Woensdag 24/07/2019
Hilde Van Mieghem. Beeld rv

Column Hilde Van Mieghem

Ik ben altijd verbaasd geweest over het pensioendebat. Als freelancer weet je dat je op je oude kin kunt kloppen zodra het zover is

Hilde Van Mieghem gunt ons een gloedvolle blik achter de schermen van haar leven.

Als freelancer kun je niet altijd ­bepalen hoe het werkschema ­verloopt. Het is altijd alles of niets. Soms is er geen werk aan de einder te bekennen, dan weer lopen de­aanbiedingen binnen en zijn de jobs bijna niet te combineren.

Mocht ik er nu nog rijk van worden!

De voorbije twaalf dagen heb ik aan één stuk door gewerkt. Minimaal tien uur per dag, maar meestal twaalf tot veertien uur en eerlijk, ik ben doodop. Ik ben al lang geen twintig meer. En vermits ik altijd eigenzinnig was en verkoos om nooit mijn kunstenaarsziel te verkopen, zal ik toch niet anders kunnen dan op mijn tandvlees blijven lopen tot ik erbij neerval.

Ik ben altijd verbaasd geweest over het pensioendebat. Als freelancer weet je dat je op je oude kin kunt kloppen zodra het zover is.

Werken tot je 67ste is een lachertje, werken tot je er dood bij neervalt is de leuze, en dat liefst nog midden op een filmset, podium of aan je schrijf­machine terwijl je een briljant stukje literatuur tikt… Op dat laatste moet ik nog wat oefenen.

Nee, spreek me maar niet tegen. Ik weet wat goed is, maar goed is nog lang niet briljant. Daar heb je namelijk tijd voor nodig. En zoals u ongetwijfeld weet… Time is money!

Ik droom er al lang van om mijn dagen al schrijvend door te brengen. Maar de laatste maanden panikeer ik een beetje. Het komt er vast nooit van en soms word ik kletsnat van het angstzweet wakker. Zo ook vanmorgen, wakker gehamerd door de mannen die boven mijn hoofd eindelijk aan de vloer begonnen waren.

Half slapend leek het alsof iemand me de hersenpan in sloeg en ik hoorde mijn stem woedend roepen: “Wat heb je gedaan! Waar zat je met je kop? Hoe kon je zo stom zijn om zo’n grote ­lening aan te gaan om de renovatie van je huis te bekostigen? Stel dat je nooit meer werk vindt de komende tien jaar, je bent verdomme oud en versleten! Weet je dat wel?”

Ik sprong rechtop in bed en keek verschrikt naar Mr. Wilson, mijn hondje dat onbezorgd aan mijn voeten lag te slapen. Het drong tot me door dat het gehamer niet in, maar boven mijn hoofd zat. Mr. Wilson werd wakker en keek me lief aan. Ik kalmeerde.

Suffend zag ik een gordijn van stofdeeltjes naar beneden dwarrelen, als berkenpollen in de lente. Door het zonlicht dat door het kelderraam naar binnenviel, leken het goudschilfers. “Sterrenstof, dat brengt geluk”, ­fluisterde ik Mr. Wilson toe.

Er werd aan de deur geklopt. “Kijk madame”, zei de werkman toen ik de deur opendeed, hij hield beide ­handen als een kommetje bij elkaar en liet me zien wat erin lag: een ware schat aan oude Belgische franken, een hangertje, oorbellen en een ring die ik al jaren kwijt was. “Gevonden,” zei hij, “onder de plankenvloer.” Zijn ogen keken me warm aan en met een ­bemoedigende glimlach voegde hij eraan toe: “Nu bent u rijk!”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden