ik maak er fotootjes van en stuur ze naar de vrouw die dit huis bezit en op haar manier een middeleeuwse heks is die elke plant, elk kruid kent als haar broekzak. De meest exotische namen verschijnen ter antwoord op het schermpje van mijn telefoon: Euphorbiaceae/wolfsmelk, Hepatica nobilis/leverbloempje, Pulsatilla vulgaris/wildemanskruid en daar voegt ze aan toe: ‘pulsare betekent bewegen, kloppen of schudden, omdat de bloemen door de wind op en neer slaan’.

Gemeen app ik terug: ‘Er ís geen wind.’

Met die namen dansend in mijn hoofd rijd ik naar Anghiari, het dichtstbijzijnde dorp, voor boodschappen en een goddelijke cappuccino op het terrasje van Caffè Garibaldi. Onderweg doe ik wat Glorissima, mijn kleindochter, deed toen we hier vorige zomer waren: vrolijk roep ik naar Mr. Wilson, mijn hondje dat achterin de auto zit: één cypresje, twee cypresjes, drie cypresjes. Na het 158ste komen we aan op het dorpsplein.

Eerst de boodschappen. Al na honderd meter door de steile straatjes en trappen die naar de hemel lijken te leiden, hijg ik als een oude blaasbalg. Genadeloos word ik voorbijgestoken door vrouwen die minstens 15 of 20 jaar ouder zijn dan ik. Geen zuchtje komt uit hun mond. Gestadig lopen ze, met in elke hand plastic tasjes vol met kaas, tomaten, basilicum, grissini en verse pasta, de steile helling op.

Ik kijk naar de stevige rondingen onder hun rokken. Wat moeten hun derrières hard zijn, bedenk ik. Kontjes als jonge meisjes hebben ze! Daar breken hun venten ’s nachts hun tanden op, mochten ze die nog hebben. En een liefdevol klapje op zo’n achterwerk bekopen ze vast met een verstuikte pols.

Jaloers kijk ik naar de billen van een stokoud vrouwtje terwijl ik puffend neerzak op het terras en een cappuccino bestel. Ik neem me voor om vanaf nu even stoïcijns en stil als zij de heuvels te beklimmen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234