Zaterdag 17/08/2019

Column

Het verstand komt met de jaren, het besef dat er niets te missen valt ook

Beeld rv

Mark Coenen is columnist.

Er is een nieuw vierletterwoord: JOMO.

Joy Of Missing Out, de pendant van FOMO, de angst om iets te missen.

Met graagte laat ik die kelk aan mij voorbij gaan: exact dát gevoel. Niet meer moeten, maar mogen.

Mijn oude hart maakt een sprongetje van vreugde.

Het is altijd leuk als iets wat je zelf hebt, intuïtief aanvoelt of koestert, bevestigd wordt door iemand die wél heeft doorgeleerd.

De man in kwestie heet Svend Brinkmann en zijn boek The Joy of Missing Out is overal te koop.

Als ik wat rondgoogel, zie ik dat het begrip eigenlijk niet nieuw is, maar al een tijdje rondwaart in de wereld van de zelfhulpboeken.

Zelfhulpboeken zijn boeken waar mensen die al ongelukkig zijn, nog ongelukkiger van worden. Door anderen aangeprate zelfhaat moet gelenigd worden door erover te lezen.

Men kope beter een kookboek of een dichtbundel om zichzelf uit de dikwijls zelfgegraven put te hijsen.

Helpt bij mij altijd.

Dat er nog nooit iemand de twee genres heeft gecombineerd, vind ik een raadsel en tegelijk een uitdaging.

Het zelfhulpgenre is al lang zo populair dat er een tegenbeweging ontstond, die haar consecratie krijgt in het recente en adequaat getitelde Zelfverwoestingsboek van Marian Donner.

Eindelijk, zucht de sukkel in mijzelf. Éíndelijk iemand die het snapt en er een boek over schrijft.

J’ai donné

Drang naar perfectie wordt al te vaak zelfvernietigingsdrang. De illusie dat alles maakbaar is en te controleren, maakt een mens ongelukkig en klaar voor het dolhuis.

Zeker nu het alweer zomer is en er nog tien kilo te veel aanhangt.

Dat overkomt mij nu eens elk jaar.

Ik zeg dan altijd: “Ik ben niet te dik, ik ben de winter goed doorgekomen”, maar men ziet aan mijn ogen dat ik weet dat ik lieg en dat ik mij nooit meer in een sexy Marcel aan den volke durf te vertonen.

Het verstand komt met de jaren, het besef dat er niets te missen valt ook.

Ik moet niet meer zo nodig, want ik ben overal al geweest.

Meestal twee keer: de tweede keer om mij te verontschuldigen voor mijn gedrag van de eerste keer.

Ik heb, om met Simon Carmiggelt te spreken, overal mijn gezicht rond­gedragen.

J’ai donné.

Je mist niets en niemand mist jou.

Zeker niet in een tropische tent met loeiharde muziek, waardoor ik driekwart van wat er gezegd wordt niet versta en constant beaat ja sta te knikken.

Daardoor heb ik ooit op Pukkelpop mijn huis en mijn auto onvermoed verkocht aan een roadie van Jane’s Addiction.

Maar dat is een ander verhaal.

Digitale pater

Ik leid nu het contemplatieve leven van een digitale pater.

In mijn stemmig verduisterde mancave zet ik de ventilator op 10 en start de computer.

Werchter vanuit de zetel.

Ik ben overal bij en niemand die mij ziet: het is het paradijs op aarde.

Tevreden knorrend doe ik een dutje.

Papa slaapt, fluisteren de kinderen eerbiedig als ze in stille bewondering passeren.

Hij zal wel weer hard gewerkt hebben.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden