Donderdag 22/08/2019

Column

In het buitenland hebben ze geen tijd om met België te lachen

Marnix Peeters. Beeld Bob Van Mol

Op zijn berg in de Oostkantons schrijft Marnix Peeters over vrijheid, vogels en zijn vrouw.

Dit is nu echt wel erg grappig, zei ik. Wij hadden ten gevolge van het extremistisch-boeddhistische geweld in Sri Lanka een hele tijd zonder sociale media gezeten, en vervolgens ook zonder internet, dus kregen wij aan het eind van onze reis onze digitale kranten met een rotvertraging in één grote stapel. Op enkele populaire lezersforums ging het dus nog altijd over rapper Damso.

De schrijvers weten zich totaal geen raad met deze kwestie, zei ik. Damso is een Congolees, dus daar zijn ze sowieso tegen. Er zijn vrouw­onvriendelijke teksten in het spel, wat op zich niet zo’n probleem hoeft te zijn, maar wel als een Congolees ze schrijft, dan is het laakbaar. Dan is er de voetbalbond, en die deugt ook niet want dat zijn wereldvreemde Walen die veel te veel geld verdienen aan een sport die ze van het volk hebben afgepakt, en die niks anders doen dan de hele dag in dure BMW’s rondrijden, vast naar de hoeren. En dan is er de derde partij, en dat zijn die kwaaie preuten van tegenwoordig die nergens tegen kunnen en die als ze een compliment krijgen over hun billen direct naar de Dienst voor Kuisheid en Hygiëne lopen om de dader voor het gerecht te brengen. Vorm daar maar eens een mening over, over die troep.

Oranje koffie

Ik ben benieuwd naar deze clash der vooroordelen, zei mijn vrouw nieuwsgierig. Ze lijken het, als het stof gaat liggen, toch vooral voor de verdrukte vrouw op te nemen, zei ik. Congolese rappers hebben geen recht van spreken, zeker niet als het over onze vrouwen gaat, en ze moeten ook van onze nationale ploeg afblijven. We hebben zelf genoeg goede zangers. Die wereldvreemden van de voetbalbond kunnen onmogelijk gelijk hebben, dat staat als een paal boven water, daar wordt zelfs niet over gediscussieerd. Dus, vooruit, voor één keer. Het is alleen spijtig dat we nu zonder lied naar het WK moeten, vinden ze, en dat ze nu in het buitenland weer gaan staan lachen met ons.

Dat is een grote angst van veel mensen, zei mijn vrouw. In het buitenland hebben ze geen tijd om met België te lachen, zei ik. En wat dat lied betreft: straks staat na tien glazen Belgium toch weer iedereen olé-olé-olé te zingen als er gescoord wordt – als er al gescoord wordt, we mogen daar nooit te rooskleurig in zijn. Ik verlang officieel terug naar de tijd toen er in het Belgische straatbeeld geen spoor van zo’n voetbalkampioenschap te zien was. Geen vlag, geen wimpel, geen gemodificeerd bierblik. Toen wij de krankzinnigheid aan de Hollanders overlieten, die wij dan meewarig gadesloegen, al die weken lang, hoe zij oranje koffie dronken en hun huizen inpakten en hun vrouwen bodypaintten en op den duur altijd écht in de eindzege begonnen te geloven, zodat wij na de uitschakeling ‘ziet ge wel’ konden zeggen, en ‘dat komt ervan’. Dat is een veel interessantere positie.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden