Woensdag 17/07/2019

diversiteit

Integratie veronderstelt niet dat men meteen positief staat tegenover homoseksualiteit of een afkeer heeft van racisme

► De gaypride in Brussel. Integratie veronderstelt niet dat men meteen positief staat tegenover homoseksualiteit, schrijft Elchardus. Beeld Eric de Mildt

Mark Elchardus is professor emeritus sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel en opiniemaker bij De Morgen.

Er wordt steeds meer over diversiteit gesproken. Waardoor de indruk ontstaat dat de samenleving zienderogen diverser wordt. Superdiversiteit heet dat nu. Wartaal is dat.

Wie met enige aandacht de ontwikkeling van levenswijzen en opvattingen volgt, weet dat we evolueren naar meer eenheid, niet naar meer diversiteit. Dat geldt ook voor de mensen van wie wordt gedacht dat zij diversiteit belichamen, de zogeheten allochtonen. Vergelijkt men hun opvattingen met die van mensen in hun landen van herkomst, dan blijkt dat zij zich al terdege aan de Vlaamse en Belgische opinie hebben aangepast. Integratie werkt. Niet in de mate, noch met de snelheid die velen wensen, verre van, maar van het ontstaan van superdiversiteit is geen sprake, integendeel.

Mark Elchardus (28 november 1946) is een Vlaams hoogleraar sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel. Zijn onderzoek is gericht op de cultuursociologie en de sociologie van de tijdsordening. Hij kijkt daarbij naar de recente ontwikkelingen van opvattingen, houdingen en denkwijzen in uiteenlopende domeinen. Beeld Franky Verdickt

Trouwens, wie diversiteit in die specifieke betekenis gebruikt, verwart twee dingen: enerzijds de hoeveelheid verschillen die men kan tellen, anderzijds de mate waarin deze voor spanningen en conflicten zorgen. Soms hoort men burgemeesters opscheppen over de diversiteit van hun stad omdat er mensen van wel honderd verschillende nationaliteiten leven. Zij weten nochtans dat twee talen in één land voor meer spanning en conflict zorgen dan honderd talen in een stad.

Het risico dat diversiteit problematisch wordt, neemt geenszins toe met het aantal verschillende talen, nationale origines of levensbeschouwelijke groepen, maar met de mate waarin een heel beperkt aantal groepen van elkaar verschilt en die verschillen opblaast tot de essentie van de eigen identiteit. Diversiteit heeft voordelen voor wie er mee kan omgaan, maar dat vergt inzicht, inspanning en geduld.

Slechte wil en ons falen

Het is trouwens misleidend diversiteit zoals dat vandaag gebeurt, vooral of zelfs uitsluitend te beschouwen als een gevolg van verschillen in nationale origine of geloof. Als van diversiteit wordt gesproken, bedoelt men verschillen in opvattingen, houdingen, waarden, normen, leefstijl, etcetera. Deze kunnen verschillende oorzaken hebben. Laag- en hooggeschoolden verschillen daarin onderling meer dan bijvoorbeeld autochtonen en mensen van Marokkaanse origine.

Scholing en migratie beïnvloeden diversiteit wel op een verschillende manier. Mensen identificeren zich niet zo snel met laaggeschoold zijn. Zij doen dat onrechtstreeks, door zich bijvoorbeeld als 'gewone mensen' af te zetten tegen de elite.

Vele migranten en hun afstammelingen onderscheiden zich door hun geloof. Sinds de jaren 70, eerst in het Midden-Oosten en Noord-Afrika, wat later in Europa, werd precies de religieuze identiteit heel belangrijk voor moslims. Zij biedt velen van hen houvast en trots. Ook hebben vele moslims het vreselijke gevoel dat het Westen en Europa hun geloof willen vernietigen, terwijl een niet onbelangrijk deel van de autochtone inwoners van Europa vreest dat hun levenswijze door precies dat geloof wordt bedreigd. Leven met diversiteit komt vandaag grotendeels neer op de vraag: hoe overbruggen we die specifieke kloof?

