Maandag 20/09/2021
Hans Vandeweghe. Beeld DM
Hans Vandeweghe.Beeld DM

ColumnHans Vandeweghe

Het zijn stille, steriele Spelen, en een deel van mij vindt dat best zo

Hans Vandeweghe is sportjournalist bij De Morgen.

Op de eerste o van dōmo staat een platte streep en die staat ook op de o van arigatō. Ben het niet zeker, maar ik denk dat die o wat langer wordt aangehouden. Wil zeggen: heel erg bedankt. Dat zeg ik per dag een keer of twintig en dat is meer dan in een hele maand in België, al heeft dat ook te maken met het aantal mensen dat ik in een doorsnee week thuis zie: dat zal de tien nauwelijks overstijgen. U moet mij niet zielig vinden, ik vind het best zo.

Hier in Japan kun je er niet onderuit. Laat de taximan je in zijn auto, dan buig je en zeg je dōmo arigatō. Ga je iets halen in de konbini (dat zijn minisupermarktjes) dan zeg je dat ook. Idem als Uber Eats landt. Japanners zeggen ook iets terug maar dat heb ik nog niet kunnen vertalen. Het lijkt een beetje op Hadimassa. Dat was een cabaretprogramma van onder meer Kees van Kooten en Wim de Bie, maar ik neem het u niet kwalijk als u nu niet meer kunt volgen want dat is gestopt in 1972.

Ik vermaak mij hier wel en om heel eerlijk te zijn, ik heb gemengde gevoelens bij het ontbreken van publiek. Eergisteren in de gymnastiek – deze middag bij u zitten we daar ook weer – in het Ariake Gymnastics Centre was het kil en koud, zo zonder publiek. Toen de gymnastes zondag de zaal binnenmarcheerden – die stappen niet normaal maar marcheren – bleef het oorverdovend stil. Normaal breekt dan de hel los.

Het Ariake Gymnastics Centre is een bijzonder bouwsel. Het is geconcipieerd als een tentoonstellingshal, en dat wordt het na de Spelen, maar tijdelijk zijn er binnenin lokalen gebouwd en tribunes neergezet. Bijna alles aan die hal is in hout dat van over heel Japan is aangevoerd. Ooit was op die plek in de haven een houtgroothandel gevestigd, vandaar het hout. Vreemde redenering, maar ik las het op internet. Hoe ook, mooi bouwwerk. Die Japanners weten wel een mooi gebouw neer te zetten.

Maar dus: kil en stil, geen getier, geen gejoel, geen applaus en geen gefluit bij het binnenkomen, geen woede bij te lage punten of extatisch contentement bij een hoge score. Het zijn stille, steriele Spelen, wat wil je, zonder publiek. En nu komt het: een deel van mij vindt het best zo.

Nikita Nagornyy, die Rusland het goud schonk in de teamfinale allround, schommelt op het paard in een bijna leeg Ariake Gymnastics Centre in Tokio. Beeld AFP
Nikita Nagornyy, die Rusland het goud schonk in de teamfinale allround, schommelt op het paard in een bijna leeg Ariake Gymnastics Centre in Tokio.Beeld AFP

Eergisteren zag ik een oude kennis iets lager zitten, op de seats waar de Olympic Family normaal moest zitten en die sommeerde mij om bij hem te gaan zitten. Ik aarzelde. Ik dacht: straks halen ze mij hier manu militari weg, maar neen, niemand kwam vervelend doen. Nadien, toen de Belgische ploeg naar de balk verhuisde, liepen wij gewoon mee. Geen Japanner die ons tegenhield. We waren binnen, we hadden onze accreditatie en er was plaats zat. De Belgische vrouwen vierden hun kwalificatie voor de teamfinale onder ons en ze zwaaiden. Naar ons? Naar wie anders? Er zat niemand behalve wij.

Zoals gezegd, een deel van mij vindt het best en dat is het deel van mij dat zich eerdere Spelen herinnert als een hel om ergens te geraken. Het deel dat de metro nam en tussen de dikke Amerikanen en andere olympische toeristen een plekje moest zoeken om ergens te komen. Dat ging meestal nog wel, maar van ergens terug thuis geraken was andere koek.

Dit zijn heel comfortabele Spelen voor journalisten. Er is geen sfeer en dat is bijzonder jammer, maar daartegenover staat dat je met verbazend gemak overal komt, als je maar een beetje plant. Met een halfuur speling kom je ruimschoots toe om op de competitieplek je plaats te vinden. Hoe minder zielen, des te meer werkvreugde? Is ook niet helemaal waar, maar toch een beetje.

Wat deze Spelen echt wel bijzonder maakt zijn de Japanners. Zulke beleefde mensen, ik was hier al een paar keer en toen was het mij al opgevallen, maar voor deze Spelen lijkt het wel of ze extra vriendelijk zijn. Het leger doet nogal wat controles aan de poortjes waar wij door moeten en aan de scans waar de tassen door moeten, maar of ik nu de muntjes laat zitten en het sleuteltje van mijn kastje niet in het bakje leg, dat poortje geeft onveranderlijk groen licht en mijn tas hebben ze nog nooit geopend.

Integendeel: ze bedanken mij uitvoerig dat ik zo aardig was mijn tas door de scan te steken en ik nog eens helemaal zelf door die poort stapte. Is dat hetzelfde leger van Merry Christmas, Mr. Lawrence? Ik dacht het niet.

Het werkt. Niet alleen bij mij. Dit zijn de zen-Spelen. Ik heb nog nergens ook maar iemand zich horen opwinden of schelden en dat is met een tienduizend journalisten een godswonder. Meer zelfs: alle fotografen zijn boeddhist geworden. De onmensen die ik in Atlanta elkaar de hersens zag inslaan met hun 400 millimeters staan hier netjes in de rij hun beurt af te wachten om op de bus te stappen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234