Donderdag 29/10/2020
Niels Posthumus.Beeld DM / Bart Hebben

ColumnDe megastad

Een Zuid-Afrikaanse man is nooit ziek

Metropolen bieden een groeiend deel van de wereldbevolking onderdak. Hoe houden de mensen het daar leefbaar? Correspondenten doen wekelijks verslag vanuit hun eigen megastad. Deze week: Niels Posthumus in Zuid-Afrika.

De vader van een vriendin uit Johannesburg overleed onlangs aan de gevolgen van corona. Nu, ruim twee weken na de begrafenis, komt ze voor het eerst weer bij mij langs. We zitten op de bank en ik vraag haar hoe het kon dat haar vader kennelijk zo weinig weerstand had tegen het virus. Zo oud was hij toch niet?

“Nadat hij was opgenomen in het ziekenhuis, vonden we een injectiespuit en insuline in zijn tas”, vertelt ze. Haar moeder stierf tien jaar geleden al, dus de zorg rustte op haar schouders en die van haar zussen. “Hij moet al een hele tijd suikerziekte hebben gehad, maar dat heeft hij ons nooit verteld.” Ik vraag waarom niet. Ze schudt haar hoofd. Ze heeft geen idee.

Ik moet denken aan Walter Vengesai, een mensenrechten­activist die mij ooit uitlegde dat het patriarchale karakter van ­samenlevingen als de Zuid-Afrikaanse niet louter voor vrouwen nadelen heeft. Ook de mannen zijn er vaak de dupe van. Walter gaf als voorbeeld dat het niet als mannelijk wordt gezien om naar de dokter te gaan. Een echte man kan immers wel tegen wat pijn. En een echte man is dus niet ziek.

Tranen wellen op in de ogen van mijn vriendin. Haar ooms en tantes wilden niets van de doodsoorzaak weten. Het bestond niet dat hun broer aan corona overleden was. “Terwijl hij positief was getest en in het ziekenhuis was behandeld als coronapatiënt.” Ik geef haar een toilet­rol, zakdoekjes heb ik niet.

Wat is dat toch: het Zuid-Afrikaanse taboe op bepaalde ziektes? Ook bij mensen in Johannesburg die overlijden aan de gevolgen van aids bijvoorbeeld, wordt zelden openlijk de doodsoorzaak benoemd. Tuberculose en longontsteking heten minder beschamend te zijn. Waarschijnlijk omdat ten onrechte het idee bestaat dat je een infectie met hiv of ­Covid-19 zelf had kunnen voorkomen, dat je dood als gevolg van die ziektes dus je eigen schuld is.

Familieleden dragen een dierbare die gestorven is aan Covid-19 naar diens laatste rustplaats, in Johannesburg.Beeld EPA

Het ziet er aandoenlijk uit: mijn vriendin met die witte toilet­rol in haar donkere handen. “Ik schaam me zo dat ik nu gewoon bij jou op de bank zit te ­huilen”, snottert ze. Ik kijk haar met enig onbegrip aan. “Daar zijn we toch vrienden voor?”, zeg ik. “En het is juist goed om te huilen. Dat lucht op.” Ze schudt haar hoofd. “Nee, ik moet sterk zijn.” Ik vraag of zij nu niet hetzelfde doet als haar vader: hij verborg zijn suikerziekte, zij wil haar verdriet verbergen. Om maar niet zwak over te komen.

“Wanneer heb jij dan zelf voor het laatst gehuild?”, vraagt zij opeens. Ik hoef niet lang na te denken. “Ergens in juni, toen mijn moeder werd opgenomen in het ziekenhuis en ik een paar dagen erg bezorgd was.” Ze kijkt me met grote ogen aan. “Echt waar? Hard? Met van die uithalen?” Ze barst, door haar tranen heen, in lachen uit, zich bewust van de overdreven gretigheid in die vragen. Haar tranen drogen op. Ze zegt dat ze het niet meer over haar vader wil hebben. Ze wil niet opnieuw huilen. Dat is prima uiteraard.

Ik moet kort denken aan al die westerse toeristen die ik met de jaren ontmoette op terrassen van mijn populaire wijk Maboneng, klaar om na hun reis door Zuid-Afrika weer op het vliegtuig naar Europa te stappen. Zij spraken vaak vol bewondering over de ‘fantastische veerkracht’ van ‘Afrikanen’. Die bleven immers ­altijd maar lachen en doorgaan, legden zij uit, hoeveel armoede en ellende hen ook overkwam. “Zo knap.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234