Donderdag 20/02/2020
Paul De Grauwe.Beeld rv

Column

Het trotse Albion zal zich moeten onderwerpen aan de brute werkelijkheid

Paul De Grauwe is professor aan de London School of Economics. Zijn column verschijnt tweewekelijks.

De Britten hebben het Europese huis verlaten. Ze waren nooit echt gelukkig maar ook niet ongelukkig. Het was een ‘marriage de raison’. Een calculus van opeenvolgende politieke elites dat het samenwonen met Europeanen de nationale belangen van het Verenigd Koninkrijk diende. Dat is nu ten einde.

Wat kunnen we leren uit deze echtscheiding? Ik zie twee dingen.

Ten eerste, liegen rendeert, en systematisch liegen nog meer. Van toen hij nog journalist was in Brussel zond Boris Johnson verzonnen verhalen naar zijn krant in Londen waarin hij al wat met de EU te maken had hekelde. Die verhalen moesten aantonen dat Brussel een bureaucratisch monster is dat er op uit is Groot-Brittannië te schaden en te kleineren. Dat werd het geliefkoosd thema van de Britse tabloids dat decennia lang het debat in Groot-Brittannië vergiftigde en van Brussel een vreselijke vijand maakte.

Tijdens het referendum werd de intensiteit van de leugens nog opgevoerd. De fameuze rode bus verspreidde leugens over de omvang van de Britse budgettaire bijdragen. De leugens werden ontmaskerd door factcheckers, maar niemand gaf er wat om. De tactiek was altijd dezelfde: verspreid zoveel mogelijk leugens, verdraai de feiten en vind er nieuwe uit. Op de duur creëert de batterij aan leugens een mistlaag die het onmogelijk maakt fictie van feiten te onderscheiden. En dat werkte buitengewoon goed.

Ten tweede, een referendum is niet altijd een goed instrument om de verlangens van de mensen te reveleren. Toen David Cameron het referendum uitschreef was hij heel onpopulair. Hij had een bezuinigingspolitiek doorgevoerd die vooral snoeide in de sociale uitgaven. Dat kwam hard aan in het Noorden van Engeland vooral bij de lagere inkomensklassen. Het referendum werd een middel voor vele mensen om weerwraak te nemen op een onpopulaire eerste minister. Die kwam nu betogen dat Groot-Brittannië in de Europese Unie moest blijven. Welnu velen zegden, nee, niet omdat ze perse tegen de EU waren, wel tegen Cameron.

Wat nu? Hoe moet het verder? De echtscheidingsprocedure gaat nu pas van start. En het wordt haast zeker een vechtscheiding. Gedurende de overgangsperiode die op 1 februari is begonnen en tot eind 2020 duurt, moeten Groot-Brittannië en de EU een handelsverdrag sluiten. In principe kan deze overgangsperiode met twee jaar verlengd worden maar de Britse regering heeft dit nu al uitgesloten.

De standpunten liggen ver uiteen. De Britse regering opteert voor een handelsakkoord dat sterk lijkt op het akkoord dat de EU met Canada heeft gesloten. Dit is een handelsakkoord dat de importtarieven en importcontingenten op nul plaatst. Voor de rest wil de Britse regering de vrijheid hebben om zelf de regels te bepalen over gezondheid, milieu en arbeidsvoorwaarden waaraan goederen worden onderworpen. ‘Regulatorische divergentie’ heet het in het jargon van de Britse onderhandelaars. Groot-Brittannië wil het recht hebben om af te wijken van de Europese regels terwijl het land volledige toegang tot de interne markt behoudt.

Contradictie

Daar wringt het schoentje. Michel Barnier heeft gisteren duidelijk laten verstaan dat daar geen sprake kan van zijn. Een vrijhandelsakkoord met zero-importtarieven en zero-contingenten oké, maar als Groot-Brittannië volledige toegang tot de interne markt wil behouden zal ze de regels die er gelden moeten volgen. Als het dat niet wenst dan ontstaan er hinderpalen en zal de handel met Groot-Brittannië op een lager pitje vallen. Weinigen wensen dit, maar het is onvermijdelijk als deze contradictie niet wordt opgeheven.

De Britse regering is de gevangene geworden van een nostalgisch en nationalistisch verhaal dat ze zelf heeft uitgevonden. Dit is het verhaal dat Groot-Brittannië als groot land met een roemrijke geschiedenis volledig soeverein over zijn eigen regels moet beslissen. Het trotse land zal zich niet meer onderwerpen aan regels die worden opgelegd door Brussel.

Die nostalgie botst op de harde werkelijkheid dat Groot-Brittannië helemaal geen groot land meer is. In vergelijking met de EU is het land zelfs klein te noemen. Dat heeft tot gevolg dat het de EU is die de regels bepaalt die zullen gelden voor landen die in de Europese markt wensen te verkopen. En vermits de EU als markt zo groot is zien we dat veel landen in de wereld hun regelgeving aan de Europese regels afstemmen. Groot-Brittannië kan ook voor zijn eigen markt de regels bepalen, maar weinige landen zullen hun regelgeving afstemmen op de Britse. Het trotse Albion zal zich moeten onderwerpen aan de brute werkelijkheid en die is dat de EU de ‘rule-maker’ is en Groot-Brittannië de ‘rule-taker’.

Boris Johnson heeft een zwakke hand kaarten. Hij zal dat proberen te verbergen door veel getater, bedreigingen en verwensingen naar het adres van de EU. Het zal niet baten.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234