Maandag 13/07/2020

OpinieDelphine Lecompte

Is de redneck de vijand van de zwarte man? Nee

Delphine Lecompte.Beeld © Stefaan Temmerman

Delphine Lecompte (1978) is dichter, punker, kluizenaar, en misfit. Haar jongste bundel heet Vrolijke verwoesting. Lecompte houdt van AC/DC, Warren Zevon, Humphrey Bogart, en Jack London.

Toen ik als kind met mijn grootvader naar westerns keek dweepte ik altijd met de indianen, nooit met de cowboys. De indianen waren wijs, sereen, spiritueel, charismatisch, zoveel kleurrijker en ongrijpbaarder dan de botte, spugende, vulgaire, corrupte, moonshine gulpende cowboys. Ik was een bange achtjarige bleekscheet in De Panne, maar het was mijn grote droom ontvoerd en geadopteerd te worden door een indianenstam. Het is nooit gebeurd.

Als puber raakte ik in de ban van Hank Williams, Conway Twitty, Waylon Jennings, en George Jones. Countrymuziek werd toen nog als erg fout en smakeloos aangezien, maar ik hield van de klagerige teksten; het zwelgen in zelfmedelijden, de epische melancholie gemengd met redeloze branie.

Mijn vader (in een van zijn zeldzame moralistische momenten) wees mij erop dat country schatplichtig was aan de blues; dat de witte man weer eens schaamteloos de zwarte man had beroofd. Ik ontdekte de blues, maar mijn hart was verknocht geraakt aan de lamentaties van de redneck-verschoppeling, de lelijkste en meest misprezen van alle verschoppelingen ter wereld.

We worden momenteel om de oren geslagen met Black Lives Matter: volkomen terecht, prachtig, hartverwarmend, en a long time coming. Toch zou ik graag een lans breken voor de redneck, die sombere maverick aan de oevers van de bayou, die over een kam wordt geschoren met white supremacists en andere crapuleuze racisten.

Hij heeft geen stem: vergeet Charlton Heston en Ted Nugent, de redneck is die meest misprezen gemarginaliseerde parel van het Zuiden, al te vaak weggezet als white trash of trailer trash, als incestueus zwijn in a rocking chair, gun toting, bible thumping, omgekeerde frietzak over het hoofd en brandende kruisen plantend in het laken van een spook.

Passie voor de Mississippi

Ik ga even een essentiële zijsprong maken: tien maanden geleden ben ik hartstochtelijk verliefd geworden op een voormalige vrachtwagenchauffeur met een hemeltergend laag pensioen en een grote passie voor de Mississippi. In zijn beschimmelde huurflat hangt een Confederate Flag, en een oud reclamebord van Jack Daniel’s, maar er hangen ook kitscherige prenten van jagende Indianen en van Buffalo Bill, en concertposters van AC/DC en John Fogerty.

De voormalige vrachtwagenchauffeur excuseerde zich voor die vlag toen ik voor het eerst zijn deerniswekkende hol betrad. Hij verzekerde mij dat hij de KKK verachtelijk vond en sprak geestdriftig over zijn grote droom om bloemen te leggen op het graf van Duane Allman van The Allman Brothers Band in Macon, Georgia. En hij sprak ook over zijn nog grotere droom om zich daar te vestigen in een hut met zijn dobro, met zijn zoon (die zijn liefde voor de redneckcultuur deelt), met een levenslange voorraad Southern Comfort, met een weglopende bastaardhond, en met een steeds terugkerende Southern Belle met Dolly Parton-memmen.

Uiteraard beseft de voormalige vrachtwagenchauffeur dat hij nergens heen zal gaan; hij zal in de Annuntiatenstraat te Brugge blijven zijn hersenen bedwelmen met Lynyrd Skynyrd en Cara-bier van de nachtwinkel om de hoek. En ik zal bij hem blijven, en de seks zal fantastisch blijven.

Samen met onze zwarte zussen

Terug naar BLM versus de redneck.

Is de redneck de vijand van de zwarte man? Nee. De redneck heeft geen vijanden, behalve dan de abstracte vijanden Korsakov, bitterheid, ontrouw (de hond, de vrouw), en armoede. Ik begrijp mijn witte zussen die samen met onze zwarte zussen (en broeders) mee protesteren tegen het walgelijke, veel te lang getolereerde politiegeweld. Getolereerd door de redneck? Nee. De redneck heeft geen macht, geen aanzien, hij is een paria, hij is onzichtbaar, een schimmelvlek.

De mannen die het politiegeweld tegen zwarten in stand hebben gehouden zijn de neoliberale meubelmagnaten, de racistische makelaars, de fascistische beleggers, en de bange schijterige misogyne upperclass essayisten (onder anderen).

Laten we zacht zijn voor de redneck, ook al heeft hij drie kinnen en een bierbuik, ook al is hij roze en afstotelijk als een schreeuwende zeug, ook al heeft hij een schommelstoel en een boontje voor Kid Rock (lees: Mike Pence), hij meent het goed.

Om te eindigen met de woorden van de weergaloze Jerry Lee Lewis: “They’re staring at me like a bug in a jar /  I’m just a redneck in a Rock ‘n’ Roll bar.”

Een onderdeel van de 'Summer Redneck Games' in Georgia in 2012: in trouwkleed in de modder duiken.Beeld EPA

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234