Maandag 17/06/2019

Opinie

Ik wil dat mijn kinderen kunnen opgroeien in een wereld die hen vertelt dat zij bestaan

Sabrine Ingabire. Beeld Fernand Van Damme

Sabrine Ingabire (21) studeert rechten aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB). 

Dat de Vlaamse televisie te wit is, is geen nieuws. Er heerst nog steeds het heel verkeerde idee dat één persoon met een migratieachtergrond in een programma genoeg is. Maar dat is het niet, minderheden hebben véél meer representatie nodig. En niet alleen meer, maar ook betere, want niet alle representaties zijn even veel waard: de zwarte sidekick die heel veel moppen vertelt, de Arabische man die een terrorist is, de Indiaanse man met een ‘grappig’ accent, de boze zwarte vrouw, de homoseksuele man die alleen sarcastische en gemene opmerkingen maakt,… We hebben ze duizenden keren gezien, en we hebben het gehad.

Eén persoon is duidelijk te weinig om de 20 à 25% Vlamingen met een migratieachtergrond te vertegenwoordigen. We zijn allemaal divers, net zoals witte mensen onderling, en hebben ook verschillende levensvisies en opinies. Eén persoon uit een minderheidsgroep in een stereotiepe rol plaatsen zonder enige dimensie is gewoon belachelijk. Maar hoe maak je verschillende diverse personages, wanneer de directeurs, medewerkers, schrijvers van de zenders bijna allemaal wit zijn?

Je kunt niet verwachten dat witte, heteroseksuele, cisgender katholieke mannen alle dimensies kunnen begrijpen die een zwarte persoon vormen, of een moslima met een hoofddoek, of een homoseksuele transseksuele man, en al zeker niet wanneer ze ervan overtuigd zijn dat zij “de norm” zijn, en dat hun visie van de wereld bijgevolg de enige objectieve visie is.

Ik wil dat mijn kinderen kunnen opgroeien in een wereld die hen vertelt dat zij bestaan. Ze moeten zwarte personages op TV zien om ook te kunnen dromen, net zoals witte kinderen die naar hun rolmodellen of superhelden kijken en mensen zien die op hen lijken. We hebben zwarte personages nodig die niet enkel door hun huidskleur worden gedefinieerd; dokters, schrijvers, advocaten, politici, naast de gewoonlijke – en even waardige! – security agenten, poetshulp, en verpleegsters. En niet alleen op Amerikaanse TV. Want als je de kans niet hebt om naar Scandal, How To Get Away With Murder, Black-ish of Insecure te kijken, kan je in Vlaanderen gemakkelijk vergeten dat zwarte mensen meer kunnen zijn dan die ene rol die op hun scherm verschijnt. Maar deze series, allemaal bedacht door zwarte mensen, en met zwarte mensen in het schrijfteam, zijn het levende bewijs dat het kan. En de impact die ze hebben op het zelfbeeld van zwarte kinderen én volwassenen is gigantisch en broodnodig.

Maar de gebrekkige – of onbestaande – representatie van minderheden in België stopt – of start – niet bij de televisie. Als je de leden van de Kamer van Volksvertegenwoordigers overloopt, zoals ik tijdens een slapeloze nacht heb gedaan, zal je zien dat er daar heel weinig mensen zijn met een migratieachtergrond, en van die kleine groep, is er alvast geen enkele zwarte persoon.

Dit geldt echter ook op internationaal niveau: toen ik in september, tijdens mijn stage in het Europees Parlement een kamer binnenstapte, telde ik instinctief hoeveel andere zwarte mensen in de zaal zijn. Meestal was ik alleen. Dat is niet verrassend, aangezien er drie zwarte parlementsleden zijn uit de 751. Daarna keek ik naar het aantal mensen met een migratieachtergrond. Soms waren er enkele die ik kon herkennen. En, uit wanhoop, telde ik dan hoeveel vrouwen er waren om mij te troosten. Troost, omdat er toch 30% vrouwelijke parlementsleden zijn. Wanhoop, omdat er maar 30% vrouwelijke parlementsleden zijn.

Maar hoe kunnen wij razend zijn op het heel wit en mannelijk kabinet van Trump, en geen woord zeggen over hoe hij, met één zwarte man, meer zwarten heeft in zijn kabinet dan er in de Belgische Kamer van Volksvertegenwoordigers zijn? Hoe kan ik mijn Vlaamse familie overtuigen dat stemmen een eer en geen last zou moeten zijn, wanneer ze niet een persoon zien die op hen lijkt en die uiteindelijk verkozen wordt?

België heeft duidelijk begrepen dat vertegenwoordiging belangrijk is; daarom zijn er taalwetten om zowel de Nederlandstalige als de Franstalige gemeenschap te beschermen. Daarom zijn er vrouwenquota in bedrijven en in de Vlaamse overheid – die trouwens veel te laag liggen. Waarom zou het anders zijn voor de andere groepen in België, die ook een belangrijke plaats innemen, hier werken en belastingen betalen, hun kinderen opvoeden en hun leven opbouwen? Kunnen we columns blijven schrijven, Instagramberichten posten, ons op events boos maken, terwijl er vaak niemand in het Parlement volledig begrijpt wat wij meemaken en wat wij echt nodig hebben? Niemand die onze belangen volledig begrijpt en verdedigt? En vaak ook niemand die om die belangen geeft?

Dit moet veranderen. Hoe moeilijk het ook is om uit te zoeken op basis van welke eigenschappen men een quotum kan invoeren voor mensen met een migratieachtergrond; ik weet dat het kan. Met zes parlementen en zes regeringen voor 11 miljoen mensen, bewijst België dat moeilijk ook gaat.

Want ik kan me niet blijven inbeelden dat Batman een zwarte vrouw is, dat Cécile Kyenge Belgisch is, of dat Kathleen Van Brempt zwart is, wanneer ik een rolmodel zoek. Mijn verbeelding kent spijtig genoeg ook grenzen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden