Vrijdag 15/11/2019
Beeld Bob Van Mol

Column

Geen enkele band droomt van een carrière als voorprogramma

StuBru-presentator Stijn Van de Voorde loopt elke week voor de muziek uit.

Mijn vriend Davy besloot donderdag te passen voor het concert van Arcade Fire in het Sportpaleis. Sinds Wayne Coyne in een interview met Rolling Stone de Canadese band omschreef als een bende eikels, is de lol er voor hem af. De frontman van The Flaming Lips speelde ooit in hun voorprogramma, dus hij weet waarover hij praat. Davy kan het niet verdragen als artiesten op het podium de vrolijke Frans uithangen, maar zich in werkelijkheid te goed voelen voor de wereld: “Ik betaal geen 46 euro voor een onsympathieke band die zijn omgeving niet respecteert.”

Davy heeft vaak gelijk, maar niet altijd. Zo voorspelde hij in september nog een top­drie­plaats voor Zulte Waregem.

Enige research leerde me dat de vete tussen Arcade Fire en The Flaming Lips uit 2009 dateert. Coyne uitte zijn ongenoegen over Arcade Fire tegen een journalist: “They treated everybody in their vicinity like shit. They’re pricks.” Dat klinkt als een beschuldiging. Win Butler reageerde – bijna emotioneel – op de website van Arcade Fire. Hij merkte op dat hij Coyne slechts een enkele keer had ontmoet, net voor een optreden in Las Vegas. Butler herinnerde zich enkel een jetlag en een relatief amicaal gesprekje. Als Flaming Lips-fan stoorde hij zich aan de kwetsende uitlatingen van de zanger: “Unless I was way more jet-lagged than I remember, I hope I was less of a ‘prick’ than telling Rolling Stone that a bunch of people I don’t know at all are really assholes.”

Op dat ogenblik weet je als eenvoudige muziekliefhebber niet meer wie je mag geloven. Davy wel. Hij leest een klein stukje van het verhaal en de rest vult hij zelf aan in zijn hoofd. Davy heeft de excuses van Wayne Coyne achteraf nooit gezien: “Ik had mijn mond moeten houden. Ik hou van hun liedjes. Enkel hun crew en stage­manager ge­droegen zich die dag vervelend…”

Natuurlijk had Coyne beter zijn mond gehouden, maar roddelen is menselijk. Mensen vertellen voortdurend dingen waar ze later spijt van krijgen. Alleen raakt onze onzin niet verder dan de bakker of de cafébaas. De impact van Rolling Stone is net iets groter.

Rocksterren mogen elkaar verbaal aanpakken. Op die manier tonen ze moed en karakter. Als er achteraf excuses volgen, appreciëren de fans dat. Missen is menselijk. Artiesten maken ook fouten. Zelfs Dotan.

Een belangrijke basisregel stelt echter dat de mening van een voorprogramma over de hoofdact meestal waardeloos is. Te veel factoren zorgen voor een vertroebeld beeld. Jaloezie spant de kroon. Geen enkele band droomt van een carrière als voorprogramma: een korte set, geen deftige soundcheck, een klein stukje podium, twee statische spots en een laag volume… Het feit dat het aanwezige publiek hoopt dat je snel stopt zodat de hoofdband (voor wie ze echt komen) kan beginnen, maakt het enkel erger. Dat vreet aan een ego en daar komt ruzie van.

The Monkees kregen in 1967 al snel spijt dat ze het opkomende gitaarwonder Jimi Hendrix meenamen op tour. Er was geen sprake van wederzijds respect. Hendrix omschreef hun muziek als ‘afwaswater’. Faith No More deed er in 1992 alles aan om niet meer in het voorprogramma van Guns N’ Roses te moeten spelen. Zanger Mike Patton overwoog om zijn uitwerpselen uit te smeren over de monitor met liedjesteksten van ‘aansteller’ Axl Rose. De band werd (gelukkig) net op tijd ontslagen. Missie geslaagd.

De Preservation Hall Jazz Band verzorgt al een tijdje het voorprogramma van Arcade Fire en de gevierde muzikanten doen dat naar eigen zeggen nog steeds met veel plezier. Sinds Win Butler en Régine Chassagne naar New Orleans verhuisden, ontstond er zelfs een oprechte vriendschap. Arcade Fire sluit bijna elk concert af mét hun voorprogramma. Daar kon Wayne Coyne in 2009 enkel van dromen. Voorlopig ben ik eerder geneigd te geloven dat Butler en zijn vrienden nog niet van de slechtsten zijn.

Nu mijn vriend Davy nog overtuigd krijgen en volgende keer wordt het refrein van ‘Everything Now’ door nog een extra stem luidkeels meegezongen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234