Vrijdag 14/08/2020
Delphine Lecompte.Beeld DM/Bart Hebben

ColumnDelphine Lecompte

Inwendig vrat ik mezelf op van jaloezie voor het meisje aan wie ‘Alice in Wonderland’ was gewijd

Delphine Lecompte (1978) is dichter, punker, kluizenaar en misfit. Haar jongste bundel heet Vrolijke verwoesting. Deze week verzorgt zij de zomercolumn.

Het was een droevig boek, mijn eerste boek. Het ging over Charlie Brown, hij was een uitstekende speller en op een dag mocht hij deelnemen aan de grootste spellingswedstrijd voor kinderen van het land. Zijn hond Snoopy was trots op hem. Er waren geen ouders. Het was een wereld zonder volwassenen, zoals het hoort.

Charlie had een sullig doch ontwapenend vriendje met een dekentje, er was een pedant meisje met zwarte krullen dat hem lastigviel, en ik meen me ook een blond wonderkind met een rode minipiano te herinneren. Het was een winteravond vol sterren en Charlie Brown had nog geen enkele fout gemaakt. Hij stond op het podium met een ander kind dat ook nog geen enkele fout had gemaakt. Toen moest Charlie Brown het woord ‘beagle’ spellen. Gemakkelijk, dacht iedereen, want Snoopy behoorde tot dat hondenras.

Helaas ging Charlie de mist in. Hij en ik waren ontroostbaar en we produceerden klaaglijke geluiden met onze mondharp; woorden waren tijdelijk de vijand geworden.

Maar een bladzijde verder zag ik Snoopy schaatsen en hij zei iets banaals in de trant van: “Het is het einde van de wereld niet.” Het had niet mogen werken, die dooddoener, maar door Snoopy’s caniene absurditeit op de gensters vonkende schaatsen en door de sterren als plukbaar vuurwerk aan de hemel werkte het wel.

Ik had net als Charlie Brown een hond, een dommige ingoede clowneske boxer, Fredo genaamd. Mijn eerste opstel ging over hem, en toen ik het opstel terugkreeg was het woord ‘boxer’ doorstreept. In de marge stond in het rood geschreven: bokser. Ik was razend en weigerde nog naar school te gaan. Mijn grootouders namen het op voor de schooljuffrouw en ik stak hun schommelstoel in brand. 

Uiteindelijk werd de bokserkwestie uitgesproken: een bokser is een man die op de kermis van Veurne verliest van een kangoeroe met bokshandschoenen, en een boxer is een aanhankelijke bullenbijter die met atavistische overgave de edwardiaanse commodes en Louis Quinze-zetels van zijn baasjes versiert met zijn lange taaie kwijlslierten.

Het boek over de beagle en de spellingswedstrijd is zoekgeraakt.

Een beetje later kreeg ik van mijn grootmoeder Alice in Wonderland. Het was wonderlijk, blasfemisch, krankzinnig, baldadig, macaber, en geniaal. Pas toen ik vijftien was vertelde een kregelige imker me over de pedofiele gevoelens van Lewis Carroll. Ik haalde mijn schouders op, maar inwendig vrat ik mezelf op van jaloezie voor het meisje aan wie het boek was gewijd.

Toen ik vijftien was, las ik vooral Ibsen, maar ik begreep nog niet veel van de seksualiteit en spitsvondigheid van zijn sterke sireneachtige vrouwen. Ik las zijn toneelstukken in de bibliotheek. Ik ging een jaar niet naar school. Mijn moeder zat in Avignon bij een katholieke poppenhersteller, en mijn vader schreef kinderliedjes voor zijn aaibare adoptiedochter die zwoel Turks oogde maar in het Rabot was geboren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234