Maandag 13/07/2020
Beeld DM

ColumnMark Coenen

‘Ik denk niet aan mijn eigen dood’, sprak Bob Dylan, een beetje nasaal. ‘Ik denk aan het uitsterven van het menselijke ras’

Mark Coenen is columnist. 

Het is niet echt een verjaardag die gevierd wordt, de eenenveertigste, maar gisteren was het zo lang geleden dat Unknown Pleasures van Joy Division verscheen. Men kan over veel en met iedereen van mening verschillen – ik word er zelfs voor betaald – maar één ding is zeker: als er één groep is die nooit een slechte song gemaakt heeft, dan is het Joy Division.

Op hun kale beats gingen zelfs wij op die rare momenten dat ’t Kliekske ons de oren uit kwam loos in de legendarische discotheek Atelier in Leuven, een plek waar new wave en punk geconsacreerd werd als was het een geschenk van de goden. 

Magische, manische plaat. Nooit klonken drums holler en dreigender, nooit domineerde een bas meer het klankdecor. Muziek als een mokerslag.

De toenmalige popbijbel Melody Maker noemde de plaat een kruising tussen Gary Glitter en The Velvet Underground. Toen wist niemand al dat Glitter zich met bijzondere ijver backstage misgreep aan kinderen, dus dat kon nog.

De songtitels lezen zoveel jaar later als een bijna visionaire samenvatting van onze tijd: ‘Disorder’, ‘Day of the Lords’, ‘New Dawn Fades’, ‘She’s Lost Control’, ‘Shadowplay’. Dystopisch, apocalyptisch en bij momenten ook bijzonder vals gezongen: het zijn drie termen die 41 jaar later helemaal toepasbaar zijn op onze jaren.

Er zijn tijden geweest waarin muziek de enige manier was om nieuws en andere berichten te verspreiden over berg en dal: dat deden de troubadours, die rondtrokken van dorp tot dorp. Naast het zingen van liederen over de hoofse en andere liefde waren zij ook de eerste journalisten: zij vertelden overal waar ze kwamen het laatste nieuws. Een beetje zoals Wim De Vilder en Stef Wauters nu, maar gelukkig zingen die niet – toch niet tijdens hun journaals.

Na de uitvinding van de drukpers was het gedaan met de troubadours. Tot Bob Dylan in de jaren 60: geen mens heeft een grotere voetafdruk qua actuagebonden strijdliederen dan de Nobelprijswinnaar met de neusstem. Het zal geen toeval zijn of net wel dat de nu bijna tachtigjarige na acht jaar weer een album uitbrengt.

Nobody sings Dylan like Dylan, maar er is ook niemand die beter zijn publiciteit verzorgt: door er namelijk niets aan te doen. De schaarste die hij creëert zorgt voor de mythe van de geniale kluizenaar die mijlenver verheven boven alles zijn kunst bedrijft.

The New York Times kon een telefonisch interview met de Gigant doen. De journalist vroeg hem ook naar hoe hij zijn eigen sterfelijkheid beleeft, wat een logische vraag is aan een bijna tachtigjarige. “Ik denk niet aan mijn eigen dood”, sprak Bob, een beetje nasaal. “Ik denk aan het uitsterven van het menselijke ras.” 

The long strange trip of the naked ape’ is volgens Bob bijna ten einde.

Wij zijn allemaal van voorbijgaande aard. Ook zij die Bob Dylan heten.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234