Maandag 24/02/2020

Opinie

Kledingverboden bevrijden niet, ze betuttelen alleen maar

Het verbod op het dragen van de zogenoemde boerkini in openbare zwembaden ontneemt de vrouw het recht om zelf te beslissen, vindt Guido Vanden Wyngaerd.Beeld EPA

Guido Vanden Wyngaerd is professor Taalkunde aan de KU Leuven Campus Brussel.

Hoofddoeken, lange rokken, boerkini's, boerka's: allemaal zijn ze recent het voorwerp geworden van kledingverboden. Het parlement, steden, administraties en scholen vaardigen wetten, reglementen, en administratieve bepalingen uit. Vaak wordt daarbij als motivatie de emancipatie van de vrouw aangevoerd. In feite zijn kledingverboden zorgwekkende uitingen van een onderliggende islamofobie, die allerminst het vermeende doel bereiken van de emancipatie van de vrouw, integendeel: ze betuttelen de vrouw alleen maar.

Er is een zorgwekkend feitelijk monsterverbond ontstaan van extreemrechtse en progressieve krachten, die zich verenigd vinden in een antimoslim en anti-islamhouding. Dat monsterverbond zien we aan het werk in de kwestie van het boerkiniverbod in de Antwerpse stedelijke zwembaden. De rechtse N-VA-schepen van diversiteit Fons Duchateau vaardigt een verbod uit op de boerkini in stedelijke zwembaden omdat hij niet wil dat vrouwen zich moeten verstoppen. Een rechts en islamofoob discours vermomt zich als een discours voor vrouwenrechten, en dat discours gaat er als zoete koek in.

Om te beginnen bij het Centrum voor Gelijke Kansen, dat van oordeel is dat godsdienstvrijheid gaat boven gendergelijkheid. Het Centrum loopt regelrecht in de val die Duchateau gespannen heeft. Er is helemaal geen sprake van gendergelijkheid in een zwembad. Iedereen accepteert dat mannen en vrouwen zich anders kleden, en al zeker in een zwembad. Er is sprake van een kledingverbod, dat kleding wil verbieden omdat die bij de islam hoort, en dat verbod vermomt zich onder een vals discours van vrouwenrechten.

Of bij Claire Tillekaerts, die in een opiniestuk in naam van de rechten van de vrouw het boerkiniverbond verdedigt (DM 28/9). Haar vrijheid is bedreigd doordat vrouwen in een boerkini wensen te zwemmen om religieuze redenen, en dus moet de vrijheid van die vrouwen afgepakt worden.

Kledingverboden uitvaardigen voor vrouwen, en ze per reglement vertellen wat ze wel en niet mogen dragen, is een aanfluiting van vrouwenrechten. Zo dol is het zelfs geworden dat scholen een verbod uitvaardigen op te lange rokken. En zo worden in de naam van de emancipatie van de vrouw maatregelen goedgekeurd die de vrouw betuttelen, en haar de wezenlijke vrijheid ontnemen haar eigen beslissingen te nemen.

De bezorgdheid van mensen als Fons Duchateau voor de vrouwenrechten is een dekmantel, een schaamlap om het islamofobe discours acceptabel te maken in brede kringen. Ze is van dezelfde aard als de bezorgdheid van het Vlaams Belang voor vrouwenrechten en vrouwenemancipatie: ze komt alleen naar boven als er punten mee gescoord kunnen worden tegen de moslims. Voor de rest geeft het Vlaams Belang geen moer om vrouwenrechten. Of wie kan er zich een standpunt van het Vlaams Belang herinneren dat voor vrouwenrechten was (bvb. abortus, vertegenwoordiging van vrouwen op kieslijsten, in raden van bestuur, etc.), op een moment dat er geen anti-islamagenda speelde? En links en progressief Vlaanderen loopt er met open ogen in, want wie kan er nu tegen de emancipatie van de vrouw zijn?

Hetzelfde soort van monsterverbond zagen we aan het werk toen het Belgische parlement in 2011 haast unaniem het boerkaverbod goedkeurde. De enige tegenstem kwam van Eva Brems (Groen), onthoudingen waren er van Meyrem Almaci (Groen), en Zoé Genot (Ecolo).

Dat de emancipatiestrijd van vrouwen ooit ging over het zelfbeslissingsrecht van de vrouw om zelf te beslissen wat ze zou dragen (een korte of een lange rok, een broek, een beha of geen beha), is van geen tel. We hebben nu eenmaal beslist dat vrouwen die een hoofddoek, boerka of boerkini dragen onvrij zijn. Voor zover er wetenschappelijk onderzoek verricht is naar de correctheid van dat uitgangspunt, blijkt dit helemaal niet het geval te zijn. Eva Brems deed in 2010-2011 onderzoek bij 27 Belgische boerkadragende vrouwen, en vroeg hen hoe het zat met de dwang waaronder ze leden. Geen van de ondervraagde vrouwen zag de gezichtssluier als verplichting, en ze spraken er allemaal over in positieve termen, als iets wat hun vreugde bracht en trots, en gevoelens van vrijheid en innerlijke rust (DS 8/5).

Zou het mogelijk kunnen zijn dat de boerka niet steeds automatisch en vanzelf een teken is van de onderdrukking van de vrouw, maar een uiting van een diepreligieus gevoel? Zou men dat gevoel kunnen proberen te begrijpen, misschien door bepaalde gelijkenissen te zien met het diepe religieuze gevoel van jonge mensen die binnentreden in het klooster, en zich bekennen tot de kuisheid, de armoede, en de gehoorzaamheid? Die laatste keuze is in heel wat opzichten een stuk radicaler dan de beslissing tot het dragen van een boerka. Weinig gelovigen zijn nog bereid om ze te maken vandaag, maar stel dat iemand deze radicale keuze zou willen maken, moeten we hem of haar dan bevrijden van het juk van het geloof door in het parlement een wet te stemmen die dit zou verbieden? De gedachte zelfs maar formuleren toont meteen aan hoe absurd ze is. Net zo absurd is een wettelijk boerkaverbod.

Die sfeer van de algemene afkeer van een etnische en religieuze minderheid brengt ons terug naar de jaren 30. We denken graag dat we toen opgestaan zouden zijn tegen de jodenhaat. Welnu, het is vandaag de hoogste tijd dat we opstaan tegen de islamofobie, en opstaan tegen kledingverboden en andere maatregelen die de moslims van dit land viseren.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234