Dinsdag 20/08/2019
Beeld rv

Opinie Paul De Grauwe

Heeft België wel een begrotingsprobleem?

Paul De Grauwe is professor aan de London School of Economics. Zijn column verschijnt wekelijks.

De regeringsonderhandelingen gaan gebukt onder de zomerhitte en de onwil van sommige partijen om te onderhandelen. Ondertussen groeit het overheidstekort. Moeten we ons zorgen maken over het groeiende tekort van het overheidsbudget? 

Laten we eerst eens kijken naar de cijfers. De Europese Commissie voorspelt dat het Belgische overheidstekort van dit jaar 1,3 procent van het bbp zal bedragen. In 2018 bedroeg dit tekort 0,7 procent. Een stijging van 0,5 procent van het bbp dus. In de eurozone is het overheidstekort over dezelfde periode gestegen van 0,5 procent naar 0,9 procent van het bbp, een toename van 0,4 procent. Dit is nauwelijks verschillend van wat er in België gebeurt.

De verklaring van deze stijging is heel eenvoudig. Sinds 2018 vertraagt de groei in de eurozone. Terwijl die in 2018 nog 1,9 procent bedroeg, voorspelt de Europese Commissie voor 2019 een groei van amper 1,2 procent in de eurozonelanden. Vooral in Duitsland is deze groeivertraging opmerkelijk: van 1,4 procent tot 0,5 procent. In België gaat het om een daling van 1,4 procent naar 1,2 procent.

Een groeivertraging heeft altijd tot gevolg dat het overheidstekort toeneemt. De overheidsinkomsten stijgen immers minder en de -uitgaven meer dan verwacht als de economie sputtert. Er zijn verschillende redenen om ons vandaag geen zorgen te maken over deze toename van het overheidstekort.

Gunstige rentedynamiek

Ten eerste gaat het om een relatief kleine toename. Een stijging van het overheidstekort van 0,5 procent kan bezwaarlijk catastrofaal worden genoemd. Tenzij voor politici die beloofd hebben om koste wat kost de begroting in evenwicht te brengen. Dat creëert voor die politici een politiek probleem. Voor het land stelt dat geen noemenswaardig economisch probleem.

Ten tweede is die stijging van het overheidstekort zelfs zo klein dat de Belgische overheidsschuld als percent van het bbp blijft dalen. Volgens de Europese Commissie zal die in 2019 101,3 procent van het bbp bedragen t.o.v. 102 procent in 2018. Die daling heeft alles te maken met de zeer lage rentevoeten.

België en de meeste landen van de eurozone zitten nu in een situatie waarin de nominale groei van de economie (reële groei plus inflatie) hoger is dan de rentevoet die de overheid moet betalen op haar schuld. De nominale groei van het Belgische bbp is nu 3 procent, terwijl de gemiddelde rente die de overheid betaalt op haar schuld ongeveer 2 procent bedraagt. Dat heeft tot gevolg dat de overheidsfinanciën profiteren van een gunstige rentedynamiek. Zonder dat de overheid hard moet ingrijpen in de begroting, daalt de overheidsschuld als percent van het bbp. Nog anders uitgedrukt: omdat de rentevoet lager is dan de nominale groei van de economie stijgt de overheidsschuld minder snel dan het bbp, en dus daalt de verhouding tussen schuld en bbp.

Schuldratio

Dat is precies de omgekeerde dynamiek die we vroeger hebben gekend, en die bekend stond als het ‘sneeuwbaleffect’. Dat was de periode waarin de rentevoet hoger was dan de nominale groei van het bbp. Dat zorgde er toen voor dat de overheidsschuld sneller toenam dan het bbp. De overheid werd toen gedwongen om voortdurend budgettaire saneringen door te voeren, gewoon om te beletten dat de schuldratio explosief bleef stijgen.

Nu zitten we dankzij de lage rentevoeten in een regime waarin de schuldratio vanzelf daalt (als we geen al te gekke dingen doen met de begroting). We kunnen dus gerust nog een tijdje zonder regering voortboeren. Het regime van voorlopige twaalfden zorgt er immers voor dat de regering van lopende zaken geen al te gekke dingen kan doen. De gunstige rentedynamiek zal er dan vanzelf voor zorgen dat de schuldratio daalt.

Blije beleggers

De Belgische overheid ‘betaalt’ vandaag een negatieve rente op nieuwe obligaties (op tien jaar) die ze uitgeeft. Dat betekent dat beleggers bereid zijn om Belgische obligaties in hun portefeuille op te nemen en daarvoor een prijs te betalen. Daarmee zeggen die beleggers aan de Belgische overheid: alstublieft, geef meer obligaties uit; we zijn er zo op verlekkerd dat we bereid zijn om u hiervoor te betalen. Die beleggers zeggen dus ook: uw tekort, Belgische overheid, is oké. U moet het zeker niet verminderen.

Er is dus geen reden om bezorgd te zijn over het Belgische overheidstekort anno 2019. We hebben dus ook niet echt snel een nieuwe regering nodig om begrotingsproblemen op te lossen. Dit besluit geldt natuurlijk alleen maar vanuit de optiek van de overheidsbegroting. Er zijn andere mogelijke redenen om bezorgd te zijn over de trage politieke onderhandelingen, al was het maar dat dit deel zou kunnen uitmaken van een bewuste strategie van sommige politici om aan te tonen dat dit land niet te besturen valt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden