Woensdag 13/11/2019
Herman Brusselmans, naast een goed schrijver ook een goed mens. Beeld Thomas Sweertvaegher

Column

Herman is me helemaal niet tegengevallen, iets wat weleens gebeurt wanneer je na jaren iemand tegenkomt die je al lang bewondert

Marc Didden is columnist en filmmaker. Onder de noemer R-E-S-P-E-C-T schrijft hij wekelijks over wie en wat hem heeft ontroerd.

Een dode zanger uit Brooklyn die van zijn eigen Lewis Allen Reed heette en die wij allen gemeenzaam gewoon Lou noemden, had het er weleens over. Over het verstikkende gevoel dat de cultuurliefhebber kan overkomen wanneer hij gegijzeld zit in een té lange toneelvoorstelling, aan het worstelen is met een té dik boek, verdrinkt in een mensenmas­sa die door museumzalen zwemt bij een té druk bezochte tentoonstelling.

Marc Didden. Beeld Johan Jacobs

Het ongemakkelijke moment waarop de pretentieuze gedachte opborrelt die men zou kunnen samenvatten als: ‘Was ik maar dom!’

Ze overkomt mij ook weleens, geef ik toe, maar niet dikwijls. Ik hou van de gedachte dat er van alles veel is. Dat je zelfs in provinciesteden als Antwerpen, Brussel of Gent iedere dag, iedere avond, iedere nacht veel kunt zien, veel kunt voelen, veel kunt horen, veel kunt eten en drinken. En dat je die zogenaamde keuzestress ook gewoon kunt ervaren als onversneden rijkdom.

Was ik maar dom? Ik weet het niet. Maar ik weet wel dat ik liever in de rij sta bij Bozar dan bij de Primark.

Terug naar Lou Reed. Ik beluister zijn zevende langspeelplaat, die Rock and Roll Heart heet en word andermaal getroffen door een zinsnede die ik aantref in de titelsong: ‘I don’t like opera/­And I don’t like ballet/And new wave French movies/­They just drive me away/ I guess I’m just dumb/’Cause I know I ain’t smart/But deep down inside/I’ve got a rock’n’roll heart.” Klinkt goed, maar klopt maar voor de helft van mij. Ik hou van opera én van voetbal. Van Reed én van Tura. Van groenten én van vlees. En ook al verveel ik me vaak in het theater, ik ben toch al meer dan een halve eeuw verslaafd aan dat mo­ment waarop de zaallichten doven, het geroezemoes van het publiek vanzelf lijkt op te houden en je dan, vroeger toch, de drie kloppen hoorde die de na­kende aanvang aankondigden, waarna het rode gordijn tergend traag openschuifde. Wat erg, denk ik dan, dat veel jonge mensen dat nooit meemaken, zo’n splijtend doek.

Al is dat dan weer typisch een opmerking van een oudere kerel als ik die ook nog weleens heimwee heeft naar een telefoontoestel waar een draad aan zit, naar een handgeschreven brief waar ook nog eens een postzegel moest worden opgekleefd.

Nu, niet eens een week geleden beleefde ik toch weer eens zo’n mooi schouwburggevoel in het oude arsenaal waar in mijn stad al meer dan 100 jaar toneel wordt gespeeld. Behalve met het publiek en twee voortreffelijke gastmuzikanten bracht ik er wat tijd door in bijzijn van twee échte schrijvers. Eén van hen heette Brusselmans, Herman. Een fijne naam, voor een fijne man. Als ik over een ‘Herman’ hoor, moet ik ook altijd aan een ‘Hugo’ denken. Hugo Matthysen, ook al een fijne man, en aan diens ode aan de destijdse tv-iconen De Hermannen. Van wie ik, mits enige moeite, voor u volgende zin onthouden heb: ‘Een Herman is absoluut enorm, qua inhoud, maar zeker ook qua vorm!’

Ik had Brusselmans nog nooit ontmoet, wat een wonder mag heten om­dat wij voor een groot deel opereren in de­zelf­de kleine speeltuin ergens tussen de wereld van de hoge en die van lage cultuur. Hij is me helemaal niet tegengevallen, iets wat weleens gebeurt wanneer je na jaren iemand tegenkomt die je al lang bewondert. Dat hij Olivier Deschacht als een van zijn kandidaten voor de Gouden Schoen opgaf, bewijst dat hij behalve een goed schrijver ook een goed mens is. En weest maar zeker: God weet zulke dingen!

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234