Vrijdag 24/05/2019

Column

Hoe ver politieke doofheid kan gaan, wordt in dit land op hallucinante wijze geïllustreerd

Mark Elchardus Beeld Bob Van Mol

Mark Elchardus is emeritus professor sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB) en opiniemaker bij De Morgen. Zijn column verschijnt elke zaterdag.

Vakbondsbetogingen zijn strategische acties van stevige en ervaren organisaties. Daarom leiden ze vaak tot economische en sociale vooruitgang. Ze doen dat nu veel minder dan voorheen, omdat er geen goed doorgeefluik meer is. Geen partij waarvan de mensen zeggen dat ze staat voor economische vooruitgang, goed werk, een rechtvaardige verdeling én investeringen in de toekomst. 

Verweesde stakers en betogers

Wat links heet, spreekt nog weinig over economie en als het dat doet, is het in termen van wie “gunsten” krijgt (Matthias Somers, DM 13/2). Links opteert veeleer voor een moraliserend progressivisme dan voor socialisme. Conservatieve partijen van hun kant beseffen nog steeds niet dat de hedendaagse dominantie van markt en grote bedrijven haast alles vernielt waar zij belang aan hechten. De stakers en betogers van woensdag en donderdag liepen er, ondanks het positieve mediacommentaar, in feite verweesd bij.

De klimaatbetogingen steunen weliswaar niet op even solide structuren als de vakbonden, maar liggen wel in het verlengde van middenveldorganisaties, een partij en wetenschappelijke expertise. Dat vergroot de kans dat zij tot iets leiden, op voorwaarde dat zij het sloganeske van de betogingen tijdig ruilen voor politieke compromissen. Het is verre van zeker dat dit lukt. De groene beweging is te zeer overtuigd van haar groot gelijk om de wereld zoals hij is te kunnen veranderen.

Heel anders is dan weer het lot van de gele hesjes. Die beweging steunt volkomen op een combinatie van internetmobilisatie, onvrede en woede. Het blijkt moeilijk die explosieve cocktail te vertalen in structuren die de kans op een blijvende impact vergroten. De Franse gele hesjes proberen zich te bestendigen, maar ruziën oeverloos over wie zich woordvoerder mag noemen, terwijl triviale hesjespartijen als paddestoelen uit de grond schieten. De beweging boekte nochtans succes. Zij dwong een verandering van beleid af en plaatste zijn zorgen tot ver buiten Frankrijk op de politieke agenda. Alleen hebben zij die agenda niet in handen. Evenmin vinden zij aansluiting bij een partij die hun streven tot programmapunt maakt.

Vanwaar de bewegingen ook komen, hoe hardnekkig ze ook zijn, zij slagen er niet hun wensen en zorgen te vertalen in wetgevend werk. Mochten de politieke partijen het vertrouwen van de burgers genieten, dan zouden zij de grote zorgen en wensen in beleid kunnen vertalen. Dat vertrouwen is er niet. Wel wederzijdse vervreemding. Enerzijds worden partijen opgeroepen de “kiezer niet achterna te lopen”, worden verkiezingen getrivialiseerd, zou men vertegenwoordigers nog liever loten dan te luisteren naar de kiezers. Anderzijds luisteren partijen onvoldoende. Hoe ver die politieke doofheid kan gaan, wordt in dit land op hallucinante wijze geïllustreerd.

Nemen we de twee grootste actuele zorgen van de mensen: klimaat en migratie. De Franstalige partijen hebben zich telkens eensgezind getoond in hun steun voor het migratiepact en voor de klimaatwet, terwijl de Nederlandstalige partijen daarover verdeeld zijn gebleken. Dat opvallende verschil tussen de partijen van boven en onder de taalgrens contrasteert met de even merkwaardige gelijkenis tussen de burgers boven en onder die grens. Over klimaat en migratie liggen de opvattingen van Franstaligen en Nederlandstaligen dicht bij elkaar. In onderzoek uit 2013 bij jongvolwassen inwoners van België koos 79% van de inwoners van het Vlaams Gewest voor een meer doortastende aanpak van de milieuproblematiek, 21% voor een laksere aanpak. Van de Franstaligen wilde 71% een strenger, 29% een minder doortastend milieubeleid. 85% van de Vlamingen wil migratie drastisch beperken, 15% wil daar soepeler in zijn. Van de Franstaligen wil 76% meer gesloten grenzen, 24% meer open grenzen.

Terwijl de verdeeldheid van de bevolking in Vlaanderen al enigszins zichtbaar wordt in de verschillen tussen partijstandpunten, wordt een gelijkaardige of grotere verdeeldheid bij de Franstaligen helemaal bedekt, niet met de mantel der liefde, maar door wat Béatrice Delvaux een “wonderbaarlijke samenhang” van die partijen noemt (DS 9/2).

Wonderbaarlijke samenhang? Het gaat om een ontnuchterende kloof tussen partijen en burgers. Waarom dan nog gaan stemmen? Bij de laatste Kamerverkiezingen lag de proportie niet-stemmers in Wallonië 30% hoger dan in Vlaanderen.

Betogen dan maar. Volgens gezondheidsexperts bewegen we te weinig. Of al het betogen nog andere positieve gevolgen heeft, hangt vooral af van de politieke partijen. Beseffen zij tijdig dat er in een democratie naast verkozenen en journalisten ook nog kiezers zijn, waarvan de overgrote meerderheid overigens nooit betoogt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.