Woensdag 24/07/2019
Beeld rv

Standpunt Maarten Rabaey

De terugkeer van weeskinderen uit Syrië is nog maar een eerste stap

Maarten Rabaey is journalist.

Met de repatriëring van zes weeskinderen van Belgische jihadisten die sneuvelden in Syrië – vijf tussen 6 en 14 en één 18-jarige – voert de regering van lopende zaken dan toch nog een ­belofte uit die ze eind 2017 maakte. Toch is dit maar een eerste stap. Voor de teruggekeerde minderjarigen begint nu een lang proces van traumaverwerking en, indien nodig, deradicalisering. Intussen wachten ook hun lotgenoten nog altijd in het ongewisse.

Er wordt geschat dat er in totaal 160 kinderen van Belgische jihadisten in Syrië vertoeven, van wie er zich 75 in de Koerdische vluchtelingenkampen bevinden. Sommigen verblijven er nog met Belgische moeders, veelal al bij verstek veroordeeld in ons land als leden van een terreurbeweging. Voor iedereen die daar nog met een Belgisch paspoort zit, dient ons land zijn verantwoordelijkheid op te nemen – via ­strafrechtelijke vervolging (al dan niet internationaal) of via de beloofde humanitaire repatriëring.

Het spreekt voor zich dat dit met de grootste omzichtigheid moet gebeuren voor de publieke veiligheid. Er zijn er die ­argumenteren “dat we ze net daarom maar daar moeten laten”. Deze oplossing is evenwel te makkelijk en op lange ­termijn zelfs gevaarlijk.

De veiligheidssituatie in Syrië blijft onvoorspelbaar. Beeld je maar in dat Iran straks zijn belangrijke militaire steun voor Assad terugtrekt omdat ze op een ander front in conflict raken – realistisch, gezien de incidenten in de Straat van Hormoez. In dat geval kan het Syrische conflict oplaaien en kunnen de Koerdische kampen tijdens nieuwe gevechten uit elkaar spatten.

Geen politicus wil toch binnen enkele jaren voor zijn kiezers staan met het verhaal dat hij of zij de kans had Belgische jihadistes en hun kinderen hier begeleid te deradicaliseren toen het nog kon, om vervolgens te moeten uitleggen dat sommigen terug in de klauwen van IS vielen en geweld pleegden omdat we ze negeerden?

Tegenstanders

Tegenstanders van repatriëring, zoals N-VA’er Theo ­Francken, stellen nu ook dat we de IS-slachtoffers tekortdoen – de vele tienduizenden in Syrië, Irak en de tientallen uit Brussel en Zaventem. Het een sluit natuurlijk het ander niet uit. Uiteraard verdienen slachtoffers en nabestaanden, zoals van de 22/3-aanslagen, alle psychologische en financiële steun. Maar net zij hebben hier ook nood aan een transparante rechtspraak over IS-leden, waar hun vele vragen over de aanslagen beantwoord worden.

Onze politici doen er intussen best aan om te stoppen met vingerwijzen naar elkaar, op de rug van onschuldige kinderen. Ze zoeken beter oplossingen om onze verdeelde publieke opinie rond deze complexe kwestie te verzoenen. Zo zouden we samen met de volgende vlucht Belgische kinderen van IS-daders ook een groep hulpbehoevende kinderen van IS-slachtoffers uit de Koerdische kampen kunnen overbrengen. Zo geven we het signaal dat voor ons alle kinderen gelijk zijn. Wedden dat bij aankomst op Melsbroek zelfs een geoefend pedagoog als Francken dan niet zou zien wat hun verschil of voorgeschiedenis is? Want een kind blijft altijd een kind, ook in oorlogen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden