Woensdag 20/11/2019

Place du Samedi

Kon Gainsbourg zingen? Cobain? Volgens sommigen niet, volgens mij wel

Beeld © RV

Marc Didden is schrijver en columnist bij De Morgen.

Toen Bob Dylan een half jaar geleden aankondigde dat hij bij het begin van dit rare nieuwe jaar een langspeelplaat zou laten verschijnen die Shadows in the Night ging heten en waarop hij parels uit het vroege repertoire van Francis Albert Sinatra zou herinterpreteren, werd ik al wat bang. Kameraad Zimmerman heeft wel vaker een goed idee dat al vlug een slecht idee blijkt te zijn, en Sinatra's versies van klassiekers uit het grote American Songbook worden door kenners, en zelfs door mij, toch ook niet voor niets beschouwd als zo goed als definitief.

Ondertussen blijkt mijn angst volledig ongegrond. Dylan heeft zich de tien songs op Shadows in the Night helemaal eigen gemaakt en geeft er samen met zijn vaste begeleidingsgroep en enkele blazers (géén strijkers) mooie, goed in het oor liggende lezingen van.

Wanneer Dylan 'Some Enchanted Evening' van Rodgers & Hammerstein brengt, doet hij dat precies zoals een schuchtere, sentimentele oude man dat zou doen, want dat is precies wat hij is.

Wanneer Irving Berlins 'What'll I Do' langskomt, doet Dylan dat niet zoals Sinatra -ook wel bijgenaamd 'het wonder van Hoboken' - hem dat jaren geleden al voordeed. Hij doet dat ook niet als Nat King Cole, Judy Garland, de zusjes McGarrigle of Julie London dat in enkele van de mij al bekende versies deden. Hij zoekt naar de diepe melancholie waarin dat lied over verloren liefde gedrenkt is. Hij zingt het met veel aandacht voor de even droevige als eenvoudige tekst, die vol tristesse en zelfmedelijden zit. Waar de boodschapper, meer een betraande clown dan een lijzige ladykiller, zingt van 'You must go your way, and I must go mine'. Een frase die we dus ook herkennen als een van de meest beklijvende uit Dylans eigen repertoire.

Na een beluistering of drie doet Shadows in the Night mij trouwens meer aan Charlie Chaplin dan aan Frank Sinatra denken. Sentiment en showbusiness op hoog niveau; dat is wat hier aan de gang is. Daar zijn de opgegraven parels als 'The Night We Called It a Day', 'Stay with Me' en 'Full Moon and Empty Arms' sprekende voorbeelden van.

De plaat zit bovendien ook nog in een voorbeeldig mooie hoes met aan de achterkant een portret (zie foto) van Dylan die in het gezelschap verkeert van een bijzonder goed door de natuur voorziene, mysterieuze gemaskerde dame die samen met hem een singletje van Sun Records aan het bestuderen is.

Op het internet wordt nu al druk gespeculeerd over welk singletje het hier zou gaan en vooral wie de betreffende dame zou kunnen zijn en waarom ze dat masker draagt.

Ikzelf heb wat vraag twee betreft een licht vermoeden dat in de richting van Wendy Van Wanten, Lisbeth Imbo of Hot Marijke wijst. Iemand uit mijn verre vriendenkring meent dan weer dat Mia Doornaert zich achter dat intrigerende masker schuilhoudt, maar na onderzoek door specialisten blijkt de barones aan geen enkel onderdeel van de omschrijving 'mysterieuze vrouw' te voldoen.

Ander leuk spelletje. Als u klaar bent met Shadows in the Night, ga dan eens achter uw zoekmachine zitten en diep wat oerversies op van de tien songs die op deze merkwaardige plaat staan. En stel dan vast dat Bob D. niet alleen op ontroerende wijze hommage brengt aan de songsmeden die tot de dag dat hij eraan kwam de Amerikaanse canon bepaalden, maar proef ook eens hoeveel hij van zichzelf in deze bloemlezing investeert. Geniet van zijn ongebreidelde kennis en inzicht, die hij al zachtjes tentoonspreidde in zijn bovenmenselijk goede radioprogramma The Time Hour. En het mag duidelijk zijn: onze grote blauwogige held is helemaal terug dankzij zijn eerbetoon aan die andere ol' blue eyes.

