Dinsdag 25/06/2019

Column

In het Santiago Bernabéu-stadion in Madrid heeft zich het wonder van de omkering voltrokken

Hugo Camps. Beeld Bob Van Mol

Dissidentie mag ook. Onder die vlag vaart Hugo Camps.

Bijgeloof was geloof geworden. Rituele bezweringen werden acties van schoonheid en vernuft. De underdog verheven in de goddelijke staat. In het Santiago Bernabéu-stadion in Madrid heeft zich dinsdagavond het wonder van de omkering voltrokken. De Madrilenen ineens galactico’s af, Ajacieden succesvolle plegers van een goddeloze coup tegen een met aristocratie beladen grootmacht. Schitterend voetbal, fenomenale goals, een magische speler op nummer 10, Dusan Tadic... In deze cocktail ging Real Madrid hopeloos ten onder: 1-4.

Oude tijden herleefden, oude gezangen daverden door Bernabéu, fans huilden oude tranen van geluk. Op de tribunes van Real alleen geslagenheid en ongeloof. De stunt van Ajax was een finale waard. Tot in lengte van jaren zal de wedstrijd van Madrid worden beschreven en bezongen, worden vereerd en gememoreerd. Amsterdamse kwajongens hebben de Koninklijke van de troon gestoten, na drie jaar onbedreigde soevereiniteit. De grootste club ter wereld met het meeste geld beëindigde de historische wedstrijd als een hoopje gehakt.

Cruijffiaanse wijsheid

Bijna tien jaar na de geloofsbelijdenis van Johan Cruijff waarin hij Ajax voorhield dat alles mogelijk is en dat een zak geld nog nooit een doelpunt heeft gemaakt, vulden de Amsterdammers de Cruijffiaanse wijsheid in. Voor Ajax is nu alles mogelijk, in deze Champions League. Mooier en efficiënter dan deze dinsdagavond in Bernabéu wordt voetbal niet meer. Voor het eerst zagen we een spelersgroep die recht deed aan de nalatenschap van Cruijff.

In september 2010 gaf de Verlosser het startsein voor een coup tegen het zittende regime. Ajax had zich door Real Madrid laten vernederen. Cruijff begon, in collaboratie met zijn lijfkrant De Telegraaf, een hetze tegen het zittende bestuur. De koppen zouden rollen en dat deden ze, binnen de kortste keren. Cruijff en trawanten namen het bewind over, zij het dat Johan vanop zijn berg in Barcelona dirigeerde. Marc Overmars werd directeur en Dennis Bergkamp cultuurbewaker, vaandeldragers van een nieuwe wind. Bergkamp heeft intussen afgehaakt. Het drama met de jeugdige Abdelhak Nouri zorgde nog voor enig oponthoud, maar het nieuwe Ajax was gelanceerd.

Het succes in de Champions League werd voorbereid met een salarisstijging van 60 procent in het lopende jaar, toptalenten werden naar Ajax gelokt, duurdere spelers in de watten gelegd en contracten en premies gevoelig opgewaardeerd. Lucratieve transfers werden in de steiger gezet. Ajax heeft de tijd ingehaald.

De jonkies kregen het vertrouwen van coach Ten Hag, die geen visionair is, maar wel zijn eigen helderheid heeft gecreëerd en een doorzichtig beleid voert. De spelers vertrouwen hun coach.

Hocus pocus

Ajax bulkt van talent. Daarom was het zo grappig dat uitgerekend twee ouders spelers in Bernabéu de killers van Real waren. Eerst was er Dusan Tadic die als een tovenaar op het veld stond. Hij strooide met puntgave assists en scoorde zelf een fenomenaal doelpunt. Tadic was veruit de beste man op het veld. Bij sommige acties geloofden de Madrilenen hun ogen niet. Zijn vista, zijn baltoets en passing hadden ze in het stadion van de Koninklijke zelden eerder gezien. Bij het vorderen van de wedstrijd werd zijn naam nog alleen gefluisterd door de Madrileense fans, bang als ze waren voor weer een hocus pocus.

Wonderschoon was het doelpunt van Lasse Schöne. Oud-krijger, nestor van het elftal die de wedstrijd helemaal besliste met een fabelachtige vrijschop, strak in de kruising. De doelpunten van Ajax waren een voor een van een intense schoonheid die het hele stadion verlekkerde. Thibaut Courtois had geen verhaal tegen de gemillimeterde kanonskogels, al keepte hij zeker niet zijn beste wedstrijd.

Real speelde zonder schwung. Bij afwezigheid van sterkhouder en beul Sergio Ramos leek het of de ploeg bezig was aan een uitstapje langs de Ourthe. Geen vuur, geen klasse, geen bravoure. Ook Gouden Bal Luka Modric kreeg geen lijn in het spel en ging mee ten onder aan het slimme positiespel van de jonge Ajacieden. Hij verzeilde evengoed in een kakofonie van kermen en kreunen. Ineens was voetbal dwangarbeid geworden.

Standard speelde in de voorronde van de Champions League verdienstelijk tegen Ajax. Het verloor weliswaar, maar eervol. Om maar te zeggen dat een stunt tegen Real voor een Belgische club ook zou moeten kunnen. Mits ook eens een supertalent als Tadic wordt ingehuurd, mits premies en contracten voor spelers met de tijd meegaan. Zo ver is het nog lang niet. Individuele klasse wordt hier eerder verduisterd dan beloond. In naam van de afgunstsamenleving.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden