Donderdag 06/10/2022
Paul De Grauwe. Beeld DM
Paul De Grauwe.Beeld DM

ColumnPaul De Grauwe

Keren we terug naar de jaren 70, een decennium van hoge inflatie? Er zijn belangrijke verschillen

Paul De Grauwe is professor aan de London School of Economics. Zijn column verschijnt tweewekelijks.

Paul De Grauwe

Journalisten vragen mij regelmatig of we met de torenhoge inflatie die we vandaag kennen terugkeren naar de jaren zeventig van de vorige eeuw. Dat was een decennium van hoge inflatie (gemiddeld 8 procent gedurende 1973-’82 en pieken van meer dan 12 procent). Vandaag bedraagt de inflatie in België net geen 10 procent. Een rerun van de jaren zeventig?

Laten we het eerst hebben over de gelijkenissen tussen nu en toen. We hadden in beide periodes te maken met een aanbodschok. Toen was het een enorme stijging van de olieprijzen. Er was eerst een verviervoudiging van de olieprijzen in 1973 tijdens de Jom Kipoer-oorlog tussen Israël en Arabische staten. In 1979 kwam daar nog een flinke stijging bij, zodat van 3 dollar per vat in 1973 een vat olie een prijskaartje kreeg van 30 dollar in 1979. Een vertienvoudiging van de olieprijzen in zes jaar tijd.

Sinds 2021 zijn de olieprijzen ook flink gestegen. Die schommelden rond 50 dollar per vat in de periode voor de pandemie en bereiken vandaag een niveau van ongeveer 120 dollar per vat. Meer dan een verdubbeling dus. De gasprijzen zijn over dezelfde periode verdriedubbeld. Kortom in beide periodes hebben we te maken met stevige prijsstijgingen van olie en gas. Die aanbodschokken zorgden toen en vandaag voor een flinke stijging van de inflatie.

Tot daar de gelijkenissen tussen de twee periodes. Want er zijn ook heel grote verschillen. Om te beginnen de werkloosheid. De evolutie van de werkloosheid gedurende de jaren zeventig was echt dramatisch. In 1973 (juist voor de eerste olieschok) bedroeg de werkloosheid in België 1,8 procent van de actieve bevolking. In 1982 was 10 procent van de actieve bevolking werkloos geworden. Van 90.000 werklozen in 1973 steeg het aantal werklozen tot 620.00 in 1982. Een dramatische ontwikkeling.

Vandaag kennen we een heel ander probleem. De werkloosheid bedraagt ongeveer 6 procent van de actieve bevolking en daalt. Terwijl in de jaren zeventig een steeds groter aantal mensen geen baan vond, zijn het vandaag de ondernemingen die vacatures niet opgevuld krijgen.

Ook de budgettaire ontwikkelingen waren dramatisch verschillend. Heel snel na de olieschok van 1973 explodeerde het begrotingstekort. In 1973 was die ongeveer 3 procent van het bruto binnenlands product (bbp). In het begin van de jaren tachtig was die boven 10 procent van het bbp uitgeklommen. De overheidsschuld kende een gelijkaardig explosief karakter. Vandaag zitten we met een begrotingstekort van ongeveer 5 procent en de schuld, hoewel hoog, heeft eerder de neiging te dalen dan te stijgen. Het ziet er niet naar uit dat tekort en schuld eenzelfde explosieve ontwikkeling als in de jaren zeventig zullen kennen.

Vanwaar die verschillen? Er is om te beginnen de omvang van de schok: de olieprijsstijgingen in de jaren zeventig waren groter dan vandaag. Bovendien was de productie (het bbp) veel meer afhankelijk van fossiele brandstoffen dan vandaag. Om één euro bbp te realiseren hebben we vandaag minder dan de helft aan fossiele brandstoffen nodig dan toen. Dat heeft veel te maken met het feit dat in 1970 de industriële productie 40 procent uitmaakte van het bbp. Vandaag is dat nog nauwelijks 15 procent. Het gevolg was dat de olieschokken van toen de productie (en vooral de industriële productie) sterk deden dalen. Dat leidde tot een dramatische afbraak van de tewerkstelling, vooral in de industrie. Die fenomenen zijn vandaag afwezig, ook omdat de diensteneconomie in staat blijkt te zijn heel veel nieuwe jobs te creëren.

De economische en industriële afgang van de jaren zeventig maakten het haast onvermijdelijk dat de overheidsfinanciën sterk in het rood gingen. De werklozen en de bedrijven die over de kop gingen, konden niet zomaar aan hun lot worden overgelaten. Bovendien talmden de centrale banken te lang om de inflatie te drukken, uit vrees dat de diepe recessie nog intenser zou worden. Op de duur was dat een verkeerde keuze.

We zitten vandaag aan het begin van een inflatoire opstoot. Tot nu toe lijkt die niet tot dezelfde dramatische effecten te zullen leiden als in de jaren zeventig. Maar niets is zeker. We kunnen niet uitsluiten dat centrale banken te voorzichtig zijn in het bestrijden van de inflatie, te lang wachten en uiteindelijk verplicht zijn om de inflatie de kop in te drukken door maatregelen die een nieuwe recessie uitlokken. Toch blijf ik optimistisch. Centrale banken zijn vandaag onafhankelijk van de politiek. Dat waren ze niet in de jaren zeventig. Ze zullen volgens mij veel sneller reageren om de inflatie een halt toe te roepen. We keren niet zo snel terug naar de jaren zeventig.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234