Zondag 20/09/2020

OpinieHans-Willem Snoeck

De scholen openen in deze omstandigheden is waanzin

Beeld Illias Teirlinck

Hans-Willem Snoeck is professor in de geneeskunde (microbiologie en immunologie) aan de Columbia University in New York.

Met 1 september aan de horizon stelt zich de vraag onder welke omstandigheden we veilig het onderwijs kunnen openen.

Momenteel lijkt dat onverantwoord. De huidige golf wordt namelijk wereldwijd gedreven door jongeren. Er waren in België in de laatste veertien dagen bijna 40 besmettingen per honderdduizend 10- tot 19-jarigen. Dat cijfer bedroeg zelfs bijna 60 bij mensen tussen de 20 en de 30, en nam af tot onder de 20 tussen 60 en 69 om daarna weer toe te nemen bij ouderen, zo blijkt uit de statistieken van Sciensano. 

Als scholen opengaan, zal dit getal bij jongeren verder de hoogte in schieten. Bovendien heeft contact tracing in Korea uitgewezen dat nu net die leeftijdscategorie de meeste huisgenoten besmet. Psychologisch onderzoek toont ook aan dat bij jongeren social distancing het moeilijkste is. Tenslotte verloopt de ziekte bij hen meestal milder, wat minder angst en meer risicogedrag teweegbrengt.

Het beeld begint zich dus te vormen dat jongeren de motor van de uitbraak zijn, en ouderen en mensen met aandoeningen de grootste slachtoffers. Ondanks dit alles wil de Belgische (en Amerikaanse) regering de scholen openen, zelfs bij een code rood. Dat is, gezien de epidemiologie van dit virus, waanzin. We moeten eerst de uitbraak controleren, iets waar we alweer te laat aan begonnen zijn. En gezien de belangrijke rol van jongeren, moeten we ons op die leeftijdsgroep concentreren.

Zelfs als de uitbraak onder controle is, kunnen scholen alleen maar veilig open als we, naast alle andere voorgestelde maatregelen, regelmatig testen. Onder die voorwaarde kan ook het hoger onderwijs gedeeltelijk open. Het doel van uitgebreid testen is het opsporen en isoleren van asymptomatische gevallen. Screenen voor symptomen, zoals nu voorgesteld wordt, mist namelijk de meeste besmetten. Een analyse van de epidemie in Wuhan, gepubliceerd in Nature, vond dat zo slechts 15% van de besmetten opgespoord werden, omdat de meerderheid weinig of geen symptomen vertoonde. 

Als we wachten op het eerste symptomatische geval kan het dus even duren vooraleer we beseffen dat een uitbraak gaande is. Diezelfde studie in Wuhan heeft inderdaad uitgewezen dat zelfs als er initieel nul symptomatische gevallen zijn, het ongeveer vijf tot zeven weken duurt voor we een heropflakkering zien. We vissen dus achter het net, en dat bij de populatie die het minste symptomen vertoont en het virus het meest efficiënt verspreidt. We moeten daarom testen.

De wiskunde van testen toont bovendien aan dat testen het meest effectief is als de uitbraak onder controle is. Dan is de kans dat iemand die negatief test ook echt negatief is, heel groot. De kans dat iemand die positief test ook echt het virus heeft, is echter lager. Die positieve test moet dus herhaald worden om te bevestigen. Dat is net omgekeerd tijdens een uitbraak. Dit wil zeggen dat als we de scholen en hoger onderwijs openen als de epidemie op een laag pitje staat, regelmatig testen bijzonder efficiënt is om besmette mensen op te sporen als we positieve resultaten bevestigen met een tweede test. 

Door alle bevestigde positieve gevallen, hun klas en hun contacten te isoleren, houden we de scholen open en leggen we een belangrijke motor van een potentiële nieuwe uitbraak stil. Even belangrijk is dat we op die manier ook lokale uitbraken detecteren voor die evident worden. Het onderwijs kan dus fungeren als kanarie in de koolmijn.

De vraag stelt zich dan hoe dikwijls we moeten testen. Columbia University, waar ik werk, zal alle studenten testen vooraleer ze op de campus komen. Wie positief is, blijft nog twee weken thuis. Vervolgens worden regelmatig steekproeven uitgevoerd om te weten of het virus rondgaat onder de studenten. Die steekproeven kunnen vereenvoudigd worden worden door gepoold te testen. Stalen van meerdere studenten worden gemengd, en als zo een staal positief is, wordt er terug uitgebreider getest. De FDA heeft een dergelijke strategie van klinisch laboratorium Quest Diagnostics trouwens recent goedgekeurd.

We moeten ook nadenken over vaccinatiestrategie, mocht een vaccin beschikbaar zijn. Bij een tekort aan dosissen – een zeer waarschijnlijk scenario – werd door de Hoge Gezondheidsraad voorgesteld om onder meer ouderen eerst te vaccineren. Dat lijkt echter geen goed idee. Het griepvaccin bijvoorbeeld is namelijk veel minder efficiënt bij ouderen, al is het nog steeds nuttig . Misschien moeten we overwegen om prioriteit te geven aan jongeren. Daar werken vaccins veel beter. Dat laat hen toe onderwijs te volgen, legt alweer een motor van de uitbraak stil en beschermt de kwetsbare populaties.

De huidige wetenschappelijke gegevens suggereren dus zeer sterk dat we ons moeten concentreren op de jongeren en dat we uitbraken uitgaande van scholen vroeg moeten detecteren door een efficiënte teststrategie, die ook de scholen openhoudt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234