Zondag 13/06/2021

Column

In mijn hoofd en hart galoppeerde nog steeds een opgejaagd paard

null Beeld DM
Beeld DM

Hilde Van Mieghem neemt de tijd voor een gloedvolle blik achter de schermen van haar leven.

Eindelijk rust. Ik breng mijn dagen weer door als Sneeuwwitje die weggevlucht is van haar boze stiefmoeder en over de zeven bergen bij de zeven dwergen woont. Ik vluchtte van een ander kwaad.

Mijn dwergen zijn dieren: mijn hondje Mr. Wilson, Witje, het reetje dat ’s ochtends vlak bij het huis staat te grazen met zijn mooie witte staartje, Stekeltje, de egel die zijn nestje vlak bij het huis heeft, Grootoog, een wijze uil die vanop zijn tak dwars door me heen kijkt, Wrat, een everzwijn dat ik vaak tegenkom op weg naar mijn toevluchtsoord na het boodschappen doen, Zimba, de witte herdershond die in zijn eentje de schapen hoedt terwijl zijn baasje in Arezzo werkt en woont, en ten slotte Langoor, een kanjer van een haas die Mr. Wilson en mij als een ijverige butler zigzaggend tot aan de voordeur begeleidt.

Na twee weken afwezigheid is het duidelijk dat het hen niets uitmaakt of ik er nu ben of niet, zij hebben geen mensen nodig. Ze kunnen perfect zonder. Ik begrijp hen.

Ook ik ben dolblij om weg te zijn van mijn tweepotige soortgenoten. In veertien dagen tijd kreeg ik weer zo’n dosis menselijke bagger en andere ongein over me heen dat ik even moet bekomen van al die overvloedig geëtaleerde frustratie en onmacht.

Net als sneeuwwitje had ik gelukkig ook een jager, meerdere jagers, die mijn hart heel lieten en me de wind uit de zeilen namen zodat ik ongezien kon verdwijnen. Terug naar dit paradijs. Zittend voor de haard denk ik aan hen.

Nu pas krijg ik de tijd om echt te genieten van dat korte oponthoud in het bos tussen het verdoemde kasteel en het knusse kabouterhuis. Terwijl ik me aan het vuur verwarm, sijpelt langzaam, met terugwerkende kracht, alles wat mooi was mijn hart in.

Ik dank de hemel.

Ik kon hier gelukkig meteen bij aankomst terecht in het welzijnsinstituut ‘De Melkweg’ voor psychologische bijstand. Miljoenen twinkelende assistent-therapeuten met fonkelende ogen verwelkomden me. Ik hoorde hun vriendelijk giechelende sterrenlach. Ik had me amper neergevlijd op het groene heuvelbed of de wereldberoemde dokter Maan boog zich stralend naar me toe en zei met zijn goddelijke stem: ‘Vertel eens, hoe gaat het met je?

Ik ademde zwaar. In mijn hoofd en hart galoppeerde nog steeds een opgejaagd paard. Ik luisterde naar zijn hoefslag, wachtte tot het gedreun langzaam maar zeker verdween, richting tenen.

‘Ach,’ begon ik, ‘er kwam zoveel op me af, maar toen ik thuiskwam stonden er op tafel twee ruikers bloemen. Bij elk een briefje. De dieprode tulpen met geschreven kussen en het grote hart waren van mijn oudste, het vrolijke veldboeket met een tintelende lach van mijn jongste. Daarnaast een groot tekenblad waarop Glorissima…’

‘… mijn portret had getekend. Ik was zeer gevleid toen ik dat zag’, onderbrak dr. Maan me.

‘Ja!’ riep ik blij uit. ‘Zag u dat?’

‘Ik zie alles.’

‘Oh,’ zei ik bijdehand, lichtjes teleurgesteld, ‘dan hoef ik u niets meer te vertellen?’

‘Toch wel, alleen, probeer het eens door mijn ogen te zien.’

Hij keek me aan, een glimlach op zijn vollemaansgezicht: ‘Zie je? Het is allemaal zo klein, zo onbelangrijk. Maar één ding telt: de liefde!’

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234