Dinsdag 15/10/2019

Opinie

Hoe mobiliteit rationeler organiseren

Paul De Grauwe. Beeld Bob Van Mol

Paul De Grauwe is professor aan de London School of Economics. Zijn column verschijnt wekelijks.

‘Rethinking Belgium’ is een forum dat Philippe Van Parijs en ik hebben opgericht om na denken en te debatteren over hoe België, met zijn speciale politieke instellingen, de grote maatschappelijke problemen kan aanpakken. Verleden week hadden we een colloquium over mobiliteit in een verstedelijkt Belgisch landschap.

De kern van het mobiliteitsprobleem is dat er te veel auto’s rondrijden. Het is nauwelijks te geloven dat we in België en in de meeste geïndustrialiseerde landen een transportmiddel hebben gekozen dat een dergelijke graad van inefficiëntie heeft bereikt. De gemiddelde auto wordt 95 procent van de tijd niet gebruikt. Veronderstel even een onderneming die dure machines heeft aangekocht en deze 95 procent van de tijd niet zou gebruiken. We zouden het allen roerend eens zijn dat die onderneming door een dwaas wordt geleid en failliet verdient te gaan. Dat is nochtans wat we met de auto doen. We investeren massaal in een duur transportmiddel dat we dan slechts gedurende 5 procent van de tijd gebruiken. Veel dwazer kunnen mensen niet zijn.

Externe kosten

Daarmee houdt de absurditeit niet op. De auto (samen met de vrachtwagen) is een van de belangrijkste oorzaken van de uitstoot van broeikasgassen en van luchtvervuiling in het algemeen. Om het jargon van de economen te gebruiken: het gebruik van de auto creëert “externe kosten”. Dit zijn kosten die door de autobestuurder worden gemaakt en niet door hem maar door anderen worden gedragen. Het gevolg is dat wanneer hij beslist om met de auto zijn mobiliteitsbehoeften te voldoen hij niet de juiste kostencalculatie maakt. Hij houdt alleen rekening met de kosten die hij zelf draagt (investeringskosten, benzinekosten, verzekering, et cetera). De externe kosten, de uitstoot van schadelijke stoffen, komen in zijn kostenplaatje niet voor. En zo ontstaat een grote maatschappelijke inefficiëntie. Vermits de autobestuurder de echte kosten onderschat, rijdt hij te veel rond met de auto.

Dat massaal rondrijden met de auto creëert op zijn beurt een andere externe kost: congestiekosten. Als ik beslis met de auto naar Brussel te rijden, draag ik bij tot extra congestiekosten, die niet alleen door mij maar ook door de andere automobilisten worden gedragen. Het ongemak dat ik andere automobilisten bezorg komt ook niet voor in mijn kostencalculatie.

Het gebruik van de auto om onze mobiliteitsnoden te voldoen is dus buitengewoon inefficiënt en op termijn onhoudbaar. Hoe de ommekeer bewerkstelligen en efficiëntere transportmethodes gebruiken?

Slecht evenwicht

Er zijn heel wat obstakels om tot rationelere vervoermethodes te komen. Een van de belangrijkste is de urban sprawl, de ongecontroleerde verstedelijking van het landschap. Die is bijzonder uitgesproken in België en vooral in Vlaanderen, en maakt het extra moeilijk om openbaar vervoer op een efficiënte wijze te ontwikkelen. Paradoxaal genoeg is deze urban sprawl zelf het gevolg van het succes van de auto. En zo zien we hoe we in een zelfvoedend ‘slecht evenwicht’ zijn geraakt en er niet uit kunnen stappen. De auto heeft het aantrekkelijk gemaakt om gelijk waar zijn huisje en tuintje te hebben, maar de urban sprawl die daar het gevolg van is maakt het gebruik van rationelere vervoermethodes zoals openbaar vervoer steeds moeilijker zodat de auto populair blijft.

Om uit dat slecht evenwicht te geraken zullen ingrijpende maatregelen nodig zijn. Het gebruik van de auto is nog altijd (ondanks de relatief hoge belastingen) veel te goedkoop. De overheid zal die auto nog veel duurder moeten maken dan die vandaag is. De vrijheid om gelijk waar te gaan wonen zal aan banden moeten worden gelegd.

Dat zijn ingrepen in het dagelijkse leven van de mensen die bijzonder diep zullen snijden. En die tot grote weerstand zullen leiden. We zien dit vandaag al in het succes van de gele hesjes – die willen niet betalen voor hogere brandstofprijzen. Zij willen dat anderen betalen.

De vraag die zich vandaag stelt is of we dergelijke ingrijpende maatregelen kunnen opleggen aan de mensen in de context van de democratische instellingen die we vandaag kennen. Die blijken bijzonder gevoelig te zijn voor de druk van speciale belangen die niet aarzelen om diezelfde instellingen te ondermijnen. Zullen we op het moment dat grote milieucatastrofes naderen niet onvermijdelijk moeten grijpen naar autoritaire beslissingsprocessen? Ik hoop dat we het kunnen vermijden, maar ik ben er helemaal niet gerust in.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234