Woensdag 22/05/2019
Beeld rv

Column Mark Coenen

In het begin vergiste mijn moeder zich weleens als ze de tafel dekte: ze zette een bord te veel

Mark Coenen is columnist.

Er is deze week veel afscheid genomen en nog veel meer getreurd. Het jonge meisje dat ging fietsen en nooit meer terugkwam. Het hart van de radiopresentator dat ophield met kloppen.

Het besef hoe fragiel het leven is: het kwam oorverdovend hard binnen. Terwijl het dat natuurlijk altijd al was. Alleen willen we dat niet weten en letten we daar niet op als alles goed gaat.

De toon van alle reacties bij de dood van Lambi Bambi is warm: de man was een stereofonische chauffage voor een hele generatie luisteraars die nu in de kou staan.

Het verdriet voor Julie Van Espen is minstens even diep en radeloos, maar krijgt ook een andere dimensie: haar gewelddadige dood maakt dat velen niet gloeien van warmte, maar van woede.

Verdriet vermengd met verontwaardiging leidt tot volkswoede.

De frustratie is groot. De hemeltergende onrechtvaardigheid van haar dood maakt mensen opstandig.

Omdat men vindt dat er een systeem bestaat waar velen bevoegd zijn als het goed gaat, maar niemand verantwoordelijk wil zijn als het verkeerd loopt. Omdat er fouten zijn gemaakt en risico’s verkeerd zijn ingeschat. Omdat ze een onschuldig slachtoffer is van een gestoorde malloot met een uitgebreid strafblad.

Haar dood zet ons op brutale wijze ook met beide voeten op de grond: helemaal veilig was het niet, is het niet en wordt het nooit.

Ongemakkelijke waarheid

Hoe kwaad we ook zijn en wie we ook van nalatigheid beschuldigen: er zullen altijd zieke, griezelige en slechte mensen bestaan die vrouwen van hun fiets willen sleuren.

Allemaal mannen, trouwens. Iets met de hormonen, zegt men. Gevaarlijke testosteron­bommen onder een dun laagje cultuur. Altijd willen wij de grootste zijn, ook in crimineel gedrag. Lukt moeiteloos.

Geen enkel systeem om mensen daar­tegen te beschermen is perfect, geen enkele wet gaat dat helemaal verhinderen.

Het kwaad is des mensen. De mensen, dat zijn wij.

Het is een ongemakkelijke waarheid waar we niet veel mee kunnen. Dus worden we boos. En lastig.

“Niets maakt zo aanwezig als de dood”, schreef Femke van der Laan, de vrouw van de in 2015 veel te vroeg gestorven burgemeester van Amsterdam in een van haar columns in Het Parool. “Over mensen die leven denk je niet zoveel na. Die kun je gerust even vergeten.”

Ze schrijft over hoe haar man er niet moet zijn om heel aanwezig te blijven. Dat is een gevoel om te koesteren.

“Die gaat hier nu nooit meer binnen­komen”, zei mijn moeder toen mijn zus stierf. Ik hoor het haar nog zeggen alsof het gisteren was en het is dertig jaar geleden.

In het begin vergiste ze zich weleens als ze de tafel dekte: ze zette een bord te veel. De stoel van mijn zus bleef leeg, maar in het hoofd van mijn moeder was ze er nog. “Oei, wat doe ik nu”, zei ze dan.

Afwezig aanwezig: het kost een beetje moeite, maar het kan.

Ook voor Julie en Christophe zetten we er vanaf nu een bord bij.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.