Dinsdag 02/06/2020

GetuigenisTineke Van Iseghem

Getuigenis over grensoverschrijdend gedrag: ‘Toen zei hij: “Ik zal niet in je klaarkomen”’

Beeld rv

Tineke Van Iseghem is stafmedewerker bij de co-hogeschool Odisee. Ze schrijft dit stuk in eigen naam.

Tien jaar. Zolang duurde het voor ik besefte dat de grenzen van de jonge vrouw die ik al die jaren geleden was, overschreden waren. En dat dat fout was. Maar dat het niet haar fout was. Omdat ze de juiste woorden niet vond om wat ze had meegemaakt te beschrijven en te duiden, droeg ze haar ervaringen en hoe die haar hadden doen voelen – dom, machteloos, schuldig en beschaamd – al die tijd zwijgend en onbewust met zich mee.

De affaire-Weinstein en de daaruit ontstane MeToo-beweging, maar ook en vooral de nasleep van de zaak-Julie Van Espen, een jaar geleden vermoord, die met al haar brutaliteit seksueel geweld en grensoverschrijdend gedrag op de voorgrond plaatste, gaf ruimte aan een ernstig debat waarin veel stilgezwegen ervaringen en verhalen die zich afspeelden op het spectrum van seksueel geweld, kwamen bovendrijven. Zo ook het mijne.

Voor het koud werd, was het mooi geweest

Voor het koud werd, was het mooi geweest. Bedwelmd door de roes van seks en alcohol die langs hun poriën het kleine appartement was binnengevloeid, had ze zich naar zijn warme lijf geplooid. Ze was in slaap gevallen met hem op haar huid en in haar gedachten.

Ze werd wakker van een bries die met de huid van haar borsten speelde en kippenvel in haar hals blies. Ze opende haar ogen. En toen was hij daar.

Even hongerig als onhandig hadden ze gevreeën. Hun tanden hadden getikt bij het kussen. In het licht van de laaghangende zon had hij er zo mooi uitgezien. Ze had genoten van hem in haar. Van hem en haar. Ze was bijna klaargekomen.

Het was koud en donker toen hij in stukken bij haar binnenkwam. Alsof haar hoofd, moe en draaierig, het geheel dat zijn vlees met het hare vormde niet kon vatten en ze zijn lijf in delen moest opbreken voor ze wist wat het met haar aanrichtte. Ze zag eerst de contouren van zijn gezicht, dat ter hoogte van haar navel hing en naar haar was gericht. Ze zag wel het wit van zijn ogen, maar niet welk licht er uit scheen. Daarna voelde ze zijn knieën tegen de binnenkant van haar dijen duwen. Toen kwamen zijn handen. Zijn vingers masseerden het vlees van haar heup en trokken tussen haar benen haar slipje opzij. Ineens begreep ze het. En toch weer niet.

Ze had haar pint neergezet. Haar hoofd was licht en toch vol, van de drank en zijn aandacht. Hij had gevraagd of ze meeging naar zijn appartement. Een rilling was over haar rug en door haar buik gelopen. Ze had ja gezegd.

Ze zei neen. Haar hartslag versnelde, haar adem leek niet voorbij de zwellende krop in haar keel te raken. Haar hoofd tolde en haar maag keerde. En “neen”, zei ze.

Terwijl ze samen aan tafel zaten en dronken had ze gedacht dat dit iets moois kon worden.

Even leek het stil. Haar spieren spanden zich op onder haar huid die onbewogen bleef. Ze zocht zijn ogen, maar vond ze niet meer. Hij hield zijn hoofd gebogen. In de zucht die haar onderbuik streelde, voelde ze haar verwachting met zijn verlangen botsen.

Ze had zich halverwege haar zin in zijn blik verloren toen hij over zijn bier naar haar keek. Ze had gestameld. Ze wilde hem zo graag, had ze gedacht.

“Ik wil het niet”, zei ze. “Niet zonder condoom”, zei ze nog. Hij zweeg. Ze voelde haar woorden dof op de matras neervallen en tussen het beddengoed verdwijnen. Ze probeerde ze vast te houden met haar vingers, die in het laken haakten en het in haar vuisten klemden.

Tussen twee slokken door had hij gezegd dat hij haar leuk vond.

Toen zei hij: “Ik vind het lekkerder zo” en “ik zal niet in je klaarkomen”. Ze hoorde hem, maar begreep hem niet.

Ze had willen zeggen dat ze hem leuk vond. Ze had naar moed gezocht in haar glas.

Ze sperde haar mond open toen hij zich bij haar naar binnen drong. Met het gewicht van zijn lijf en wat het haar oplegde, ontnam hij haar de adem. Ze zocht naar woorden maar ze vond alleen maar hem. En nergens in het gezicht dat ze dacht te kennen, nergens op het lijf dat ze dacht te willen, vond ze een antwoord op de begeerte die zijn vlees sprak. Dus zweeg ze.

Ze hadden gepraat terwijl ze langzaam dronken werd. Ze had zichzelf zien stralen in zijn ogen.

Ze draaide haar hoofd van hem weg. Ze keek naar haar dij, die naakt en weerloos naast zijn lichaam lag. Het vlees lilde zacht telkens hij neerkwam en hij wat ze dacht dat ze had kunnen worden steeds verder van haar af duwde. Ze wist niet wat te doen, dus dacht ze. Ze dacht dat het snel voorbij zou zijn. Ze dacht dat hij haar verkeerd begrepen had. Ze dacht dat ze niet flauw moest doen.. Ze dacht dat hij lief was geweest. Ze dacht dat het mooi was geweest. Ze dacht dat ze dom was geweest. Ze dacht dat ze het had moeten weten. Dat niets ooit echt alleen maar mooi is.

Ze waren samen het café binnengestapt. Ze had nerveus gelachen toen hun blikken zich in elkaar haakten toen ze aan het tafeltje gingen zitten. Ze had gehoopt dat de avond lang zou duren.

Hij rolde van haar af en zij van hem weg. De wind was gaan liggen. De gordijnen hingen stil. Ze trok de deken over zich heen. Het bleef koud.

“Gaan we vanavond samen iets drinken?”, had er die ochtend in zijn berichtje gestaan.

In haar hoofd had ze het gewist.

Tineke Van Iseghem.Beeld rv
Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234