Zondag 20/09/2020

OpinieMichael J. Sandel

Het idee dat een diploma een vereiste is om waardig werk en sociale status te krijgen, is vergif voor de democratie

Joe Biden is de eerste Democratische presidentskandidaat die geen diploma heeft van een elite-univeristeit. Volgens Michael J. Sandel een troef in zijn verkiezingsstrijd. Beeld AP

Michael J. Sandel is professor aan Harvard en auteur van The Tyranny of Merit: What’s Become of the Common Good? dat weldra verschijnt. 

Joe Biden heeft een geheim wapen in de verkiezingsstrijd: hij is de eerste Democratische kandidaat in 36 jaar zonder een diploma van een elite-universiteit. Dat is een potentiële troef, want een van de redenen van Donald Trumps populariteit bij de kiezers is hun wrok tegenover de meritocratische elites.

De Democraten waren ooit de partij van de arbeiders en de middenklasse, maar tegen 2016 was dat veranderd. De partij was haar voeling met de basis kwijt. Twee derde van de blanken zonder universitair diploma stemde op Trump, terwijl Hilary Clinton meer dan 70 procent van de hoogopgeleide kiezers op haar hand kreeg.

Omdat hij anders dan zijn voorgangers niet aan een prestigieuze universiteit heeft gestudeerd, zou Biden de basis weer kunnen aanspreken. Maar nog belangrijker, zijn voorbeeld kan ons aanzetten om het meritocratische project dat het hedendaagse liberalisme domineert ter discussie te stellen.

Dat project vertrekt van twee grote ideeën. Ten eerste dat hoger onderwijs in ons geglobaliseerde technologische tijdperk de weg opent naar opwaartse mobiliteit, materieel succes en sociale waardering. Ten tweede dat, als iedereen gelijke kansen krijgt, de toppers alle waardering verdienen in ruil voor hun talent.

Maar het idee dat een diploma een vereiste is om waardig werk en sociale status te krijgen, is vergif voor de democratie. Het devalueert de bijdrage van mensen zonder diploma, is een bron van vooroordelen tegenover minder hoog opgeleide burgers en sluit de meeste werkende mensen uit van de politiek.

Het succes van Trump en de populistische revolte die hij vertegenwoordigt, is in grote mate te wijten aan een logica die de politieke opinie overheerst, zeker bij de Democraten. Hij gaat als volgt. In de globale economie vertrekken de banen naar de lageloonlanden en dat zal zo blijven. We moeten dus niet proberen het te veranderen, maar wel ons aan te passen. Daarom moeten we de mensen opleiden, zodat ze mee kunnen in de globale economie. Met andere woorden, we moeten de ongelijkheid wegwerken door via hoger onderwijs de opwaartse mobiliteit te bevorderen.

Die logica vond weerklank in heel het politieke spectrum, van Bill Clinton tot George W. Bush, Barack Obama en Hillary Clinton. Maar hij is impliciet beledigend: als je niet naar de universiteit bent geweest en het niet goed doet in de nieuwe economie, is dat je eigen fout.

Divers in diploma’s

In de Verenigde Staten en Europa krijgen ongeschoolden minder respect dan andere kansarme groepen. Uit peilingen in de VS, Groot-Brittannië, Nederland en België blijkt dat respondenten met een universitaire opleiding meer vooroordelen hebben tegenover laaggeschoolden dan tegenover andere groepen – moslims, armen, zwaarlijvigen, blinden in Europa, en in de VS ook Afrikaans-Amerikanen en arbeiders. Al die groepen krijgen meer waardering dan de laaggeschoolden. Sterker nog, de elites hebben geen probleem met hun vooroordeel. Ze klagen racisme en seksisme aan, maar schamen zich niet voor hun negatieve houding tegenover mensen zonder opleiding.

Tegen het jaar 2000 waren burgers zonder een universitair diploma vrijwel afwezig in de Amerikaanse politiek. Dat is niet altijd zo geweest. Hoogopgeleiden zijn traditioneel oververtegenwoordigd in het Congres, maar in de vroege jaren 1960 had nog ongeveer een vierde van onze afgevaardigden geen universitair diploma. Sindsdien is het Congres diverser geworden in ras, etniciteit en gender, maar minder divers in diploma’s en in klasse.

Is een bestuur door uitstekend opgeleide universitairen dan geen goede zaak? Niet noodzakelijk. Goed bestuur vereist niet alleen technocratische expertise, maar ook het vermogen om het algemene belang te dienen en rekening te houden met burgers van elke rang en stand. Dat leer je niet aan een elite-universiteit.

Om aan de val van de technocratische verdienste te ontsnappen, moeten we trachten het leven beter te maken voor mensen die geen diploma hebben maar wel een waardevolle bijdrage aan onze samenleving leveren. Met het werk dat ze doen, de kinderen die ze grootbrengen, de gemeenschappen die ze dienen. Zij moeten weer waardigheid krijgen en centraal staan in onze politiek.

We horen ook na te denken over de betekenis van succes. Heb ik het aan mezelf te danken dat ik iets heb bereikt, of heb ik gewoon geluk gehad? Die vraag zet aan tot nederigheid, een deugd die we dringend nodig hebben om af te stappen van de harde ethiek van het succes die ons verdeelt. Nederigheid zal ons de weg wijzen van de tirannie van de verdienste naar een minder rancuneus, meer genereus openbaar leven.

© 2020 The New York Times Company

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234