Woensdag 27/10/2021

Column

Ik neem extra innig afscheid. Het terrorisme komt blijkbaar toch tot hier

null Beeld Damon De Backer
Beeld Damon De Backer

Auteur Bregje Hofstede vertelt over haar leven.

Iemand vroeg via WhatsApp of we het nog uithielden, ‘daar in Frankrijk, met alle aanslagen’. Of we het uithielden? Ja hoor. Gruwelijk nieuws, maar ons raakte het niet. Ik had me nog geen moment voorgesteld dat er zich ooit een terrorist zou interesseren voor ons dorp van elf huizen, of voor de ‘grote stad’ verderop, die dertien­duizend inwoners telt. Het terrorisme komt niet tot hier.

Er zijn desondanks buren die de kleine islamitische gemeenschap met argwaan bekijken. Ook dat vind ik moeilijk voorstelbaar, omdat die gemeenschap voor mij vooral de vorm heeft van de kleine Yahya, de kirrende peuter die bij mijn dochter op de crèche zit.

Yahya zou me niet eens zijn opgevallen als hij niet zo’n opmerkelijke moeder had gehad. Een rijzige vrouw met grote, zwart omrande ogen en zwierende oorbellen onder haar hoofddoek. Zij is de enige van de ouders die, bij binnenkomst in de crèche, iedereen luid en hartelijk begroet. Zelf toets ik gewoon de toegangscode in, open de deur en glip verlegen langs de kantoren. Maar zij komt of gaat nooit onopgemerkt. Ze glimlacht breed naar iedereen, wikkelt ons in een wolk van parfum en doet de temperatuur met twee graden stijgen. Haar zoontje onthaalt ze alsof ze hem een jaar heeft gemist, met een regen van zoenen en liefdesbetuigingen. “Comme je t’aime. Amour de ma vie”, zegt ze terwijl ze hem in zijn jasje wurmt. Het lijkt soms of zij in een drama speelt dat nergens is aangekondigd. Charmant, denk ik dan, maar een tikje overdreven.

Op een ochtend werkt de toegangscode niet, en ontstaat er een kleine opstopping bij de deur. De code is gedeactiveerd, zegt de secretaresse die komt opendoen. Voortaan moeten we allemaal aanbellen, en zeggen wie we zijn. En vooral: geen ­vreemden mee naar binnen laten. Niemand verwijst naar de bloedige ­aanslagen van de week ervoor. Maar ­iedereen begrijpt het.

Even heb ik de neiging om te keren. Ik kan mijn kind toch niet achterlaten op een plek waar zoiets kan gebeuren? Om verder te lopen, moet ik op mezelf inpraten: denk eens goed na, de kans is miniem, en je moet toch ook werken. De ratio wint, maar ik neem wel extra innig afscheid. Even snuiven aan het koppie, even voelen hoe zacht de wangen, hoe dik de handjes zijn. Voor de zekerheid ook maar fluisteren dat ik van haar houd.

Het terrorisme komt blijkbaar toch tot hier. Naderhand vraag ik me af of de ouders van Yahya sinds de aanslagen met een schuin oog aangekeken ­worden in de stad. Of zijn moeder nu het gevoel heeft dat ze extra opvalt met haar hoofddoek. Of zij met haar ­flamboyante hartelijkheid misschien al die tijd al iets ­probeerde te compenseren, in het besef dat ze van meet af aan een toegangscode miste.

Maar in feite steekt ze op de crèche juist minder af. Want alle ouders lijken nu méér op haar. Allemaal ­groeten we bij binnenkomst. Allemaal nemen we met nadruk afscheid van ons kroost. En allemaal spelen we, tegen wil en dank, mee in een dramaserie die elders is afgekondigd. Ze heet Volk onder vuur, en niemand weet hoeveel seizoenen ze nog zal duren.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234