Wat me wel nogal op de zenuwen werkt, is hoe het in-ternationale gilde der pennenlikkers plotseling meende te moeten vaststellen dat de heer Dylan "als hij wil eigenlijk toch kan zingen". Dat heeft hij altijd gekund, dames en heren. Om dat te beseffen, moet u maar eens écht de moeite doen om naar 'A Hard Day's Gonna Fall', 'Masters of War', 'Lay Lady Lay', 'Sign on the Window', 'Just Like a Woman', 'Forever Young', 'Not Dark Yet' of 'Blind Willie McTell' te luisteren.

Beeld Karoly Effenberger

Bart Kaëll en Luc Steeno

U moet zich ook maar eens afvragen wat dat wil zeggen, 'kunnen zingen'. Is dat braaf nadoen wat de zanglerares voordoet? Wil dat zeggen dat je als een bezetene toonladders moet kunnen op- en aflopen? Wil dat zeggen dat je je stembanden moet kunnen laten wapperen als vaandels in de wind? Op eenvoudig verzoek je longen zo kunnen bespelen dat er uit je wijd opengesperde bek tsunami's van klank weerklinken ?

Als dát zingen is, dan zijn vrijwel alle deelnemers aan The Voice geweldige zangers. Dan zouden Bart Kaëll en Luc Steeno lichtende voorbeelden zijn voor bijna stemlozen als Dylan. Dan zou Helmut Lotti met voorsprong de allerbeste zanger van de hele wereld zijn. En dat is hij niet. Al mag ik hem zeer en hoop ik hem binnen afzienbare tijd vooral ook nog eens live 'Funiculi Funicula' te horen brengen.

Maar stel dat zingen nu eens iets anders was? Dat zingen gewoon een wonderlijk, maar moeilijk verklaarbaar fenomeen was waarbij ie-mand met zijn hersenen en zijn al dan niet beperkt binnenwerk ter hoogte van longen, strottenhoofd, tong en mond, een aantal door hemzelf of iemand anders ge-schreven woorden omzet in klanken? Klanken die ons betoveren, verleiden, verheugen, en die ons daarna eerder doen nadenken over wát er gezongen wordt en niet hoe.

Kon Gainsbourg zingen? Johnny Rotten? Cobain? Volgens sommigen niet. Volgens mij wel. Omdat 'kunnen zingen' in het geheel niet betekent dat de kandidaat-zanger(es) in staat is tot hoogstandjes van vocale gymnastiek. Wat het wel betekent? Dat die zanger(es) zich verstandig en dienstbaar opstelt tegenover een van de mooiste en toegankelijkste kunstvormen die er zijn: de song.

Op dat vlak heb ik de laatste weken ook mijn voordeel gedaan met twee werkstukken die nog net in mijn discotheek passen: de zeer fijne liedjescollectie Wintergras van Lieven Tavernier, een stille man die toch zo mooi zingt en schrijft over zijn Gent en tegelijk ook over de hele wereld. Wanneer hij het over het Emile Braunplein heeft, dan wilde ik gewoon dat ik daar ook meteen stond.

Ander magisch kleinood van de week is Thompson Family, een cd waarop, jawel, de hele familie Thompson (Richard, Teddy, Linda et les autres) haar liefde voor muziek en elkaar met de wereld wil delen. Touchant is daarbij de opener van Teddy, zoon van de legendarische Richard & Linda zelf, die onomwonden zingt en schrijft dat:

"My father is one of the

greats to ever step on

a stage

My mother has the

most beautiful voice in

the world

And I am betwixt and

between, Sean Lennon,

you know what I mean."

Slim, goed en grappig. Soms wou ik dat ik Teddy Thompson was.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234