Donderdag 16/09/2021

OpinieEzra Klein

Gek dat we de wereld zomaar laten branden

null Beeld EPA
Beeld EPA

Ezra Klein is opiniemaker bij The New York Times, presentator van de podcast The Ezra Klein Show en auteur van Why We’re Polarized.

Onlangs las ik een opmerkelijk boek. In How to Blow Up a Pipeline legt Andreas Malm (Zweeds ecoloog, red.) niet uit hoe je een pijplijn moet opblazen, maar wel waarom je dat zou moeten doen. Zijn antwoord is eenvoudig: omdat niets anders gewerkt heeft.

Tientallen jaren klimaatactivisme hebben miljoenen mensen gemobiliseerd maar geen kentering in de uitstoot of in de investeringen gebracht. Malm verwijst naar een studie in het tijdschrift Nature die zegt dat 49 procent van de huidige energie-infrastructuur die op fossiele brandstoffen draait na 2004 gebouwd is. We zijn heel goed op weg om de wereld met 2 graden Celsius te verwarmen, een vooruitzicht dat de wetenschappers de daver op het lijf jaagt en de meeste regeringen beloofden te vermijden. Er werd gehoopt dat de pandemie verandering zou brengen, maar dat heeft ze niet gedaan. Het olieverbruik stijgt pijlsnel naar het niveau van voor de crisis en de vraag naar steenkool, de vuilste brandstof, neemt toe.

Wat moeten die miljoenen activisten dan doen? Volgens Malm: “Roep een verbod uit en dwing het af. Beschadig en vernietig nieuwe bronnen van koolstofdioxide. Sloop ze, verwoest ze, blaas ze op. Vernietig het bezit van de kapitalisten die in de brand blijven investeren.”

De centrale vraag van zijn boek is waarom dat nog altijd niet gebeurt. “Als we ons verstand zouden gebruiken, zouden we vandaag op de barricades staan, de chauffeurs van Range Rovers en Nissan Patrols uit hun auto’s sleuren, de steenkoolcentrales bezetten en sluiten, de economie zo drastisch omgooien als toen we ten oorlog trokken tegen Hitler.”

Waarom schrikt de klimaatbeweging terug voor geweld? Malm heeft daar twee verklaringen voor. De eerste is ‘strategisch pacifisme’, het geloof dat geweldloos protest effectiever is dan gewelddadig verzet. Malm besteedt veel bladzijden aan de weerlegging van dat idee en doet dat soms overtuigend. Hij heeft ongetwijfeld gelijk dat we opstanden vanuit het verleden te mooi voorstellen, de vreedzamen op een voetstuk zetten en de geweldenaren vergeten. Je kunt verdedigen dat geweld een rol speelt in de transformatie van de samenleving. De Amerikaanse revolutie was niet pacifistisch. De strijd voor de burgerrechten in de VS ging gepaard met rellen, soms met wapens.

Maar Malms argument dat je dan maar pijplijnen moet opblazen, is minder overtuigend. Het zou niet eens werken. Het zou alleen maar enkele tientallen klimaatactiviteiten in de gevangenis doen verdwijnen en een golf van wetten uitlokken die zelfs vreedzaam protest zouden criminaliseren. De politieke gevolgen zouden voorspelbaar zijn: een onmiddellijke reactie die de vijanden van de klimaatactie aan de macht brengt en de broze hoop op vooruitgang in rook doet opgaan.

Elders in zijn boek verwerpt Malm tactieken die op minachting of vijandigheid tegenover de werkende klasse zouden kunnen duiden. Maar na een golf van bomaanslagen op de energie-infrastructuur zouden de energieprijzen onmiddellijk en in heel de wereld de pan uit swingen en zouden de armsten de hoogste tol betalen. Hier en daar probeert Malm die spanning op te lossen, bijvoorbeeld door te suggereren dat de jachten van de superrijken het doelwit moeten zijn. Maar meestal heeft hij het over pijplijnen, en pijplijnen vervoeren brandstof voor tweedehandse Nissans en oude ferryboten, niet alleen voor privéjets.