Van jonge zelfbewuste mensen van Marokkaanse en Turkse origine hoor ik vaak: "Men wil dat wij de waarden en normen van deze samenleving aanvaarden, maar ik zou niet weten wat die zijn." Wie de grondwet leest, krijgt nochtans meteen een idee van wat die zijn. Wie onze grondwet vergelijkt met de wetgeving van de talrijke moslimlanden waar de doodstraf staat op geloofsafval, homoseksualiteit en overspel, zou de verschillen al wat scherper moeten zien.

Zo'n uitspraak getuigt van slechte wil, maar waarschijnlijk ook van ons falen. We maakten onvoldoende duidelijk aan welke waarden en normen nieuwkomers zich moeten aanpassen en waarom zij dat moeten doen. Neem die inmiddels bekende passage in het televisieprogramma De Afspraak, waarin rabbijn Aaron Malinsky en imam Brahim Laytouss het zo kronkelend moeilijk kregen met de vraag wat ze zouden doen als hun zoon homo zou blijken. Dat deed veel stof opwaaien; de twee heren en bij extensie hun geloofsgemeenschappen vingen kritiek.

Ten onrechte. Het is immers hun volle en te respecteren recht dat zij het persoonlijk moeilijk hebben met homoseksualiteit. De negatieve reacties op hun houding illustreren perfect het misverstand dat bestaat rond culturele integratie, net als de hypocriete wijze waarop velen over diversiteit peroreren.

De voorwaarden

Culturele integratie veronderstelt niet dat men meteen positief staat tegenover homoseksualiteit, een afkeer heeft van racisme of antisemitisme, voor abortus en euthanasie is, en vrouwen gelijk acht aan mannen. Op dat vlak zijn we nu eenmaal een diverse samenleving en is er ook heel wat variatie in de opvattingen van autochtonen.

De waarden en normen die een voorwaarde van integratie en zelfs van burgerschap vormen, zijn nu net deze die het mogelijk maken met dat soort diversiteit te leven. Die het vreedzaam en respectvol samenleven mogelijk maken van enerzijds mensen die in het licht van hun diepste overtuigingen vinden dat abortus en euthanasie en homoseksualiteit niet kunnen, en anderzijds mensen die op basis van even diepe overtuigingen van oordeel zijn dat het recht op euthanasie, abortus en seksuele voorkeur absoluut nodig is om waardig te kunnen leven.

Die bekwaamheid tot samenleven veronderstelt de aanvaarding van de principes van het secularisme: dat niemand de wet gebruikt om de eigen levensbeschouwelijk geïnspireerde normen aan anderen op te leggen, dat de overtuigingen van anderen respect verdienen, tenzij ze aantoonbaar een bedreiging vormen voor de medeburgers.

Dat is een moeilijk soort respect. Het komt gemakkelijker als men de eigen levensbeschouwelijke overtuiging niet superieur acht aan andere, als men de eigen religieus geïnspireerde normen niet per se in de publieke ruimte wil beleven, als men de eigen opvattingen niet als de enig geldende norm beschouwt, als men de basiswaarden van onze samenleving, zoals het gelijkheidsprincipe en de zelfbeschikking, aanvaardt.

Daarom moeten we streven naar minder diversiteit in die opvattingen en houdingen. Maar we moeten een onderscheid maken tussen enerzijds een voorwaarde van burgerschap, het aanvaarden van de principes van secularisme, en anderzijds het streven naar reductie van diversiteit.

Dat laatste doen we, gelukkig, ook, op twee manieren: positief door via het onderwijs en andere kanalen onze waarden te verspreiden, negatief door via de wet het gelijkheidsprincipe kracht bij te zetten en discriminatie op basis van ras, levensbeschouwing, geslacht, leeftijd, seksuele geaardheid en andere identiteitsbepalende kenmerken tegen te gaan.

En we boeken enig succes: diversiteit ja, maar binnen de perken... onze perken. Laten we die daarom niet al te eng maken en af en toe wat meer geduld opbrengen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden