Woensdag 16/10/2019
Beeld REUTERS

Opinie

Hoe we een bloedbad zoals dat van Christchurch kunnen voorkomen

Jacinda Ardern is premier van Nieuw-Zeeland.

Op vrijdag 15 maart liep een schutter een moskee in Christchurch binnen en vermoorde 41 mensen. Daarna reed hij naar een andere moskee, waar hij in amper drie minuten tijd zeven mensen om het leven bracht. Na de aanslag stierven nog eens drie slachtoffers aan hun verwondingen.

Deze aanslag maakte deel uit van een verschrikkelijke nieuwe trend die wereldwijd om zich heen grijpt: hij was ontworpen om op het internet te worden uitgezonden. De livestream die de terrorist op sociale media postte en die 16 minuten en 55 seconden duurde, werd ongeveer 4.000 keer bekeken voor hij werd verwijderd. In de eerste 24 uur na de aanval moest Facebook meer dan 1,5 miljoen kopieën van de video van zijn platform halen en was er om de seconde een upload naar YouTube.

Enorm bereik

De gruwelvideo verspreidde zich op een verbijsterende schaal. Veel mensen kregen hem automatisch in hun sociale mediafeeds, zonder te beseffen wat ze zagen. Hoe konden die verschrikkelijke beelden zomaar beschikbaar zijn? Ik gebruik ook sociale media en ik weet dat het bereik van de video enorm was – ik zag hem toevallig ook.

We kunnen wel de verspreiding van die terreurvideo in cijfers uitdrukken, maar niet zijn impact. We weten alleen dat in de tien dagen na de aanslag 8.000 mensen hier in Nieuw-Zeeland psychologische hulplijnen belden.

Heel Nieuw-Zeeland treurde na die schokkende aanslag en de wereld treurde mee. Maar we wilden niet alleen rouwen. We wilden iets doen.

Eerst verboden we semi-automatische pistolen zoals de terrorist had gebruikt. Dat was het tastbare wapen. Maar de dader had nog een ander wapen, namelijk de sociale media waarin hij zijn haat en terreur uitzaaide. Hij wou aandacht voor zijn ziekelijke denkbeelden en sociale media gaven ze hem.

Vrije meningsuiting niet ondermijnen

Ook daar moeten we iets tegen doen en daarom zal ik samen met de Franse president Emmanuel Macron in Parijs een bijeenkomst voorzitten van politici en staatshoofden, maar ook leiders van technologiebedrijven. We zijn het niet altijd met elkaar eens, maar niemand wil dat digitale platformen voor terrorisme worden gebruikt.

Ons doel zal niet gemakkelijk te bereiken zijn, maar we weten heel goed wat we willen: een einde maken aan terroristische en gewelddadige extremistische online content. Daar kunnen we alleen in slagen als we samenwerken.

Veel wereldleiders hebben beloofd dat ze naar Parijs zullen komen en de technologiesector zegt bereid te zijn om nauwer met ons aan dit probleem te werken. Ik hoop dat het waar is. Dit gaat niet over het ondermijnen of aan banden leggen van de vrije meningsuiting. Het gaat over die bedrijven en hun manier van werken.

Ik gebruik Facebook, Instagram en af en toe Twitter. Hun invloed en potentiële waarde zijn onweerlegbaar. Ik zal nooit vergeten dat een groep middelbare scholieren mij enkele dagen na de aanslag van 15 maart vertelde hoe ze de sociale media hadden gebruikt om een bijeenkomst in een park in Christchurch te organiseren als steun voor hun vrienden die door het bloedbad waren getroffen.

Sociale media brengen mensen dichter bij elkaar. Daarom moeten we ervoor zorgen dat ons initiatief om nieuw onheil te voorkomen de vrije meningsuiting, een van de pijlers van onze samenleving, niet in het gedrang zal brengen.

Verandering is nodig

Nieuw-Zeeland zal dus een oproep doen, in naam van Christchurch, en zal zowel de landen als de privébedrijven vragen om maatregelen te nemen die het posten van terroristische online content voorkomen, die verzekeren dat dergelijke inhoud efficiënt en snel wordt verwijderd en beletten dat livestreaming niet als een terroristisch wapen kan worden gebruikt. We hopen ook meer investeringen te zien in onderzoek naar technologieën die deze problemen kunnen aanpakken.

De oproep van Christchurch sluit aan bij werk dat al wereldwijd door andere internationale organisaties wordt verricht. Het zal een vrijwillig kader zijn waarin de ondertekenaars zich verbinden tot de strijd tegen de instrumenten van het terrorisme en tot specifieke maatregelen om uploads van terroristische inhoud te voorkomen.

Als er niets verandert, zou een terroristische aanslag zoals die in Christchurch opnieuw kunnen gebeuren. Nieuw-Zeeland kon zijn wapenwetten hervormen en dat hebben we gedaan. We kunnen racisme en discriminatie aanpakken en dat moeten we doen. We kunnen onze veiligheids- en inlichtingendiensten verbeteren en dat doen we. Maar we kunnen niets tegen de vermenigvuldiging van online geweld die we zelf veroorzaken. We moeten verzekeren dat een aanslag als deze zich nooit meer herhaalt, bij ons of elders.

© The New York Times

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234