Woensdag 20/10/2021

OpinieHans-Willem Snoeck

De vaccinatiestrategie moet zich flexibel kunnen aanpassen aan nieuwe gegevens

Hans-Willem Snoeck. Beeld Thomas Sweertvaegher
Hans-Willem Snoeck.Beeld Thomas Sweertvaegher

Hans-Willem Snoeck is professor in de geneeskunde (microbiologie en immunologie) aan de Columbia University in New York.

De regering heeft de prioriteiten gesteld voor de komende vaccinatiecampagne tegen Covid-19. Volgens dit plan krijgen bewoners en personeel van woon-zorgcentra en collectieve gezondsheidsinstellingen voorrang. Dan komen, in die volgorde, zorgpersoneel in de eerste lijn, personen boven de 65 jaar, personen tussen de 45 en de 65 jaar met risicofactoren, en personen met een essentieel beroep. Wat dat laatste inhoudt, is nog niet duidelijk. De logica achter deze beslissing is begrijpelijk: eerst wordt de groep met de hoogste kans op overlijden gevaccineerd, en dan de groep met de grootste blootstelling.

Dit is een moeilijke discussie, die moet evolueren op basis van ethiek en van wetenschappelijke gegevens. Er bestaat geen twijfel over dat zorgpersoneel in de eerste lijn vroeg moet gevaccineerd worden. Zij houden het gezondheidssysteem recht, zij worden het meest blootgesteld, en zij vormen daarom ook het hoogste risico voor verdere verspreiding binnen hun gezinnen en sociale omgeving.

Die eerste lijn komt, behalve voor personeel van woon-zorgcentra, echter niet op de eerste plaats. Bewoners van woon-zorgcentra komen eerst. Het is inderdaad zo dat de mortaliteit daar het hoogste is, en dus lijkt dat intuïtief een goede beslissing. De combinatie van een hoge leeftijd en een aanwezigheid van andere aandoeningen is echter al geassocieerd met verminderde effectiviteit van griepvaccins. We weten op dit moment niet hoe effectief de bestaande Covid-19-vaccins zullen zijn in die populaties. De resultaten van de klinische studies die een effectiviteit tonen van 95 procent voor zowel het Moderna- als het Pfizer-vaccin zijn nog niet gepubliceerd.

We weten wel dat het telkens over grosso modo 30.000 personen van achttien jaar en ouder ging, en dat in de gevaccineerde groep er ongeveer 5, en in de niet-gevaccineerde controlegroep ongeveer 100 gevallen waren. Dat is spectaculair. Wat we niet weten, is hoeveel van die proefpersonen (veel) ouder waren dan 65, en welke risicofactoren die hadden. Met andere woorden: wie zijn de ongeveer 5 gevaccineerden die toch ziek werden? En wat kunnen we daaruit besluiten? Het is twijfelachtig dat die klinische studies voldoende personen, met een hoog risico op besmetting, bevatten om statistische valide conclusies uit te trekken over die specifieke populaties.

Misschien is het de moeite om te overwegen om de prioriteiten wat te herzien, of minstens te wachten tot we meer gegevens hebben. Voor de Amerikaanse National Academies komt de eerste lijn eerst. Voor de eveneens Amerikaanse Centers for Disease Control and Prevention (CDC) komen zowel de eerste lijn als woon-zorginstellingen eerst. Er wordt niet echt een uitspraak gedaan over welke groep voorrang geniet. Voor de WHO komt de eerste lijn ook eerst. Als er weinig vaccins beschikbaar zijn, lijkt het dat de eerstelijnszorg voorrang moet krijgen, en binnen die eerste lijn zij die het meeste risico lopen.

Ook daarover kan gediscussieerd worden. Personeel op intensieve zorg is goed voorzien van beschermingsmateriaal, huisartsen en personeel van woon-zorgcentra daarentegen niet. Bovendien behoren ook personeel op spoed, ambulanciers, politie en cipiers tot die eerste lijn. Voor de National Academies hoort daar expliciet ook onderhouds- en transportpersoneel bij.

Er is een brede consensus dat ouderen in instellingen (inclusief gevangenissen) vervolgens voorrang krijgen, gevolgd door mensen met meerdere risicofactoren: hoge leeftijd, obesitas, diabetes, hart- en vaatziekten. Als echter blijkt dat de vaccins veel minder effectief zijn in sommige van die populaties moet de mogelijkheid opengehouden worden om die prioriteit te verlagen. Dat moet misschien nu al gecommuniceerd worden. In dat geval moeten we opteren om hun zorgverleners en hun sociale omgeving eerst te vaccineren. Ringvaccinatie heet dat, een concept dat meer en meer ingang vindt bij griepvaccinatie.

Vervolgens komen ‘essentiële’ beroepen aan bod. Onderwijzend personeel zou daar een hoge prioriteit moeten krijgen, net zoals iedereen die dat onderwijs mogelijk maakt, zoals openbaar vervoer, en administratief en onderhoudspersoneel op scholen. Als we dan aan vaccinatie van de algemene bevolking toe zijn, zou het overwogen kunnen worden om, naast mensen die beroepshalve veel direct contact hebben met anderen, jonge volwassenen eerst te vaccineren. Die laatsten hebben namelijk de meeste sociale contacten. Over vaccinatie bij kinderen en zwangeren bestaat geen uitsluitsel. Voor die populaties zijn er nog geen wetenschappelijke gegevens over effectiviteit en veiligheid.

Het beleid moet zich flexibel kunnen aanpassen aan nieuwe gegevens, en ik vertrouw erop dat dat zal gebeuren. Van nog groter belang is echter dat iedereen zich wil laten vaccineren. Dat wordt misschien wel het grootste obstakel.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234