Vrijdag 26/02/2021
Walter Zinzen. Beeld rv
Walter Zinzen.Beeld rv

ColumnWalter Zinzen

De Vlaamse regering lijdt net zo goed aan de Belgische kabinetsziekte

Oud-journalist Walter Zinzen overschouwt de politieke actualiteit. Hij doet dat afwisselend met journalist Alain Gerlache en oud-journalist en -politicus Siegfried Bracke.

It is the duty of the opposition to oppose. Een wijsheid die ons overgeleverd is door de moeder van alle parlementen. De oppositie is verplicht oppositie te voeren. Maar het moet wel geloofwaardig blijven. Wat we de afgelopen tijd gezien hebben is meer een illustratie van een andere oude wijsheid: die van de pot en de ketel.

Zo haalt N-VA-voorzitter De Wever, gewoontegetrouw, geregeld uit naar beslissingen die zijn partij mee heeft goedgekeurd. De sluiting van de winkels bijvoorbeeld, beslist door het Overlegcomité waarvan zijn eigen minister-president deel uitmaakt, vond hij niet verantwoord.

In het parlement doet de N-VA-fractie het niet beter, want ook zij heeft boter op het hoofd. Ze probeerde daar de vermenigvuldiging van de ministeriële kabinetten tegen te houden. Geheel terecht en jammer genoeg zonder succes.

Waarover ging het? De regering vroeg en kreeg de goedkeuring van de kredieten voor die kabinetten. Die stijgen met een kwart van 56 miljoen naar 68 miljoen euro. Daarmee worden niet minder dan 838 kabinetsleden betaald. In de regering-Michel waren het er ‘slechts’ 769. Die bestond dan ook uit maar vier partijen. In de Vivaldi-coalitie zitten zeven partijen en die moeten alle zeven bediend worden. Vandaar het verschil. Vandaar ook de verontwaardiging bij de oppositie. 

Maar die verontwaardiging was erg hypocriet want in de Vlaamse regering zitten de ministers eveneens ruim in de kabinetten, ook die van de N-VA. Kijken we bij wijze van voorbeeld naar het kabinet van minister-president Jambon, tevens minister van Cultuur, Buitenlandse Zaken, ICT en Facilitair Management. Zijn kabinet telt niet minder dan 24 leden, van wie twee kabinetschefs. Minister van Onderwijs Weyts, tevens bevoegd voor Sport, Dierenwelzijn en Vlaamse Rand, heeft maar twee kabinetsleden minder. 

Met andere woorden: de Vlaamse regering, onder leiding van de N-VA, lijdt net zo goed aan de Belgische kabinetsziekte als de vijf andere regeringen die ons koninkrijk besturen. Allemaal samen zijn die regeringen bijna 2.000 kabinetsleden rijk. Dat is een veelvoud van het totale aantal verkozen volksvertegenwoordigers.

Andere kleur

In geen enkel ander democratisch land beschikken ministers over zoveel raadslieden als de Belgische. In die andere landen werken de ministers met ambtenaren die politiek neutraal en competent zijn. Die ambtenaren hebben wij ook. Maar de ministers vertrouwen hen niet. Ze verdenken hen ervan dat ze een andere politieke kleur hebben en hun beleid daarom saboteren. Het tragische van het verhaal is dat de ambtenarij inderdaad gepolitiseerd is. Door de partijen zelf, die op leidinggevende posten ‘bevriende’ lieden benoemen die wellicht niet loyaal zijn voor ministers van een andere partij.

Opvallend is dat nu ook parlementsleden de overstap naar een ministerieel kabinet hebben gemaakt. Zo bijvoorbeeld het Groen-Kamerlid Jessika Soors, die politiek directeur geworden is bij staatssecretaris Schlitz (Ecolo). Naar eigen zeggen deed ze dat om “op het beleid te wegen”. Wat een bekentenis! We horen dus uit meer dan bevoegde bron dat verkozen volksvertegenwoordigers niet op het beleid (kunnen) wegen, maar onverkozen cabinetards wel. 

Jessika Soors (Groen) houdt een toespraak in de Kamer. Intussen is ze politiek directeur geworden bij staatssecretaris Schlitz (Ecolo). Beeld BELGA
Jessika Soors (Groen) houdt een toespraak in de Kamer. Intussen is ze politiek directeur geworden bij staatssecretaris Schlitz (Ecolo).Beeld BELGA

Mevrouw Soors is in het parlement vervangen door Eva Platteau. Eva wie? Alweer een partijsoldaat, bij het grote publiek onbekend, en vooral: niet verkozen. Ze stond als eerste op de opvolgerslijst. Zoals Sara Matthieu eerste stond op de opvolgerslijst voor het Europees parlement. Sara wie? Sara Matthieu is Europees parlementslid voor Groen. Ze vervangt de verkozen Petra De Sutter, die minister is geworden. 

Het gaat hier nu toevallig om twee groenen, maar het systeem wordt door alle partijen, zonder uitzondering, toegepast: als een verkozen volksvertegenwoordiger om welke reden dan ook het parlement verlaat, wordt hij/zij vervangen door iemand die op de opvolgerslijst staat maar geen enkele stem heeft behaald. En weer eens: opvolgerslijsten bestaan in geen enkel ander democratisch land. Daar worden vertrekkende parlementariërs vervangen door mensen met het grootste aantal stemmen op de enige echte kandidatenlijst. 

Mocht dat ook bij ons de regel zijn geweest, dan zou het groene Europarlementslid dat mevrouw De Sutter vervangt Bart Staes zijn, die tweede op de échte lijst stond en door vriend en vijand gewaardeerd wordt als een uitstekend parlementslid. Nu is het een onbekend, onverkozen en onervaren iemand. Tel uit je winst!

Zouden onze twee ministers voor Democratische Vernieuwing niet daarover eens nadenken? Of althans de opdracht geven aan hun kabinet?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234