Maandag 15/08/2022

OpinieJoos Wauters

Ex-politicus Joos Wauters: ‘De kas van de sociale zekerheid wordt niet meer in solidariteit gespijsd’

De witte woede in 1998: de zorgsector kwam op straat om te protesteren tegen lage lonen en het personeelstekort.  Beeld Photo News
De witte woede in 1998: de zorgsector kwam op straat om te protesteren tegen lage lonen en het personeelstekort.Beeld Photo News

Joos Wauters is een voormalig Belgisch syndicalist en politicus voor Agalev (voorloper van Groen).

Joos Wauters

Van een Poupehan, waar in de jaren tachtig een brug werd geslagen tussen regering en vakbond, zou het land vandaag veel deugd kunnen hebben, schrijft Bart Eeckhout (DM 25/6). Ik bedank daar graag voor, want Poupehan heeft de sociale afbraak ingezet en de teloorgang van de sociale bewegingen ingeluid.

Na de Tweede Wereldoorlog werd een sociaal pact bezegeld tussen vakbonden, werkgevers én overheid. De werkgever legde een groot stuk bij op het loon van de werknemer. De overheid nam ook een deel voor zijn rekening. Kortom, een ­perfect georganiseerd systeem van solidariteit tussen mensen.

De kameraden van de socialistische familie en de vrienden van de christelijke arbeidersbeweging ­waren de voorvechters en de behoeders van de solidariteit tussen mensen. Zo ging het jarenlang.

De maatschappelijke context ­begin jaren 1980 was moeilijk. De overheidsschuld was groot. De politieke teneur werd door de liberale partijen bepaald. Met de slogan ‘Niet u, maar de staat leeft boven zijn stand’ deed het individualisme zijn intrede en collectieve voorzieningen kwamen onder vuur te liggen. Het zogenaamde vet moest van de overheidsdiensten afgeroomd worden.

De topfiguren binnen de christelijke arbeidersbeweging hebben op hun manier geantwoord op liberale dreiging. Ze sloten een verbond met de CVP (de voorganger van de cd&v, red.). Poupehan was daar de bezegeling van. De toenmalige regeringen troffen een aantal maatregelen om het begrotingstekort weg te werken. Dit was ook de aanloop naar de Maastricht-norm voor Europa vanaf de jaren negentig, waarbij begrotingsdiscipline werd gepredikt.

De finale uitloper is de wetgeving op de loonnorm. De beperking werd opgelegd aan de werknemers. De andere inkomens zoals winst uit ­kapitaal en vastgoed werden (en worden) ontzien.

Ziekenhuizen zijn de dupe

De werknemers en de mensen die een beroep deden op de sociale zekerheid hebben daar zwaar het gelag voor betaald. Een voorbeeld uit de gezondheidssector mag voor mij gelden als pars pro toto voor het beleid. In de ziekenhuizen ­­verbleven oude zieke mensen in de zogenaamde V-bedden. Een V-bed stond voor een langdurige aandoening. Het waren veelal oude mensen die lang in het ziekenhuis verbleven. Gezonde ouderen gingen toen naar bejaardentehuizen.

Een V-bed kostte de RSZ toen 4.000 Belgische frank of 100 euro. Werknemers, werkgevers en overheid betaalden solidair. Op dat moment legde de overheid 25 procent bij van de totale kost.

Tot Jean-Luc Dehaene (CVP) op de proppen kwam met een nieuw project, namelijk de rust- en verzorgingstehuizen (rvt). De redenering was: die zieke oude bejaarden moeten niet in een duur ziekenhuis liggen. Bovendien hebben die patiënten meer menselijke zorg nodig dan verpleegkundige zorg. Mooi. De V-bedden verdwenen uit de ziekenhuizen en worden omgezet in rvt-­bedden.

Maar het rvt-bed kon maar rekenen op 900 frank of 22,5 euro vanuit de ziekteverzekering. Driekwart bespaard! Hoe? De personeelsnormen werden verlaagd en er kwamen lagere beloningsvoorwaarden, want het rvt viel onder een ander paritair comité. Er werden ook zorgkundigen ingeschakeld die goedkoper waren.

Tweede belangrijke zaak: de zieke bejaarde moest ‘individueel bijdragen’ in de kost van zijn zorgverblijf. Dus niet meer via de collectieve ziekteverzekering. De (hoge) dagprijs in de woon-zorgcentra kende hier zijn beginpunt.

De overheid trad terug en de last kwam te liggen op de patiënt en op het personeel. Op het individu dus. Aan lapmiddelen geen gebrek in die tijd. Fons Verplaetse (1930-2020) lanceerde als gouverneur van de ­Nationale Bank van België een ­voorstel voor meer tewerkstelling in de ziekenhuizen. Indien men meer deeltijds ging werken kon er extra personeel bijkomen.

In plaats van structureel meer volk in te zetten in de ziekenhuizen dacht men dat in deze ‘vrouwelijke’ sector er toch veel mensen zouden instappen in deeltijds werken. In se vrouwonvriendelijk, want dat leidde tot minder inkomen voor vrouwen. Bovendien was het een besparingssysteem ten voordele van de overheid. Er was een tekort aan personeel en zij werden niet naar behoren betaald. De witte woede kreeg vorm.

Na een lange staking en vele betogingen werd meer personeel aangeworven, werden lonen verhoogd en nepstatuten weggewerkt. Maar voor elke nieuwe stap moesten wij weer op straat komen met betogingen en stakingen. De structurele maatregelen zijn er (nog altijd) niet gekomen.

Financiering afdwingen

De bijdrage van de overheid aan de sociale zekerheid is gedaald van 25 naar 8 procent. De politiek liet het afweten. Nadien is de overheid beginnen spreken van de alternatieve financiering. Maar die is ontoereikend. Tot op vandaag moeten werknemers een betere positie op straat afdwingen.

Ondertussen werd er een beleid gevoerd waarbij bedrijven (deels) vrijgesteld werden van werkgeversbijdragen – denk aan de ‘Maribels’, de ‘coördinatiecentra’: lastenverlaging voor de patronale bijdrage alom. De kas van de sociale zekerheid werd niet meer in solidariteit gespijsd. De tak waarop de sociale zekerheid rust werd een flink stuk afgezaagd.

Wij beseffen nu ook dat de klimaatcrisis om zich heen grijpt. Willen we het ‘sociale’ redden op aarde, moet ook de aarde zelf gered worden. Het sociale en ecologische zijn met elkaar verweven. Dit is de kans voor een nieuw sociaal-ecologisch pact. Op een breed maatschappelijk vlak. Daarbij moet de sociale zekerheid met een offensief bijdragende overheid een belangrijke rol spelen. En dus geen nieuw Poupehan.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234