Woensdag 28/10/2020

Recht van antwoordJean-Marie Dedecker

Jean-Marie Dedecker: ‘Journalisten zijn geen boekhouders meer van de waarheid, maar influencers ervan’

Jean-Marie Dedecker.Beeld BELGA

Jean-Marie Dedecker is partijvoorzitter van LDD en burgemeester van Middelkerke. Hij reageert op de brief die De Morgen-journalist Joël De Ceulaer hem schreef.

Beste Joël De Ceulaer,

Mijn lodderoog heeft mijn blik doen vallen op je schotschrift aan mijn adres op pagina 2 van de krant De Morgen van 18 juli onder de rubriek ‘Uitkijkpost’. Daarin begon je met op te merken dat er een curieus contrast is tussen mijn orale en mijn schriftelijke eloquentie. 

Het zal-door mijn prostaatleeftijd -wel aan de toenemende schemer in mijn hoofd te wijten zijn dat mijn snedigheid in de gesproken taal omgekeerd evenredig geworden is met mijn geschreven woordenschat, maar een column schrijven geeft me meer genot in bellettrie dan een oneliner in een politiek interview van gemiddeld 17 seconden. Het siert je scherpe geest dat je dit hebt opgemerkt, want - in tegenspraak met wat je insinueert - ben ik in 2020 nog maar twee keer uitgenodigd geweest aan de deugtafel van een of ander kletsprogramma, laat staan in Ter Zake of in De Afspraak. Ondertussen zijn er in de laatste zes jaar wekelijks al zo’n 300 van mijn schrijfsels verschenen op Knack.be. Ik heb er alle begrip voor dat je last hebt van opspelende schrijfnijd omdat een omhooggevallen judocus met één boekje ook meer exemplaren verkocht dan jij kon slijten met je ganse literair oeuvre, maar mijn leespubliek van de Lidl - zoals je het zo subtiel verwoordt - heeft blijkbaar diepere zakken dan de linksgedraaide quinoa-denkers van jouw biowinkel.

Ik heb ondertussen geleerd dat de beloning voor een journalist stilaan verworden is tot het gevoel belangrijk te zijn, macht te hebben over mensen en tot het pogen zaken mee te sturen. Geen boekhouders meer van de waarheid, maar influencers ervan. Maar als zelfverklaarde hogepriester van een postmoderne religieuze kaste die de waarheid in pacht heeft en de politieke correctheid als geloofsleer predikt, heb je het afzeiken van andersdenkenden daar bovenop ook nog tot kunst verheven. Leedvermaak om zo veel mogelijk te kwetsen met denigrerende en lamentabele opmerkingen, en zwelgend in gietijzeren zelfgenoegzaamheid. Eerder pogingen om je frustraathart wat te luchten dan doordachte analyses. 

De meeste van je slachtoffers blijven stilzitten als ze geschoren worden, maar als jij schrijft tel ik eerder de vullingen in mijn tanden. Mijn eigenwaarde laat ik immers niet meer bepalen door het doorgeschoten ego van een inktkoelie, tot spijt of jolijt van de pretletterbrigade. Ik heb inderdaad premier Wilmès een takkewijf genoemd omdat ze als Vlamingenhater hautain weigert te antwoorden op alle vragen over bijvoorbeeld de mondmaskerade en de verbranding van miljoenen mondkapjes waarvoor ze als toenmalig minister van Begroting verantwoordelijk was. Als volksvertegenwoordiger is het mijn verdomde grondwettelijke plicht om de uitvoerende macht te controleren, maar als dat initiatief van rechts komt of een Vlaams geurtje heeft, viseren pennenridders als jij liever de boodschapper dan de pyromaan.

Ik moet het erkennen, beste Joël, in subtiele vuilbekkerij ben jij een meester en voel ik mij nog een koorknaap. Vleesgeworden arrogantie kent geen fatsoen. Als karaktermoordenaar ken je hier te lande je gelijke niet. Elk (ave)rechtse politicus wordt in een schietkraam geplaatst die je dan vrij mag bekogelen, en elke linkse op een statiefje in een vitrinekast. Een bloemlezing uit de koosnaampjes die je wekelijks bezigt in je giftige brieven aan de goegemeente, behoort tot de canon van het betere scheldproza. Van kwakzalver, charlatan, brulboei, kloteknul, pispot tot het vileine Viktor Orbán van de Aldi voor Bart De Wever (je hebt blijkbaar iets met Duitse winkelketens). 

Bij elke noot van de Strangers, leuke Antwerpse bekroonde bejaarde barden, hoorde je het tromgeroffel van de Pruisen in het struikgewas. Je schaamtegrens ligt blijkbaar ver onder het waterpeil van de Schelde. Het is echter wel nog niet zo gortig als in het dameskapsalon van Twitter, waar ik onlangs nog “een vuile Vlaamse rat met een kankerteef” genoemd werd, maar ik heb een hekel aan potten die de ketels verwijten dat ze zwart zien.

Toch, sans rancune. Als je zin hebt in een lekker bakje koffie in plaats van je dagelijkse kopje vitriool of azijn, blijf je nog altijd welkom in mijn nederig stulpje aan de Noordzee. Mijn uitnodiging van 8 februari 2015 blijft nog altijd geldig, want het is niet de eerste keer dat je last hebt van chronische geldingsdrang op mijn kap. In de zilte zeelucht zou je je er eindelijk van kunnen vergewissen dat ik al mijn opiniestukken nog altijd eigenhandig met de vulpen schrijf. Soms wel uit de buik, maar altijd zonder buikspreker. Alhoewel… wat baten kaas en bril als de uil niet zien wil.

Ik wens je een acute aanval van gezond verstand in deze barre coronatijden.

Jean-Marie Dedecker

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234