Zaterdag 24/08/2019

Column

Het zou een goed begin zijn om weer eens even de basisafspraken te respecteren

Op de 81ste Antwerpse Boekenbeurs. Beeld Photo News

Op zijn berg in de Oostkantons schrijft Marnix Peeters over vrijheid, vogels en zijn vrouw. Zijn nieuwe boek In elke vrouw schuilt haar moeder is nu uit.

Voor de Boekenbeurs waren wij laatst nog eens in Antwerpen, waar ik alle verplaatsingen met de fiets doe.

Als we nu eens begonnen bij het begin, zei ik toen ik terugkwam van een ritje. Waar ik ook sta te wachten voor het rode licht, word ik steevast voorbijgestoken door fietsers die door het rood rijden. En als het dan groen wordt, moet ik steevast nog even inhouden, of ik word overhoop gereden door minstens een of twee auto’s die aan hún kant nog snel door het rood zijn gevlamd. ­We ­kunnen mopperen over de ­infrastructuur en naar conflictvrije kruispunten verlangen, maar het zou een goed begin zijn om weer eens even de basisafspraken te respecteren.

Mijn vrouw houdt niet van ­fietsen, zij gebruikt steeds het ­openbaar vervoer. Zij was die dag op een overvolle tram gestapt, waar zij vol ongeloof had staan kijken naar een dame die, ondanks de vele staanders, parmantig haar handtas op de zitplaats naast haar had gezet.

Zij was in de Goed Gevoel een ­artikel over geluk aan het lezen, zei mijn vrouw. Ik kon over haar ­schouder meelezen, het was Leo Bormans die het had over de ­maakbaarheid van geluk, over ­hoeveel controle je er wel over hebt, middels kleine ingrepen – door te geven en te delen. Het was net een mop die daar zat. Zolang die vrouw het verband niet ziet tussen haar eigen ongeluk en haar sacoche, ­kunnen duizend Leo Bormansen het tij niet keren.

Marnix Peeters. Beeld Bob Van Mol

Ik had op mijn Facebookpagina mijn Boekenbeursagenda gepost, die goed vol zat met signeersessies, en een collega-auteur had daar ‘gecondoleerd’ onder geschreven.

Waarom zou je dát doen, vroeg ik me af. Hoe kun je zo misprijzend zijn tegenover je lezers – alsof je je moet verlagen, je je in het plebs moet begeven en je daar begrip en medelijden voor verdient.

Het is me wat, in die literatuur, zei mijn vrouw, en kort daarop vertrokken wij naar Antwerp Expo, waar een gezellige drukte heerste en waar er zich een paar fijne gesprekken ontsponnen met lezers – de ene had een boon voor Jenesepa Oghenokohwo, de andere hield meer van Billie Vuist, maar allemaal waren ze geestdriftig en goedgemutst.

Na afloop van onze taak botsten wij nog op de jonge schrijver Stijn Tormans, die nog steeds op krukken loopt nadat hij maanden geleden door een auto van het fietspad was gemaaid en die over dat voorval, en over hoe het zijn leven heeft heringericht, in Knack een prachtige reeks schreef. Wij praatten tien minuten over de gevaren op de weg, vroegen ons af wat we er voorts nog aan konden doen en kwamen er niet uit, waarna hij heen pikkelde.

Het wordt toch elke keer wat ­lastiger, die beschaving, zei mijn vrouw toen we waren thuisgekomen. Je zíét elke keer meer, je let harder op dingen, je ruikt en je voelt meer. Je stelt je elke keer meer ­vragen. Het wordt elke keer een klein beetje absurder.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden