Vrijdag 13/12/2019
Stefaan Degand en zijn vrouw Julie. Beeld Photo News

Column

Ik buig diep voor jouw talent en passie, Stefaan. En nog dieper voor jouw verdriet

Dissidentie mag ook. Onder die vlag vaart Hugo Camps elke donderdag.

Naakter en huiveringwekkender dan uit de mond van acteur Stefaan Degand kan verdriet niet zijn. Een mens voelt zich stukgemokerd na het lezen van zijn hartverscheurende interview in Humo over het plotse verlies van zijn vrouw Julie en ongeboren dochter Bo. Een diepe herfst valt over de lezer. Maar het is ook een les in existentieel humanisme, het bewijs van de kracht van het geschreven woord die soms als een splinterbom bij je binnenkomt. In het gesprek met Stefaan over het verlies van zijn vrouw zit geen traan voyeurisme. Ook geen sluier zelf­medelijden. Het is rauw en echt en teder. De woorden nagelen je vast in hun pretentieloze machteloosheid.

Hugo Camps. Beeld Stephan Vanfleteren

De getuigenis van deze weduwnaar zal ik tot de laatste dag van mijn leven meedragen. Het was lang geleden dat ik nog zo platgeslagen werd door een tekst of boek. En natuurlijk ook door het drama zelf. In twee uur was hij zijn vrouw kwijt aan een bacteriële hersenvlies­ontsteking. Onaangekondigd. Zonder afscheid. Een jonge moeder en geliefde brutaal weggeflitst uit het leven van haar dierbaren. Uit de liefde voor elkaar vooral. In ieder woord schrijn je mee met de weerloze acteur die er wonderwel in slaagt sentiment en slachtofferisme op afstand te houden. Ondanks het lijden ‘vertelt’ hij de dood van Julie. Alsof zij er met al haar gratie nog is.

De sereniteit waarmee Stefaan Degand spreekt over dood en verlies is een ultiem eerbetoon aan zijn vrouw. De pijn ligt gebeiteld in zijn woeste kop, maar in het spreken komt alleen tederheid tevoorschijn. Geen blinde woede, geen lynchzucht, alleen gebrokenheid.

Ze hielden van lekker eten, Stefaan en Julie. Dat verandert niet na haar dood, bezweert de acteur zichzelf. Ook daarin zal hij trouw zijn aan zijn geliefde. Nu smaakt alles nog naar karton, maar dat zal veranderen.

Aangrijpend is Stefaans verhaal over hoe hij er na veel getreiter in slaagde dienstencheques op zijn naam te laten overschrijven. De hardvochtigheid van de (Vlaamse) overheid in de administratie van de dood is geen incident. Het is het bureaucratische geneuzel dat talloze overlevenden meemaken. Bij het lezen moest ik terugdenken aan de vaste uitdrukking van mijn vriend Jaap Stam over overheidsinstanties: “Darmen zijn het.”

Stefaan Degand speelt mee in het VTM-­programma Kafka. Dan ben je in Vlaanderen dicht bij huis. Je hoeft niet eens de bus naar de overkant te nemen. Alle retoriek over goed bestuur en klantvriendelijkheid bestaat uit zeepbellen. In de dood sta je al helemaal alleen tegenover een gevoelloze moloch. Sterven mag geen moeite kosten voor de inrichtende machten van het leven. Haspel de dood maar in je eentje af.

In het interview zegt Degand dat hij leeft volgens zijn verbeelding. “Dat houdt mij overeind, inclusief de verbeelding van mijn dochter Mila. Voor mij hoeft niets meer.”

Voor ons nog wel, lieve Stefaan. Wij willen je gelaatsexpressies blijven zien, je grijns, je vlammende ogen. Wij willen dat je blijft spelen en een gezicht geeft aan dorre vergetelheid.

Theater is meer dan ooit de heilige graal tegen onverschilligheid en hypocrisie. De regering bestaat uit komedianten, maar er zit niet één acteur van vlees en bloed in.

Ik buig diep voor jouw talent en passie, Stefaan. En nog dieper voor jouw verdriet.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234