Zondag 17/11/2019
Marnix Peeters. Beeld rv

Column Marnix Peeters

Ik kan het niet verdragen, dat heimelijke gedoe achter kasten en draperieën

Op zijn berg in de Oostkantons schrijft Marnix Peeters over vrijheid, zijn vogels en zijn vrouw.

Wij zaten met muizen. Dat is normaal: als het buiten kouder en natter wordt, komen ze naar binnen. Er valt niks tegen te beginnen, het huis is meer dan honderd jaar oud en de kieren en de spleten zijn niet te tellen.

Maar onprettig is het wel. Ze zitten altijd in mijn werkkamer. Daar branden ’s avonds de schemerlampen en nu ook de haard; het is een grote, hoge ruimte met een balkenplafond en veel duisternis, heel gezellig allemaal.

Terwijl je naar je scherm zit te kijken, zie je vanuit je ooghoek een beweging. Je kijkt op maar er is niks te zien. Een halfuur later hoor je geritsel bij de manden met de houtblokken. Ze worden stoutmoediger, en meestal tegen bedtijd, om het extra spannend te maken, rent er eentje langs de plinten, om verderop achter een gordijn te gaan schuilen. Die heb je wel gezien.

Even later komt mijn vrouw, die mijn gil heeft gehoord, poolshoogte nemen.

Zij gruwt van grote spinnen, en zij vindt het schijnbaar wel plezierig dat zij mij elk jaar in oktober een paar keer moet bijstaan in de muizentijd.

Het is geen echte angst. Je weet dat die diertjes meer van jou te vrezen hebben – en vrézen – dan omgekeerd. Ze bijten niet. Maar ik kan het niet verdragen. Dat heimelijke gedoe achter kasten en draperieën.

Beeld © FLPA/Jack Perks

De dag na de eerste waarneming is er crisisberaad.

Dat resulteert altijd in de aankoop, diezelfde dag nog, van een doos Barrière Radikal. Al aan de kassa van de Freni voelen wij ons schuldig en kregelig.

Je kunt het zo niet laten, zeg ik in de auto. Ze nemen je huis over.

Ik weet het, antwoordt mijn vrouw dan, maar het voelt verkeerd.

Die naam ook, zeg ik. Barrière Radikal.

Je zou niet tégen de natuur mogen zijn, zegt mijn vrouw. Dan ben je tegen jezelf.

Er zitten vast twee miljoen muizen in de weide naast ons huis, zeg ik. Die drie of vier dommeriken die denken dat het binnen beter is, hebben pech gehad.

Wij doen best al heel veel goeds voor de natuur, zegt mijn vrouw.

Het is je reptielenbrein, zei mijn vrouw nadat wij ’s anderendaags de lijken in zakjes hadden gedaan. Je kunt van muizen het hantavirus oplopen, of de ziekte van Weil. Geen idee wat dat betekent, maar het klinkt erg. Ziektes die de naam van hun ontdekker krijgen, zijn meestal niet pluis.

Ze moeten stoppen met het woord ‘postje’, zei ik, de krant lezend. Het zijn ministerfuncties. Ambten. ‘Postje’ suggereert gesjoemel en gekuip. Weinig doen en veel verdienen. Je voedt op een ongelooflijke manier het wantrouwen en de antipolitiek als je als krant of zender ‘En nu nog de postjes!’ blijft roepen. Het is minachtend en onbeleefd. Het maakt elk engagement verdacht, elke passie ridicuul.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234