Dure energie is politiek vergif, wat verklaart waarom een bedrijf als Exxon Mobil een koolstoftaks steunt. Het weet immers dat elke politicus die een dergelijke belasting durft voor te stellen de klimaatbeweging meer schade zal toebrengen dan helpen (een les die de regering Biden gelukkig heeft geleerd). Wie gelooft echt dat een bommencampagne die de brandstofprijzen de hoogte injaagt de werkende klasse voor het klimaat zou mobiliseren?

Anderzijds wordt geweld vaak en zelfs contraproductief voor veel minder belangrijke doelen dan de klimaatcrisis gebruikt. Een scepticisme over de praktische voordelen van geweld kan dus niet de enige reden zijn voor het pacifisme van een beweging die door zoveel mensen wordt gesteund en voor een zo belangrijke zaak ijvert. Dat brengt ons bij Malms tweede verklaring voor de geweldloosheid. Hij citeert de schrijver John Lanchester, die in 2007 stelde dat we geen eco-geweld zien omdat “zelfs de mensen die het meest met de klimaatverandering begaan zijn er in zekere mate niet echt in geloven”.

Dat argument lijkt me even weinig overtuigend als het idee dat mensen van twintig roken omdat ze niet geloven dat longkanker een vreselijke manier is om dood te gaan. Het pacifisme van de klimaatbeweging lijk me veeleer een teken van politiek realisme. Veel activisten leiden bewust een ascetisch leven, maar zouden dat van anderen niet durven te eisen. Niet omdat ze denken dat het verkeerd is of onnodig, maar uit vrees voor politieke vernietiging. De meeste vegetariërs die ik ken, worden voor een stuk gemotiveerd door het klimaat maar weten heel goed dat het voor hun zaak rampzalig zou zijn als president Biden alle Amerikanen zou verbieden om vlees te eten.

Er bestaat een discordantie tussen de klimaatretoriek en de normaliteit van het leven dat velen van ons leiden. Dat is de schuld niet van de politiek, maar wel het gevolg van een constant falen van de menselijke natuur. Wij zijn nu eenmaal inconsequente schepsels die vaak flirten met de rampen die we het meest vrezen. Dat doen we omdat we de pijn van anderen niet als de onze voelen, omdat sociale regels ons handelen en onze verbeelding remmen, omdat de toekomst abstract is en we niet aan de verleiding van het ogenblikkelijke plezier kunnen weerstaan. Dat bepaalt onze houding tegenover onze gezondheid, ons geld, onze liefdes en onze planeet.

Ik wil niet voor wanhoop pleiten. Het is de meest nutteloze emotie en ze is hier niet eens op haar plaats. Als we de opwarming niet onder het doel van 2 graden kunnen houden, is 2 graden nog altijd beter dan 2,5. En 2,5 is veel beter dan 3, enzovoort. Op geen enkel punt heeft opgeven meer zin dan volhouden.

Maar op de onmiddellijke vraag – hoe dwing je het politieke systeem om drastisch en snel genoeg te handelen om massaal lijden te voorkomen? – ken ik het antwoord niet. Ik weet niet eens of er een antwoord is. Maar ik denk niet dat pijplijnen opblazen zal helpen.

De snelle ontwikkeling van hernieuwbare technologieën is een prettige verrassing en ik zou graag zien dat we vele miljarden in ambitieuze projecten investeren, in kernenergie en koolstofafvang en zelfs in onderzoek naar geo-engineering. We mogen niets onverlet laten. Maar zelfs als we de brandstoffen van de toekomst uitvinden, zullen er beleidsmakers nodig zijn die ze ingang doen vinden en het verzet overwinnen van industrieën die profiteren van de machines en de oliebronnen van het verleden.

Het goede nieuws is dat de rampzaligste scenario’s steeds minder waarschijnlijk lijken. We zijn op weg naar 3 graden opwarming, niet 4 of 5. Maar 3 graden betekent nog altijd een onvoorstelbare catastrofe die vooral de armen van de wereld zal treffen. We maken een wereld die veel slechter is dan ze zou kunnen zijn en die talloze miljoenen levens zal kosten.

Duizenden jaren lang heeft de mensheid samenlevingen gebouwd en technologieën ontwikkeld om zich tegen de grillen van de natuur te beschermen. Vandaag verspillen we die erfenis en draaien we de klok terug. Niet omdat we onze kinderen geen leefbare wereld willen nalaten, maar omdat we niet in staat zijn om de toekomst even ernstig te nemen als het heden.

© 2021 The New York Times Company

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234