Maandag 09/12/2019
Beeld Bob Van Mol

Column

Een beetje ongemakkelijk loop ik de moskee binnen, sjaal stevig om mijn haren en schouders geslagen

Anaïs Van Ertvelde is historica en podcaster bij Vuile Lakens. Elke twee weken schrijft ze over lichamen, seks, macht, kwetsbaarheid en verzet.

De vrouwen huilen. Ik begrijp er niks van. Als ze nu zachtjes zouden snikken. Melancholisch een traan wegpinken. Dat zijn sentimenten die ik ken. Zo zit ik op de laatste rij bij een begrafenis. Zo luister ik naar een ontroerend muziekstuk. Maar niet dit. Dit hartverscheurende schudden en beven. Het oorverdovende geklaag en gekerm. Geluiden van onmacht.

“De Al-Husseinmoskee is een speciale plek”, vertelt Riham me. Riham is een Egyptische collega die aardig genoeg is om me door Caïro te gidsen. Bijna moederlijk schermt ze me af van overenthousiaste verkopers en propt ze me zo vol zoetigheden dat mijn tanden er pijn van doen. Niet bij manier van spreken. Echt. Ik wist niet dat het kon. Haar zoontje Ali is er ook bij. Hij laat zich de lekkernijen die ik hem onder tafel toestop welgevallen. Van z’n moeder mag hij geen suiker eten. Riham voedt hem in haar eentje op, heb ik al een poos door. Daar is ze afwisselend trots en terughoudend over.

“Waarom is het een speciale plek?”, vraag ik, een mahalabia naar binnen lepelend. We gaan al de hele dag moskee in en moskee uit. Rihams antwoord volg ik maar half. “Het hoofd van Hussein-Ibn Ali ligt daar, bewaard in een grote zilveren zaid”, zegt ze. Ali knabbelt verveeld op de rozijnen die ik uit mijn witte pudding vis. “Hij is eigenlijk een heilig figuur voor de sji­ieten en toch is de rustplaats van zijn hoofd een gewijde plek in soennitisch Caïro. Dat maakt hem de heilige van de hopeloze gevallen. Je kunt er gaan bidden voor ondernemingen die geen enkele kans op slagen hebben. Voor alles waarvan je weet dat het niet goed komt.” “Een beetje zoals de Heilige Rita bij de katholieken”, vertel ik in een onhandige poging om zelf een wetenswaardigheid mee te geven. “Je zult wel zien”, zegt Riham. “Ga naar binnen een vraag om een mooie afloop voor iets uitzichtloos. Ik geloof niet echt, en toch. In onze familie doen zoveel verhalen de ronde over deze plek. Je zult wel zien.”

Een beetje ongemakkelijk loop ik de moskee binnen, sjaal stevig om mijn haren en schouders geslagen. Het voelt altijd als binnendringen in iemand anders heiligdom met lompe pas, ongeoefend oog en half geopend hart. Hoe kan ik hier als atheïst rondkijken zonder iedereen tot een onbegrijpelijke ander te bombarderen? De tl-­verlichting brandt hel en is allesbehalve betoverend. Het tapijt ruikt naar zweetvoeten. Langs huilende vrouwen baan ik me een weg tot aan een balustrade, waarop ik leun voor houvast. Even speel ik met het idee: hoe moet het zijn om oeverloos verdriet over te dragen aan iets groters dan jijzelf? Iets wat er in ondoorgrondelijke wijsheid over zal waken. Dan sta ik te wenen. Geen discrete snikjes, maar hysterische halen.

De dame naast me slaat haar arm om me heen terwijl ze een groene ketting in mijn hand drukt. “Green is hope”, zegt ze en knijpt stevig in mijn vingers. Als ze enig idee had waarom ik huil, zou ze zich beslist terugtrekken. Vol onbegrip. Geen woorden heb ik om haar uit te leggen waarover mijn zorgen gaan. “Thanks”, stamel ik, en knijp terug. Verbonden in hartzeer die we niet hoeven te benoemen. Ik had er inderdaad niets van begrepen. De vrouwen hier maken geen geluiden van onmacht. Het zijn geluiden van overgave.

“Niet uitleggen waar je om gevraagd hebt, hoor”, zegt Riham, wanneer ik buitenkom met roodomrande ogen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234