Zondag 19/01/2020
Paul De Grauwe. Beeld Bob Van Mol

Opinie

Economische sancties zijn een tweesnijdend zwaard

Paul De Grauwe is professor aan de London School of Economics. Zijn column verschijnt wekelijks.

Met veel theatraal vertoon heeft Trump het multilateraal akkoord opgezegd over het nucleair programma van Iran, dat in 2015 werd gesloten. Tegelijk kondigde de Amerikaanse president aan dat bedrijven die economische en financiële relaties behouden of aangaan met Iran zwaar beboet zullen worden, zelfs als het gaat om niet-Amerikaanse bedrijven.

Hoe is het mogelijk dat de VS financiële boetes kunnen opleggen aan niet-Amerikaanse bedrijven en zo hun wil kunnen opleggen vooral aan Europese bedrijven?

De VS zijn in staat niet-Amerikaanse bedrijven te sanctioneren, ten eerste omdat vele multinationale ondernemingen vestigingen hebben in de VS. Neem bijvoorbeeld Volkswagen. Dat bedrijf heeft belangrijke productie-eenheden in de VS en kan dus door de Amerikaanse autoriteiten getroffen worden door sancties, mocht Volkswagen relaties onderhouden met Iran. In feite heeft elk land die capaciteit om multinationale ondernemingen te treffen. Er is dus hier niets speciaals aan de macht van de Amerikaanse overheid om haar wil op te leggen aan buitenlandse ondernemingen.

Dollar als machtsinstrument

Er is echter een tweede, en belangrijkere, reden waarom de VS niet-Amerikaanse bedrijven kunnen treffen. Dat heeft te maken met de suprematie van de dollar in het internationaal financieel systeem. Ongeveer 70 procent van alle internationale betalingen die het gevolg zijn van handels- of financiële transacties gebeuren in dollar. Dat geeft aan de VS een buitengewoon machtsinstrument waarover andere landen niet beschikken. Het creëert de mogelijkheid voor de VS om ook bedrijven te treffen die geen vestigingen in het land hebben.

Een bedrijf dat geen vestigingen heeft in de VS zal, wanneer het handel drijft met of investeringen doet in Iran, gebruikmaken van de dollar. Zelfs als die transacties gebeuren met niet-Amerikaanse banken zijn die dollars uiteindelijk traceerbaar in een financiële instelling met vestigingen in de VS. En die kunnen getroffen worden door de Amerikaanse overheid en gedwongen worden het Amerikaanse buitenlands beleid uit te voeren. BNP Paribas en andere Europese banken hebben dit in het verleden ondervonden.

De capaciteit van de VS om hun wil op te leggen aan de rest van de wereld volgt dus niet alleen uit hun militaire macht maar ook uit de macht die voortvloeit uit het feit dat de dollar de dominante internationale munt is. In tegenstelling tot Groot-Brittannië, dat in de negentiende eeuw Buenos Aires met oorlogsboten ging bombarderen omdat Argentinië zijn schulden niet betaalde, hebben de VS dergelijk machtsvertoon niet nodig om andere landen, vooral dan de 'bevriende landen', in het gareel te houden.

Er schuilt een groot risico voor de VS wanneer het systematisch de dollar gebruikt als middel om internationale politieke doelstellingen te realiseren. De dominante positie van de dollar is ontstaan na de Tweede Wereldoorlog toen Amerika een overwegende economische positie in de wereld innam. Op een bepaald moment was de helft van de industriële productie in de wereld Amerikaans. 

Sindsdien is de economische macht van de VS dramatisch gedaald. De enige reden waarom tot nu toe de dollar zijn dominante positie heeft behouden, is dat die munt vrij verhandeld kan worden in financiële markten die ook aan weinig regels zijn onderworpen. Wanneer vandaag de VS, in het kader van een politiek geïnspireerd sanctiebeleid, allerlei restricties inbouwen in het gebruik van de dollar voor internationale transacties, dan graaft dat land een put waar de dollar in zal storten. Dat zal niet onmiddellijk gebeuren, maar op termijn wel.

Euro versterken

De Europese overheden kunnen dit proces bespoedigen door een beleid te voeren dat de dominantie van de dollar ondermijnt en dat de positie van de euro versterkt. Zo, bijvoorbeeld, zouden Europese bedrijven die economische relaties aangaan met Iran en hiervoor de dollar gebruiken, beboet kunnen worden door Europese instanties. Dit zou aan die bedrijven een prikkel geven om de euro te gebruiken.

De ervaring die we hebben met economische sancties is dat die zelden hun politiek doel bereiken. Wat ze wel doen, is schade berokkenen aan het land dat getroffen wordt door de sancties maar ook aan de landen die sancties toepassen. Dit zal met de Amerikaanse sancties niet anders zijn.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234