Donderdag 17/06/2021
Vincent Stuer. Beeld DM
Vincent Stuer.Beeld DM

ColumnVincent Stuer

Het verleden is een vreemd land, daar doen ze de dingen anders

Vincent Stuer is schrijver en werkt in het Europees Parlement. Hij schrijft in eigen naam. Zijn boek ‘Hoogmoed – Van Verdinaso tot verzet’ verschijnt deze week. Deze column verschijnt tweewekelijks.

De geschiedenis blijft lang hangen, en niet alleen aan de muur. Nu ik weer op kantoor kom, loop ik telkens voorbij de eregalerij met foto’s van alle voorbije Europese parlementsvoorzitters.

Als eerste hangt Paul-Henri Spaak (1899-1972), de socialistische buitenlandminister die bij het begin van de Tweede Wereldoorlog naar Londen vluchtte. Daar ging hij al snel een rol spelen in het uittekenen van de naoorlogse wereldorde, waarin democratie, Europese integratie en Atlantische solidariteit centraal stonden. Spaak hangt daar met plezier.

Drie portretten verder hangt Victor Leemans (1901-1971). Die Waaslandse socioloog had de jaren 30 aan verschillende universiteiten doorgebracht, ook in Duitsland, waarvan hij de ideeën mee naar huis bracht. Hij publiceerde het eerste anderstalige boek over Carl Schmitt, de Duitse autoritaire denker waarmee kringen rond Trump en Orbán tot vandaag mee sympathiseren. Toen nog weinigen de nazi’s op de radar hadden, schreef Leemans een vulgariserend en welwillend boekje over het nationaal-socialisme. Na de inval in 1940 deden de Duitsers op hem een beroep om als secretaris-generaal van de administratie economie het bezette land mee aan te sturen. Na de oorlog werd hij tot CVP-senator gecoöpteerd. Zo schopte hij het uiteindelijk tot voorzitter van het — toen nog niet rechtstreeks verkozen — Europees Parlement.

De Europese integratie was alles waartegen Victor Leemans ooit geageerd had: een verhaal van persoonlijke vrijheden en rechten, de meerstemmigheid van een open samenleving, het aan banden leggen van de politieke macht.

Het nieuwe Europa mocht dan mee door Spaak uitgedacht zijn, het werd deels bevolkt met mensen die een totaal andere persoonlijke voorgeschiedenis hadden.

Hoe gaat dat dan, vraag ik me af? Is er een moment dat je tot inzicht komt, zoals de jonge Hugo Schiltz (1927-2006), die als jonge gast even in de gevangenis terechtkwam voor zijn Nieuwe Orde-gezindheid en daar, vanuit zijn machteloosheid, ging inzien dat te veel macht in mensenhanden altijd tot wantoestanden moet leiden? Of raken je oude ideeën gewoon langzaamaan op de achtergrond, zoals een oudmodisch kostuum dat achter in de kast stof hangt te vergaren? Daar heeft Leemans, en met hem velen van zijn generatie die zich pas op latere leeftijd en schoorvoetend bij de democratie hebben neergelegd, bij mijn weten nauwelijks iets over geschreven. De democratische ervaring spreekt helaas minder tot de verbeelding dan de totalitaire verleiding.

Terwijl ze zeker zo belangrijk is. Na hen hebben nog velen een soortgelijk, bochtig parcours afgelegd. Van de Duitsers en Italianen die tot de eerste Europese kern gingen behoren, en de Grieken of Spanjaarden die samen met hun toetreding in de jaren 80 de dictatuur achter zich lieten, tot de Letten of Roemenen die pas deze eeuw toetraden. Hun persoonlijke geschiedenis is minder ver weg dan je denkt. Het verbaast me regelmatig hoeveel collega’s uit Oost-Europa nog Russisch spreken, uit de tijd toen dat nog geen keuzevak was. En er is minstens één Europees commissaris die als beloftevolle jongeman nog aan de academie voor diplomaten in Moskou gestudeerd heeft, die bij de Amerikanen bekend stond als de Soviet spy school. Welwillend of niet, hen werd een onverbiddelijk wereldbeeld ingelepeld. En toen plots bleek dat de wereld overstag gegaan was, moesten ze zelf de mentale bocht maar maken. De geschiedenis delen we, maar het denken is eenzaam.

Het Europese verhaal heeft hen telkens geholpen de bocht te maken. Voor elk van die landen was het Europese lidmaatschap niet alleen een manier om te breken met ondemocratische regimes, die al dan niet van buitenaf opgelegd waren, maar ook om komaf te maken met het eigen ongewenste verleden.

“The past is a foreign country,” schreef L.P. Hartley in zijn roman The Go-Between uit 1953, “they do things differently there.” Het verleden is een vreemd land, daar doen ze de dingen anders. Door Europees te worden, trokken ze een lijn onder het verleden, als een grens door hun hoofd. Nu leven ze in een ander land, waar Spaak en Leemans broederlijk samen op één muur kunnen hangen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234