Dinsdag 18/06/2019
Mark Elchardus. Beeld rv

Column Mark Elchardus

Het boek van Bart De Wever handelt over vier vragen die me nauw aan het hart liggen

Mark Elchardus is emeritus professor sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel en opiniemaker bij De Morgen.

Het boek van Bart De Wever (N-VA), Over identiteit, handelt over vier vragen die me nauw aan het hart liggen. Moeten we over identiteit praten? Kunnen we over identiteit praten? Hoe doen we dat dan? Waartoe leidt ons dat?

Volgens De Wever moeten we over identiteit praten omdat we een diverse samenleving zijn. Als we niet duidelijk maken waarvoor we staan, kan niemand ons echt vervoegen. Wat in een homogene samenleving vanzelfsprekend is en latent kan blijven, dient nu expliciet verwoord. Lukt dat niet, dan versnipperen we tot identiteitjes gebouwd rond geslacht, huidskleur, religie, afkomst en andere particularismen, die allemaal hun privileges opeisen en ons overkoepelend burgerschap vernielen. Inderdaad.

Verademing

Een nationale identiteit is geen natuurlijk gegeven. Zij wordt gemaakt. Hoofdzakelijk via een intense, maar selectieve lezing van het verleden. Het is een verademing bij De Wever een juiste interpretatie van Benedict Andersons Imagined Communities te lezen. Hoe vaak hoorde ik niet, van mensen die duidelijk niet voorbij de titelpagina van dat boek geraakten, dat gevoelens van nationale identiteit niet echt maar imagined zijn. De Wever stelt terecht dat zij verbeeld zijn (uiting van menselijke scheppingsdrang) maar geenszins ingebeeld.

Die verbeelding kan verschillende kanten op. In zijn Introduction à l’histoire universelle (1834) maakte Jules Michelet het onderscheid tussen het Duitse en Franse nationalisme. “Frankrijk is geen ras zoals Duitsland,” schreef hij, “het is een natie. Haar oorsprong ligt in verscheidenheid.” Dat onderscheid kreeg sindsdien vele namen: gesloten versus open nationalisme, etnische versus civiele naties, culturele versus politieke staten…

Bart De Wever stelt zijn nieuwe boek 'Over Identiteit’ voor in Antwerpen. Beeld Photo News

In de praktijk zijn alle naties een mengeling van beide. Gelukkig houdt De Wever daar rekening mee. De natie die hij voor ogen heeft, is politiek en cultureel. Daarom heeft ze een Identiteit. Deze laatste is echter inclusief en open, “een dynamisch proces van identificatie”. Een land komt volgens hem in de problemen als zijn identiteit onvoldoende wendbaar is.

Het gaat bij De Wever om een soort kernidentiteit die zich kan verrijken door te absorberen wat past, af te wijzen wat niet past. Dat doet denken aan wat George Orwell schreef over het Engeland dat hij zo sterk zag veranderen: “De capaciteit om onherkenbaar te veranderen en toch hetzelfde te blijven.”

Kernwaarden

Wat is de kern die dat vermag? De Wever kijkt vooral naar de weg die de vorige generaties aflegden en vraagt respect voor traditie. Onze instellingen hadden best anders kunnen uitpakken (het monogame huwelijk bijvoorbeeld). Zij werden bepaald door omstandigheden, zijn contingent, maar daarom niet arbitrair. Taal bindt, uiteraard. De verlichting gaf ons kernwaarden als vrijheid en gelijkheid. Een reeks instellingen tekenen ons: democratie (volkssoevereiniteit in evenwicht met rechtsstaat), seculiere staat…

Het is duidelijk dat die kern hier behoorlijk consensueel maar niet meteen definitief verwoord is. Uit dezelfde uitgangspunten leid ik bijvoorbeeld af dat de hoofddoek onder vele omstandigheden moet kunnen; De Wever dat hij onder bitter weinig omstandigheden kan. Diversiteit confronteert ons met problemen waarop mensen die onze kernidentiteit delen toch heel verschillend reageren. Geduldig wachten op voortschrijdend inzicht is daarom een belangrijke deugd. Zelfinterpretatie, het expliciteren van onze kernidentiteit en het bestrijden van zelfhaat zijn een voortdurende opdracht. Het is de verdienste van De Wevers boek het belang van dat cultuurwerk te belichten en er elementen van een methode voor aan te reiken.

De voorzitter van N-VA bij een debat in Gent. “De Wever kijkt vooral naar de weg die de vorige generaties aflegden en vraagt respect voor traditie.” Beeld Wouter Van Vooren

Men kan overigens langs heel andere wegen dan De Wever tot het belang van collectieve identiteit en natie komen. Bijvoorbeeld omdat in een tijd van intense globalisering de woorden van de socialistische voorman Jean Jaurès profetisch blijken: “Een beetje internationalisme verwijdert je van het vaderland, veel internationalisme brengt je terug naar het vaderland.” Of je nu van rechts of van links komt, je landt vandaag weer bij gemeenschappen die bewust willen worden van hun identiteit, bij naties die binnen eenzelfde beschavingsgebied naar samenwerking en gedeelde identiteit streven.

Dan stelt zich de hamvraag: waartoe? Cultureel zelfbewustzijn heeft slechts zin in een soevereine gemeenschap die wetten kan maken en veranderen. Ligt die bevoegdheid inmiddels niet bij een plutocratie van miljardairs, bij een dertigtal globale banken, bij wat multilaterale instellingen, het hof van Straatsburg, bij rechters die niet alleen oordelen naar, maar zonder tegenspraak of tegenmacht ook steeds meer over de wet?

Er is dus nog ruimte voor een boek over hoe we de bestemming van onze identiteit in eigen handen kunnen nemen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden