Donderdag 17/06/2021
Mark Elchardus. Beeld DM
Mark Elchardus.Beeld DM

OpinieMark Elchardus

Een kuur van gewilde kleurenblindheid lijkt me aangewezen

Mark Elchardus is emeritus professor sociologie aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB). Zijn bijdrage verschijnt tweewekelijks, afwisselend met Vincent Stuer.

Ze liggen nu opgeborgen in de kelders van musea, al die schedels die ooit werden verzameld, gevuld met graantjes of loden kogeltjes om hun inhoud te meten en alzo de hersenomvang te schatten. In de 19de eeuw hielden tal van wetenschappers zich daarmee bezig. Zij hoopten natuurlijke ongelijkheden tussen rassen aan te tonen en geloofden dat een grote schedelinhoud gelijk stond aan superieure intelligentie. Uiteindelijk kwamen zij erachter dat hersenomvang geen verband houdt met persoonlijkheidskenmerken.

Een aantal gaf de zoektocht niet op. Niet de inhoud van de schedel maar de verhouding tussen schedelomtrek en afstand van kin tot bovenkant zou het verschil aantonen tussen superieure en inferieure rassen. De lagere rassen zijn rondhoofdig; Ariërs zijn dolichocefaal, hebben langwerpige schedels en brachten daarom Bach, Goethe en de apfelstrudel voort. Tot voor kort leefde ik in de overtuiging dat we definitief verlost waren van dat soort onzin.

Neen dus. Biologisch racisme is terug. Niet op basis van schedelindexen maar van huidskleur. Een gedicht van een donkere dichter kan niet door iemand met een lichtere huidskleur worden vertaald. Kleurgradaties staan in de weg van wederzijds begrip. De nieuwe raciale doctrine is me nog niet volkomen duidelijk. Gaat het om black supremacy zodat een donkere denker wel de teksten van een licht huidige begrijpt en aanvoelt, maar niet omgekeerd? Gaat het om de genetisch bepaalde kleur of om kleur op zich?

In dat laatste geval kunnen we ons in september verwachten aan onbegrip tussen de mensen die terugkeren van de zuiderse stranden en degenen die vakantie namen in eigen land. Hoe dan ook, het gaat om onverdund racisme: een fysiek kenmerk scheidt ons intellectueel en gevoelsmatig, zozeer dat samenleven als gelijken onmogelijk is. Van gelijkheid is overigens geen sprake. Witheid is slecht. Het staat voor racisme, kolonialisme, uitbuiting, homofobie.

Verbazender nog dan de terugkeer van dat racisme, was de gelatenheid, ja zelfs de goedkeuring waarmee het, op een paar uitzonderingen na, in progressieve kringen werd onthaald. Het lijstje identitaire kenmerken van witheid wordt zelfs niet beschouwd als een haatboodschap. We leven in de dystopische wereld van Orwells 1984. In de politiek correcte newspeak heet het nieuwe racisme zowaar antiracisme.

Het contrast is groot met de reactie op de uitspraak van Tom Van Grieken in het De Tijd-interview. Hij meent dat “(...) het christelijke, het Vlaamse en als u wilt zelfs het blanke een dominante factor moet zijn in onze samenleving”. Die uitspraak werd niet enkel beschouwd als racistisch, maar ook als een uiting van white supremacy. De christelijke factor staat een beetje gek in dat rijtje want er zijn proportioneel meer mensen die zich als christelijk identificeren in Sub-Sahara-Afrika dan in Vlaanderen. De rel betrof de factor kleur.

Van Grieken huldigt een radicale visie op integratie. “Ik vraag of iemand Vlaming onder de Vlamingen wil zijn en zijn toekomst aan Vlaanderen wil verbinden.” Op zich is dat niet racistisch, tenzij hij bedoelt dat gekleurde mensen niet aan die voorwaarden kunnen voldoen. In dat geval zou het niet enkel om racisme gaan, maar ook om het ontkennen van het evidente gegeven dat er talrijke zogeheten gekleurde mensen zijn die Vlaming zijn onder de Vlamingen, innig verbonden met dit land en zijn toekomst. Uit het interview werd het niet duidelijk of Van Grieken meent dat gekleurde mensen geen Vlaming kunnen zijn.

Ik begreep zijn uitspraak als een keuze in verband met migratiebeleid. Zij wordt dan niet minder problematisch, maar is niet noodzakelijk racistisch. Een soevereine staat mag, ja moet zelfs beslissen welke migranten het toelaat. Huidskleur is, wat mij betreft, een onaanvaardbaar criterium. Het is niet alleen kwetsend, maar nodeloos kwetsend voor de medeburgers van kleur. Het voorspelt immers, in tegenstelling tot bijvoorbeeld een diploma, geenszins de kansen op succesrijke integratie. Het gebruik van diplomavereisten kan uiteraard kwetsend zijn voor laaggeschoolden, maar het is niet volkomen nodeloos. Een kalm debat over hanteerbare criteria voor immigratie zou nuttig zijn, maar kwam er niet.

Wat blijft hangen van de controverse is de groeiende onbekwaamheid tot debat en de ongelijke wijze waarop mogelijke uitingen van racisme worden behandeld. De politieke verdeeldheid in dit land is inmiddels zo groot dat veroordelen voorafgaat aan oordelen. Niet wat wordt gezegd, bepaalt of het om racisme gaat, wel wie het zegt. Wie in een dergelijk klimaat ijvert om het vervolgen van racisme en haatboodschappen te vergemakkelijken, ijvert voor onrechtvaardigheid en willekeur, verdeelt de samenleving nog meer dan ze al is, en smeedt een wapen dat ook tegen hem kan worden gebruikt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234