Vrijdag 15/11/2019
Beeld rv

Column

Ik kookte van woede. Hoe konden ze, hoe durfden ze! Ik nam mijn dochter bij de hand en trok haar mee

Hilde Van Mieghem gunt ons een gloedvolle blik achter de schermen van haar leven.

Mijn mond viel open toen ik het berichtje zag voorbijkomen op Twitter. Aya, een leerlinge van de Da Vinci Campus in Ronse, die in een bedrijf een hele dag vrijwilligerswerk had gedaan voor de YOUCA Action Day – een evenement opgezet door Youth for Change and Action – tweette een bericht van haar lerares.

Het meisje had, net als alle andere leerlingen, een foto doorgestuurd naar de juf, samen met het uitermate positieve commentaar van de bedrijfsleider.

De lerares schreef terug: ‘Bedankt voor je berichtje en de uitleg over je activiteiten van vandaag. Helaas kunnen we de foto niet posten op Facebook omdat je een hoofddoek draagt. Blij dat het voor jou een leuke ervaring was.’

Ik ging vooral over mijn nek van het vileine superioriteitsgevoel dat in het bericht besloten ligt, en dan vooral in de laatste zin. Mocht er nu nog gestaan hebben: ‘Het spijt me zo, Aya, dat we die regel moeten volgen.’ Of iets anders gelijkaardigs waarmee de juf zou aangeven hoe verschrikkelijk vernederend ze het zelf vindt om die regel te moeten volgen.

Maar nee: blij dat het voor jou een leuke ervaring was.

Brrrrrr!

Ik moest weer denken aan lang geleden; ik was 22, mijn (pleeg)dochter was 8. Mijn ouders hadden een huis gehuurd in Spanje en hun kinderen en kleinkinderen uitgenodigd voor een weekje vakantie aldaar. Op een bepaald moment maakte iemand een groepsfoto. Say cheese… Cheeeeese… Vrolijk gelach!

“En nu een foto zonder haar!”

Er werd naar mijn oudste gewezen. Ik stond aan de grond genageld en vroeg toen: “Pardon? Wat bedoelen jullie?”

“Ja, nu één zonder haar. Ze hoort er eigenlijk niet bij, hè Hilde, ze is geen familie, er is geen bloedband.”

Ik voelde hoe mijn dochter zenuwachtig in mijn arm kneep. Ik zag hoe ze beschaamd haar hoofdje boog. Ze was al zo overdonderd door die heftige ‘Van Mieghem-clan’ en nu werd ze ook nog voor ieders ogen vernederd en uitgestoten.

Ik kookte van woede. Hoe konden ze, hoe durfden ze! Ik nam mijn dochter bij de hand en trok haar mee: “We zijn hier weg, schat, niets mee te maken, met deze bende”, fluisterde ik haar toe. Er werd heftig geprotesteerd. Doe niet zo lichtgeraakt, doe niet zo flauw, het was toch maar een grapje, en bovendien is het toch waar, ze hoort toch ook niet bij ons, die Hollandse… Het scheldwoord dat daarop volgde, bespaar ik u.

Haar echte moeder was Nederlandse.

Vlamingen hebben het moeilijk met ‘vreemden’, of het nu Hollanders, Marokkanen of eender wie zijn. Ze moeten ze niet. Hoe arm van geest zijn ze.

Toch was mijn familie normaal niet zo enggeestig of geborneerd. Mijn ouders namen ons voortdurend mee naar verre landen, leerde ons wereldburgers te zijn. Maar… ze is geen van ons!

Ik weet nog hoe hun woorden door merg en been gingen bij mij en mijn dochter. Ik kan me perfect voorstellen wat er door Aya heen ging. Dappere Aya, arme leerkracht. Wat een grenzeloos gebrek aan respect.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234