Zondag 28/02/2021
Julie Cafmeyer Beeld DM
Julie CafmeyerBeeld DM

ColumnJulie Cafmeyer

Deze vrolijke mensenmassa is niet in toom te houden

Julie Cafmeyer is columnist.

Het voorbije weekend kreeg ik mijn geloof in de mensheid terug. Niet dat het helemaal verdwenen was, maar ik geef toe dat mijn vertrouwen in mijn naasten zich op een zeer kritisch punt bevond. Ik stond bij momenten op de rand van de afgrond als ik naar anderen keek, zo van: wanneer gaan jullie beslissen om weer te leven? Wat als er niets verandert? Is dit het nu? Zou dit het nu zijn? Voor altijd?

Afgelopen zaterdag werd de lente gevierd in mijn stad. Mensen kwamen van overal om weer dicht bij elkaar te zijn. Rond het stadspark, het theaterplein en de graanmarkt vormt zich een vrolijke mensenmassa. Het voelt anders deze keer, dat zie ik in hun blikken, de grootste angst is weg.

Ik wandel zo traag mogelijk voorbij, probeer mijn blije medemens subtiel aan te raken. Ik ruik de shampoo van een vrouw, iets met pêche, kom zo dicht mogelijk, leg mijn hoofd op haar schouder, totdat ze het merkt.

Een meisje gooit haar hoofd naar achter, sluit haar ogen, geniet van de zon. Twee vrouwen rond de zestig drinken prosecco uit plastieken bekertjes, jurken in bloemenmotief. Een zesjarig jongetje is zo uitzinnig dat hij uit enthousiasme voor het leven een kikker nadoet. Hij springt in het rond, kwaakt erop los, niets kan hem stoppen.

Mensen zijn hier niet om te consumeren. Ze hebben inmiddels genoeg geshopt. Ze zijn hier om te feesten, showen hun nieuwste outfits en funky zonnebrillen. Babbelen erop los. Ik geraak aan de praat met een dronken, losgeslagen puber die haar evenwicht probeert te bewaren. Blikjes Jupiler, oesters, blote benen. De politie kijkt ernaar. Deze massa is niet in toom te houden. Lichamen die naar elkaar verlangen, nieuwsgierigheid naar verhalen, zin in aanrakingen.

Iemand zegt: “Ook als restaurants en cafés gesloten blijven, zullen wij elkaar vinden. We zullen ons verzamelen aan bomen, rond de rivier, op het gras. Ze kunnen ons alles verbieden, maar dan richten we ondergrondse kamers in. We zullen altijd samenkomen vanaf nu, dat voel je gewoon.”

Stel dat deze mensenmassa een veelkoppig monster is. Een organisme dat zich lang heeft stilgehouden, maar al die tijd bleef doorademen, levend was. Een schepsel dat weet wanneer het genoeg is, ons in dezelfde richting stuwt. Een drang, een verzet. Een weigering om een machine te worden die zich laat controleren, disciplineren. Iets wat niet te stoppen is.

Maatregelen, avondklok, boetes, liefdesverdriet, gevaarlijke virussen. Iets anders dus.

“De lente is hier!”, dacht ik. Ik nam deze constatering, met mijn gevoel voor dramatiek, heel serieus. En ik dacht aan die zin van Albert Camus: “In het midden van de winter heb ik eindelijk geleerd dat er in mij een onoverwinnelijke zomer schuilgaat.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234