Maandag 27/05/2019

Column

Een fraai schouwspel was het de afgelopen week niet, ik geef het grif toe

Joachim Pohlmann. Beeld Bob Van Mol

Joachim Pohlmann is woordvoerder van Bart De Wever (N-VA) en schrijver van Een unie van het eigen. Zijn column verschijnt wekelijks.

Een fraai schouwspel was het de afgelopen week niet, ik geef het grif toe. Maar alle commotie en juridisch gejongleer leiden de aandacht af van waar het hier werkelijk om gaat. Wat is het probleem met het VN-migratiepact?

De essentie is: hebben wij nog het recht om te beslissen over ons migratiebeleid, of aanvaarden we dat de controle over de migratiestromen wordt bepaald door onverkozen technocraten en internationale vertegenwoordigers met enkel een indirecte democratische legitimiteit?

Dat de rechtstaat in woelig vaarwater zit – ook in Europa – zal ik niet ontkennen. Maar ik maak mij grotere zorgen over zijn pendant: de democratie. De afgelopen decennia werd steeds meer beslissingsmacht van het nationale niveau doorgeschoven naar allerlei internationale organen.

En versta me niet verkeerd: ik ben voorstander van internationale samenwerking. Alleen is de inspraak van de kiezer door de jaren heen drastisch afgenomen. De democratie wordt op nationaal niveau georganiseerd, het niveau waarop ook de onderlinge solidariteit tussen burgers gebaseerd is.

Net als de waarde van zijn geld, is de waarde van de stem van de burger volledig aan het verwateren. Die burger kiest politici die met handen en voeten gebonden zijn aan beslissingen die elders worden genomen. En die politici kunnen vaak niet anders dan opgelegde verplichtingen gedwee volgen.

Als men dan toch het beleid wil voeren dat de kiezer via de stembus vraagt, blijkt dat steeds vaker onmogelijk te zijn. Internationale akkoorden waaruit rechters via rechtspraak allerlei sluipende besluitvorming puren, reduceren verder de handelingsmarge van politici.

Als politicus heb je dan twee opties. Ofwel aanvaard je dat proces en leg je je neer bij het feit dat een nationaal parlement niets meer is dan een omzettingsmachine van internationale afspraken. Ofwel probeer je de inspraak van de burger op die internationale afspraken te heroveren.

Vanuit de gedachte dat internationale samenwerking intrinsiek goed is, zijn we sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog blindelings meegestapt in elk internationaal verhaal. Ook omdat de voordelen – vrede en welvaart – de nadelen ervan volledig in de schaduw stelden.

Maar als je moet vaststellen dat de waarde van de stem van een burger door internationale inflatie volledig is gekelderd, dan moet je dat ook een halt durven toe te roepen. Het gaat niet over weigeren om internationaal samen te werken. Het gaat erom de band tussen democratie en genomen beslissingen te herstellen.

Die verdoken besluitvorming duikt in verschillende dossiers op. Maar in migratiekwesties grijpt dat mechanisme nog harder op de werkelijkheid in, omdat het raakt aan de essentie van burgerschap: wie is er burger en maakt bijgevolg deel uit van onze democratie?

Migratie kan positief zijn. Op voorwaarde dat het gecontroleerde migratie is. Met andere woorden: dat we zelf het tempo van de migratie bepalen en zelf beslissen wie toegelaten wordt op basis van duidelijke voorwaarden. Maar die aanpak ontbreekt vandaag totaal.

De Europese buitengrenzen zijn poreus, waardoor we elke zeggenschap verliezen op wie er binnenkomt. Als we dan ook nog onze zeggenschap dreigen te verliezen over hoe we die migratie in de toekomst beter wel organiseren, ziet het er somber uit.

We zullen internationaal moeten samenwerken om van migratie een succes te maken. Dat is ontegensprekelijk waar. Maar wel in overleg met de burger, niet buiten zijn wil om.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.