Vrijdag 18/10/2019

Opinie

Goedkope opinies en kostbare feiten over kunst en cultuur

De Munt in Brussel. Beeld © reuters

Peter de Caluwe is algemeen directeur-intendant van het Brusselse operahuis de Munt.

"Een mensenleven is vollediger, rijker en mooier als het een opera van Verdi, een tekening van Rinus Van de Velde of een choreografie van Rosas heeft ervaren. Cultuur verrijkt opleiding van creatieve burgers, het drukt kosten voor zorg. Subsidie kan ertoe bijdragen dat zoveel mogelijk mensen met die waarde in aanraking komen." Zo schreef Bart Eeckhout in een empathische commentaar de precaire toestand van de Vlaamse cultuursubsidies (DM 28/4).

Andreas Tirez, kernlid van de onafhankelijke denktank Liberales, gaf een wel erg donkerblauwe reactie een dag later, waarin hij de cultuursubsidies onder vuur neemt. Zijn argumenten? Mensen moeten zelf kunnen beslissen of en welke kunst goed voor hen is: een persoonlijk reisje naar New York of een culinair restaurantbezoek kan het leven ook rijker maken en wordt niet gesubsidieerd. Dat de overheid de prijs van bepaalde kunstvormen drukt opdat men er gemakkelijker van zou kunnen genieten omschrijft hij als paternalistisch, want de positieve effecten van die kunstvormen zijn niet meet- of budgetteerbaar. Tirez' economieblog heeft als motto 'opinions are cheap, facts are expensive'.

Peter De Caluwe. Beeld rv

Facts

Feit is dat cultuur al sinds eeuwen gerealiseerd wordt met zowel privé-investeringen als overheidsgeld en dat dit de economische groei nooit in de weg heeft gestaan, integendeel. In Thomas Manns roman Doctor Faustus discussiëren enkele burgers over de culturele uitgaven (noem ze subsidies) van de Beierse koning Ludwig II. Ze komen tot de consensus dat de vorstelijke projecten, de bouw van romantische kastelen als Neuschwanstein of de riante steun aan de componist Richard Wagner, er alleen op burgerlijk privé-initiatief nooit zouden zijn gekomen.

En hoewel aanvankelijk niet budgetteerbaar, hebben ze zich naast hun onschatbare culturele waarde ook al lang terugbetaald. Het geld voor hun verwezenlijking is als investering altijd in het land gebleven en vandaag zijn ze nog altijd een grote bron van inkomsten. Hoeveel ik voor dit inzicht en mijn exemplaar van Doctor Faustus betaald heb, weet ik niet meer. Misschien kon ik het wel gratis ontlenen in een openbare bibliotheek.

Feit is dat we dit voorbeeldje van de positieve economische effecten van cultuur gerust kunnen extrapoleren naar het huidige cultuurbeleid. Vandaag zijn we weliswaar (en gelukkig) niet langer afhankelijk van de dromen van één vorst, maar krijgen kunstenaars en kunsthuizen op een democratische manier de middelen en dus de onafhankelijke vrijheid om voor iedereen cultuurprojecten uit te werken die een economische meerwaarde hebben. Jawel, de cultuursector is toeleverancier. Elke gesubsidieerde euro levert voor een instelling als de Munt 3,6 euro economische return op. Tewerkstelling van 300 mensen in ons huis levert op jaarbasis werk op voor extra 700 mensen.

Feit is dat de subsidie voor alles wat met cultuur gerelateerd is binnen het volledige federale domein (gemeenschappen én regio's samen) de individuele burger pakweg tussen de 30 à 40 euro per jaar kost. De steeds krimpende cultuursubsidies maken minder dan 0,1 procent van het bnp uit - waar hebben we het eigenlijk over?

Opinions

Iedere vorm van kunst die zichzelf ernstig neemt, hoort niet te stoppen bij de grenzen van de economische logica. Zoals Bart Eeckhout terecht stelt, is cultuur vooral voedsel voor de geest en bijgevolg slecht meetbaar. Haar volledige maatschappelijke impact zou pas zichtbaar worden in haar afwezigheid.

Eerder dan te schrappen in cultuursubsidies dient een verantwoordelijke overheid net te investeren. Vooral daar waar sociale problemen zijn, kan dit bijdragen tot een sterker gevoel van "inclusiviteit". Cultuur en onderwijs zijn de sectoren die daartoe bijdragen, niet de entertainmentcultuur of de culinaire hoogstandjes die Tirez evenveel recht op subsidies toekent.

Het is daarom des te wranger dat er bijvoorbeeld bij twee grote Molenbeekse cultuurhuizen verder geschrapt wordt in de culturele en educatieve werking. Empowerment, ongetwijfeld een minder paternalistisch woord dan educatie, bevordert nochtans integratie en zou er toe kunnen bijdragen dat hele generaties die nooit eerder met cultuur in aanraking kwamen door ervaringen met muziek en dans dichter bij elkaar komen. Religie, taal of culturele achtergrond speelt bij deze kunstvormen immers geen rol, economische draagkracht evenmin.

Zolang we deze cultuurhuizen niet ondersteunen met het geld dat we voorzien hadden voor onze trips naar New York of offshore-rekeningen, is de 'onafhankelijke' stellingname van Liberales niet alleen puur populistisch, maar ook gevaarlijk. In een gezonde maatschappij verdienen naast economie, onderzoek en gezondheidszorg ook onderwijs en cultuur hun plaats in de gesubsidieerde sokkel.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234